De beste Wendeboeken

‘Het boek dat voor mij onlosmakelijk is verbonden met ‘Die Wende’ is Der Turm, van Uwe Tellkamp. Het boek laat de banaliteit zien. Mensen wonen in gevangenissen, maar zien nauwelijks nog dat het een gevangenis is. Het systeem glipt als een sluipmoordenaar je hoofd in. Een wereld op maar drie uur rijden van Enschede. De cultuurloosheid, bij elkaar op de koffie gaan, jaloers zijn: het dagelijks leven heeft Uwe Tellkamp goed beschreven. De alledaagse kant van het kwaad is het gevaarlijkst, niet de uitwassen. Tellkamp toont de totale werking van het systeem. Het meest adembenemende is de dagelijkse normaliteit van onvrijheid in een totalitaire samenleving.

Tellkamp laat zien hoe het individu vermalen raakt in het systeem. De vrijheid – daar zit ons probleem nu niet. Ons probleem is dat we houvast kwijt zijn. Er is Ostalgie én Westalgie. Ook het Westen heeft een wereld verloren. Een Europese Unie met zes landen was herkenbaar. Na de val zijn dingen gaan verschuiven. De Talibaan, die nu de grote vijand zijn, waren in de jaren tachtig nog de grote vriend van Amerika. Sommige partijen trekken daar profijt van. De dichotomie geeft houvast, maar als je die verabsoluteert vermaal je het individu.’

Frans Timmermans is staatssecretaris van Buitenlandse Zaken

‘Kort na de val van de muur op 9 november 1989 was het 14de Roemeense partijcongres. Ceausescu zou perestrojka en glasnost aankondigen. Men verwachtte verbetering. Maar de dictator zei: „Er zullen eerder appels aan perenbomen hangen voordat jullie veranderingen zien.” Een paar studenten hebben toen appels opgehangen. Collega’s zeiden: deze dictatuur duurt nog minstens vijf jaar. Het boek dat voor mij verbonden blijft met de val van de Muur is Romania: The Entangled Revolution van Nestor Ratesh uit 1991. Zelf was hij er in 1989 niet bij. Roemenen die er wel bij waren hebben gekleurde of verwarde herinneringen. Het was ook verwarrend. Na de speech van Ceausescu raakte het volk in depressie. Maar toen was er ineens een dominee in Timisoara die zich verzette tegen zijn gedwongen overplaatsing. Toen ze hem wilden verwijderen ging het volk letterlijk om hem heen staan. Het escaleerde, er vielen schoten. Sommige ambassadeurs vertrokken. Dagen later kwam mijn Franse collega een vergadering binnenrennen en verklaarde: „Timisoara est libéré”. Dat ging ons door merg en been.

Toen Ceausescu uit Iran terugkeerde plande hij de gebruikelijke solidariteitsbetoging. Arbeiders werden opgehaald om te juichen. Maar eentje riep: Timisoara, Timisoara en daarna volgde iedereen. Je hoort Ceausescu’s vrouw nog zeggen: „Zeg dat je de minimumlonen verhoogt, zeg dat ze een pond extra vlees krijgen.” De dagen daarna werden de protesten groter en uiteindelijk viel Ceausescu. Hij heeft waarschijnlijk nooit begrepen waarom het volk zich tegen hem keerde.’

Coen Stork was ambassadeur in Roemenië tijdens de val van Ceausescu.

‘Het boek Das Ende der SED. Die letzten Tage des Zentralkomitees, is de beste voorstelling van de val van de Muur. Het bevat namelijk de notulen van acht vergaderingen van het hoogste lichaam van de SED (Sozialistische Einheitspartei Deutschlands) tussen 18 oktober en 3 december. Het leest als een toneelvoorstelling over totale machteloosheid. Doordat de notulen verbatim zijn opgenomen kun je alle interrupties teruglezen. ‘Starke beifall’ staat er dan, of, ‘Ach du Scheißkerl, das ist doch unglaublich’. Uit allerlei interventies wordt duidelijk dat de leden geen benul hadden van het totale failliet van de Staat. Ze waren van de wereld afgedreven. Jarenlang hield men elkaar voor de gek. Honecker, Mittag, Jarowinsky, iedereen loog, en daardoor had ook niemand zicht op de werkelijkheid. Het mooie is dat buiten de massaprotesten in volle gang zijn.

En opeens moeten ze verklaringen afleggen: waarom is het land dan failliet? Zijn onze computertechnici dan niet de beste ter wereld? Hoe kan dat?

De schuldigen – allemaal keurige partijleden – moesten bekennen en werden verwijderd. Honecker als eerste. Met welke autoriteit dat gebeurde? Nou, zo ging dat daar niet, er waren gewoon allemaal kliekjes en als het draagvlak groot genoeg was, dan zette je gewoon iemand af. Zo was Honecker toch zelf ook aan de macht gekomen!

Jarenlang is iedereen voor de gek gehouden. Volmaakte waanzin. Veel van de betrokkenen heb ik gekend, ik ‘zie’ het ze zeggen. Toen ik het boek in 1997 las, dacht ik doorlopend: ja, nu begrijp ik het, nu begrijp ik het volkomen.’

F. Springer (pseudoniem van Carel Jan Schneider) was vier jaar ambassadeur in de DDR

Leonhard de Paepe