Is de kant met gaatjes de bovenkant van de cracker?

Eindelijk weer een levensvraag. Het laat Aafke Bruin uit Groningen en haar vriend en schoonvader niet los. „Wat is de bovenkant van een cracker? De kant met de gaatjes of de vlakke kant?”

Navraag leert ons dat Aafke Wasa-knäckebröd met sesamzaad eet. We bellen met Wasa, dat al sinds 1919 crackers met gaatjes en vlakke kanten bakt.

„Je kunt het op twee manieren bekijken”, zegt Bas Brunt van Wasa Benelux. Van de productiekant en van de praktische kant. Van de productiekant bezien is de gaatjeskant de bovenkant. Brunt: „Deeg rijst naar boven en daarom is de onderkant vlak, net zoals bij brood.” In de Wasa-ovens, zo blijkt, liggen de knäckebrödjes allemaal met de vlakke kant naar beneden. Zo presenteert Wasa zijn producten ook op de website. „In onze communicatie is altijd de gaatjeskant belegd.”

Maar de praktijk is weerbarstig. Op het Wasa Beneluxkantoor in Vianen staat bij elke lunch Wasa knäckebröd op tafel. (Vooral de Solruta Spelt en Lijnzaad zijn favoriet.) Een collega van Brunt verklapt: „Die besmeren we aan de vlakke kant.” De onderkant dus.

Dat doet Brunt ook. Maar, haast hij zich te zeggen: „Het kan per consument verschillen. Sommigen willen juist extra boter in de gaatjes.”

Nu is gebleken dat beleg eigenlijk beter op de vlakke kant blijft zitten, weet Brunt. Daarom zit de crème van de dubbele Wasa Sandwich Cream tussen de twee vlakke kanten.

Maar dan is het inconsequent dat Wasa de crackers met de onhandige gaatjeskant naar boven presenteert. Tja, antwoordt Brunt. „Op de vlakke kant zit vaak nog een beetje bloem. De gaatjeskant ziet er wat aantrekkelijker uit.” 

Wasa verkoopt ook ‘coldbaked’ producten, voegt Brunt later in een e-mail toe. Zoals Wasa Lichtgewicht, Wasa Lijnzaad en Wasa Vezelrijk. In die crackers zit geen gist en daarom verschillen de twee kanten niet zo veel van elkaar. Handig voor wie nog steeds niet kan kiezen. Of niet van gaatjes in z’n cracker houdt.

Carola Houtekamer