Fed: rente VS blijft nog half jaar zeer laag

Het Amerikaanse stelsel van centrale banken, de Federal Reserve, heeft gisteren de belangrijkste rentevoet ongemoeid gelaten, en tevens aangekondigd dat voor een „aanzienlijke periode” zo te houden. De beslissing van de Fed kan gezien worden als teken dat de Amerikaanse economie nog lang niet sterk genoeg is om op eigen kracht te groeien.

De term „aanzienlijke periode” wordt over het algemeen gedefinieerd als een half jaar. De Fed verlaagde in december vorig jaar de rentevoet naar een marge tussen de 0 en 0,25 procent. Sindsdien is de rente ongewijzigd gebleven. In navolging van de Fed zetten ook de Europese Centrale Bank (ECB) en de Bank of England hun rentes op historisch lage niveaus. De ECB hanteert sinds mei 2009 een rente van 1 procent, de Bank of England sinds diezelfde maand een rente van 0,5 procent. De verwachting is dat beide centrale banken hun rentes vandaag ook ongemoeid laten, gezien de staat van de Europese en Britse economie.

Het besluit om de rente te verlagen is genomen om banken goedkoop toegang te geven tot kapitaal. Door de crisis lenen banken nauwelijks nog geld aan elkaar uit, en met het geld van de Fed hoopt de centrale bank de economie toch op gang te houden. Het risico van een lage rente die lang aanhoudt, is dat er een overvloed aan liquiditeit op de geldmarkt komt. Banken gaan dan op zoek naar hoogrenderende, risicovolle producten om in te beleggen. Dat is een van de oorzaken geweest van de crisis.

Voor het eerst sinds het uitbreken van de crisis, in augustus 2007, gaf de Federal Reserve gisteren echter ook aan dat als de economische groei de komende maanden meevalt, de rente eerder omhoog kan. Volgens de Fed sterkte de Amerikaanse economie de afgelopen weken wel iets aan, maar is het herstel nog altijd zwak. Daarmee geeft de Fed zelf aan te verwachten dat de rentestijging onwaarschijnlijk is.

Toch reageerden de financiële markten nerveus op het nieuws dat de rente mogelijk eerder omhoog gaat. De S&P 500 leverde de dagwinst van 0,9 procent weer in, de dollar kwam onder druk te staan, en staatsobligaties stegen in koers. Tegelijkertijd vinden analisten dat de Fed zich te weinig zorgen maakt over de risico’s van inflatie die mede door het beleid van de centrale bank zelf fors zijn toegenomen.

De Federal Open Market Committee van de Fed, die haar zeswekelijkse vergadering hield, maakte gisteren tevens bekend dat de toegezegde 200 miljard dollar steun aan hypotheekgiganten Freddie Mac en Fannie Mae met 25 miljard verlaagd wordt. Dat is geen principiële wijziging van het beleid, er is domweg te weinig aanbod van schuldpapier van Fannie en Freddie om de 200 miljard op te maken. De rest van het opkoopprogramma van de Fed, 1.250 miljard dollar, blijft ongemoeid. Voor dat bedrag koopt de Fed hypotheekobligaties uit de markt. Ook wordt er voor 300 miljard aan staatsobligaties opgekocht.