Jack White's nieuwe hobby

Rock The Dead Weather, 3/11 Melkweg Max, Amsterdam****

Jack White van The White Stripes is zo langzamerhand meer tijd kwijt aan zijn hobbyprojecten dan aan zijn band. Na The Raconteurs is er nu The Dead Weather, waarin hij de nederige positie van drummer inneemt achter zangeres Alison Mosshart van The Kills. Het project dient onder meer om vinylplaten met rauwe bluesrock te vullen, geperst in de eigen fabriek die White stichtte in Nashville.

Debuutalbum Horehound is een rafelig samenstel van blues, garagerock en primitieve elektropop, waarin Mosshart een nog heftiger keel opzet dan bij The Kills. Waar dat op de plaat nog niet helemaal overtuigend gebeurde, is ze na enkele maanden toeren met The Dead Weather gegroeid in haar rol van frontvrouw.

Jack White is een heel aardige drummer, die sporadisch naar voren komt voor een partij smerige bluesgitaar en die het zingen nog niet verleerd is. De rest laat hij over aan bassist Jack Lawrence uit The Raconteurs en gitarist Dean Fertita van Queens Of The Stone Age, die op de aangewezen momenten goed raad weet met een orgel in de ronkende traditie van Deep Purple. Met de tegelijk feeërieke en hekserige Mosshart zijn ze een machtige liveband, die stuwt als een bulldozer en die lekker gemeen kan snerpen. Het zal de nodige moeite gekost hebben, om zulke dure gitaren zo goedkoop te laten klinken.

Opvallend genoeg was het niet het fragiele meisje, maar de gespierde White die voor rustmomenten zorgde in You just can’t win en Rocking horse, nummers met een wat lager tempo dan de opgevoerde bluesrock waarin Mosshart haar furieuze krijsstem de vrije loop liet. Mooi zingen kon ze ook, in het duet Will there be enough water dat herinnerde aan de chemie tussen Robert Plant en Sandy Denny bij Led Zeppelin. Als The Dead Weather de kans krijgt zich te ontwikkelen tot het ontembare rockbeest dat gisteren in Amsterdam zijn tanden liet zien, zijn ze een aanwinst voor het volgende festivalseizoen. Misschien nog wel meer dan The White Stripes en The Kills bij elkaar, want dat blijven duo’s, met alle beperkingen van dien.