Ik zoek meer dan alleen een land

Kris Kristinsson (40) houdt van reizen en maakte per toeval een film in Peru.

De film Ruta del Jaca draait nu in de bioscoop en was te zien op het Film Festival.

Aan de inrichting van zijn huis kun je zien dat Kris Kristinsson (40) een man van de wereld is. Aan het plafond hangt een Indiaas doek, in de kast staan Ecuadoriaanse maskers, aan de muur hangen foto’s uit Japan en bij binnenkomst biedt hij een kopje cocathee aan, uit Peru. Want zo verliep zijn reizend bestaan: na Japanologie in Leiden was hij drie jaar in Japan, een half jaar in India, drie maanden in Taiwan, een half jaar in Ecuador en vier jaar in Peru.

In dat laatste land maakte hij de film Ruta del Jaca, die deze week in première ging in de bioscoop. De film gaat over een jongen die naar de regio Huaraz in Peru gaat om uit te vinden hoe zijn ouders daar twintig jaar geleden omkwamen. De speelfilm oogt als een documentaire door het gebruik van een eenvoudige handcamera.

Kristinsson, die in Deventer opgroeide, had nog nooit een film gemaakt. Oorspronkelijk was het ook niet de bedoeling dat hij een film zou gaan maken – en dat die ook nog op het Nederlands Film Festival én in de bioscoop zou draaien, al helemaal niet. Maar hij deed het wel en bijna helemaal alleen. Op de aftiteling staat bij de disciplines regie, scenario, camera en montage alleen zijn naam.

Hoe maakt iemand per toeval een bioscoopfilm?

„Ik weet nog het moment dat we met vrienden in Huaraz bij elkaar zaten en iemand zijn fototoestel met filmfunctie liet zien. Huaraz is een prachtig gebied, riep ik, waarom maken we er geen film over? Iedereen reageerde enthousiast. Je moet weten dat 80 procent van de bevolking in de hoofdstad Lima het land wil verlaten. Als iemand van buiten hun land bezoekt en er ook nog een film over wil maken, is dat een teken van hoop. Peru heeft veel sociale en economische problemen. Er kwam een drang bij mij naar boven om iets te doen.”

En dat kon met deze film?

„Dat hoopte ik. Een ruwe versie heb ik eerder aan vierhonderd Peruanen laten zien. Na afloop was er een staande ovatie. Ik ben, denk ik ook een voorbeeld voor veel Peruanen, omdat ik heb laten zien dat een film maken met een simpele camera kan en niet duur hoeft te zijn. De film heeft, inclusief vliegtickets van de Amerikaanse hoofdrolspeler Matt Lorenz en mezelf, 10.000 euro gekost.”

Hoe kon dat voor zo weinig geld?

„Dat was deels te danken aan mijn site, huaraz.com. Ik plaatste er ter promotie van de regio reportages en foto’s op. In ruil voor onderdak of eten en drinken linkte ik door naar sites van hotels en restaurants. Huaraz.com trok veel bezoekers en de eigenaren kregen daadwerkelijk meer boekingen als ze op mijn site stonden. Ik had nooit veel gevraagd voor deze dienst en daar profiteerde ik van tijdens het maken van de film. Iedereen wilde me kosteloos helpen.”

Wat voor een film wilde u maken?

„Ik had Peruanen gevraagd waar ze het liefst naar kijken. Dat was een telenovela, een soapserie met bekende mensen in de hoofdrol. Ik wilde het voor de lokale televisie maken. Wat daar te zien is, is zo slecht, dat ik dacht: dat kan ik ook wel.”

Maar de film Ruta del Jaca, lijkt helemaal niet meer op een soap.

„Dat klopt. Alleen de vermeende liefdesrelatie tussen Rosalinda en Matt is overgebleven. Ik ben voor een half jaar naar Nederland gegaan om aan het script te werken. Terug in Peru bleek Sonia Morales, de lokale volkszangeres die ik had gevraagd mee te werken, een nationale bekendheid geworden. Het werd opeens belangrijk dat ik er ook echt iets goeds van zou maken. Ik had toch geen filmervaring dus vatte ik veel verschillende genres samen. Het had een spannend plot, maar is wel op werkelijke gebeurtenissen, waaronder de burgeroorlog, gebaseerd. Die oorlog ligt nog altijd zeer gevoelig dus het moest historisch gezien kloppen. Zo werd het uiteindelijk, mede nadat ik het script had voorgelegd aan verschillende filmmakers, een speelfilm.”

Dit is uw eerste film. Noemt u uzelf al filmmaker?

„Volgens mijn distributeur wel. Ik ben inmiddels alweer bezig met andere projecten. Zo heb ik een documentaire over een Britse kunstenaar gemaakt. Die probeer ik aan de BBC te verkopen. Ik ben ook begonnen met commercials. Het geld moet toch ergens vandaan komen. En ik heb net van YouTube-filmpjes twintig minuten film gemaakt. Het gaat over de coffeeshopcultuur van Nederland. Het speelt zich in Nederland, India en Marokko af. Ik heb een script geschreven en op YouTube de juiste beelden erbij gezocht.”

Enthousiast pakt Kristinsson zijn iPhone en start het filmpje. In beeld twee schermen met daarop afwisselend een Indiaas ritueel, een meisje dat blowt in haar ondergoed en een dansende hippiegemeenschap in India. Eronder in tekst het verhaal.

Ruta del Jaca is blijkbaar een goede leerschool geweest?

„Zeker. Het voelt een beetje alsof ik net ben afgestudeerd aan de filmacademie. Ik ben 40 en denk: wat ga ik in godsnaam doen? Er is zo veel wat ik kan. En ik heb al die verhalen in mijn hoofd van het reizen. Ik moet me gaan bezinnen: wat wordt de volgende stap? Ik word in elk geval geen technisch vertaler meer, zoals ik in Japan bij Yokogawa [bedrijf in elektrotechniek, red.] was. Ik ben zo gefocust geweest op het afmaken van die film, dat ik nu pas besef dat ik films kan maken.”

Uw leven lijkt van toevalligheden aan elkaar te hangen. Maakt u ook plannen?

„Het plan was dat ik een jaar of vijf in Japan zou blijven, omdat ik dacht dat het zolang zou duren om goed Japans te leren. Ik ben wel altijd met de flow meegegaan. Dus toen ik genoeg geld had verdiend, ben ik gaan reizen. Het plan was om weer naar India en Iran te gaan, zoals ik op mijn achttiende had gedaan. En ik wilde Spaans leren en Zuid-Amerika leren kennen, dus kocht ik het goedkoopste ticket dat ik kon vinden. Dat was Venezuela. Daarna wilde ik naar Spanje. Spanje heb ik alleen nooit meer bereikt, omdat ik een film ging maken in Peru. Ook de film was geen vooropgezet plan, alhoewel ik achteraf gezien stiekem altijd al een film wilde maken.”

Stiekem?

„Ik overwoog op mijn zestiende naar de filmacademie te gaan. Maar ik weet nog dat ik dacht: om een film te maken moet je eerst geleefd hebben en het is nuttig om andere culturen gezien te hebben. In Peru had ik voldoende moed om een film te maken. Sowieso moet je moed hebben om jouw verhaal aan de wereld te tonen. En zeker als het gaat over een land wat niet het jouwe is.”

Waar komt die drang vandaan om te reizen, om telkens in een andere omgeving te leven?

„Ik merkte het laatst nog toen ik getuige was bij een vriend in Tokio: ik ga meteen weer fotograferen. Een andere omgeving inspireert me. Misschien ligt het ook aan mijn afkomst. Mijn vader is IJslander, werd op zijn veertiende zeeman en is uiteindelijk hoogleraar in Delft geworden. Misschien zit er nog Vikingbloed in ons? Het is oprechte belangstelling naar hoe de wereld is. Maar dat reizen werd me wel wat oppervlakkig. Ik zie het bij jonge backpackers ook, dat ze iets willen doen, weeskinderen verzorgen of putten graven. Voor mij is het maken van een film een manier om te blijven reizen én om de verdieping te zoeken. Je zoekt naar een verhaal en leert het land echt kennen.”