Bij Huijbregts lach je zelfs om beroerte

Cabaret Marc-Marie Punt, door Marc-Marie Huijbregts. Gezien: 8/11 in Schouwburg, Amstelveen. Tournee t/m 13/6. Inl. harrykies.nl****

Toen Marc-Marie Huijbregts eerder dit jaar uit de kast kwam als kalende man, in het tv-programma De Wereld Draait Door, wist niemand dat hij al „sinds eind vorige eeuw” een pruikje droeg. Niets leek zo goed bij elkaar te passen als zijn chaotische haardos en de chaos die zijn verteltrant kenmerkte – beginnen met een verhaal, zichzelf corrigeren, een andere kant inslaan, schijnbaar schrikken van zijn eigen woorden en na allerlei warrige tussenwerpsels toch weer verder gaan. Dat verklaarde zijn grote cabaretsucces: niet de kracht van puntig geredigeerde grappen, maar van de vrolijke warboel.

Marc-Marie Punt, zijn vierde, is niet wezenlijk anders. Gebleven zijn de persoonlijke verhalen, ditmaal ook over recente gebeurtenissen als een trip naar Afrika voor een tv-serie en de bekende Nederlanders die hij – al of niet tot zijn genoegen – heeft ontmoet in De Wereld Draait Door. Gebleven is tevens het feit dat hij van elke anekdote, hoe klein ook, een hoogst vermakelijk verhaal kan maken. En dat hij in staat is zijn publiek luidkeels te laten lachen om leed waarom eigenlijk helemaal niet mag worden gelachen. Zelfs de hersenbloeding van een oom wordt hier lachwekkend.

Maar nu dat door hem als cavia betitelde pruikje de hele avond op een paspop in een gewaad uit zijn vorige voorstelling prijkt, en hij zelf dus kaalhoofdig op het toneel staat, snijdt Marc-Marie Huijbregts bovendien de vraag aan wie hij in zijn nieuwe gedaante eigenlijk is.

Volgens zijn man („in de ogen van Karim zie ik altijd iemand die veel leuker is dan ik echt ben”), volgens zijn omgeving en volgens eigen waarneming. Hij doet dat in een paar oprecht klinkende overpeinzingen en door twee liedjes te zingen: het tere Ken je mij? Wie ken je dan? van Huub Oosterhuis en, met magnifiek elan, het uitdagende I am what I am uit de musical La cage aux folles. Als herboren.