General Motors houdt Opel zelf

De Amerikaanse automaker General Motors verkoopt Opel toch maar niet. Opel loopt zo waarschijnlijk 4,5 miljard staatssteun mis en wacht een grote sanering.

Het stond niet in het draaiboek van bondskanselier Merkels korte reis naar Washington. Haar succesvolle optreden, gisteren, voor beide huizen van het Amerikaanse Congres werd een paar uur later vrijwel teniet gedaan door nieuws dat Duitsland in het hart raakt: het Amerikaanse autoconcern General Motors ziet af van de verkoop van zijn Duitse dochter Opel.

De beslissing is pijnlijk voor Merkel, die veel tijd en energie heeft gestoken in politieke bemoeienis met het Opel-dossier. Het betekent aanhoudende onzekerheid voor de Opel-werknemers in Duitsland en andere Europese landen. Een harde saneringsronde door de nieuwe, oude eigenaar is vrijwel zeker op komst. De Duitse ondernemingsraad van Opel bereidt stakingen voor.

Maandenlange onderhandelingen, in september beklonken met een schijnbaar waterdicht akkoord over de verkoop van Opel aan de Canadese autotoeleverancier Magna – waar ook Russisch geld achter zat – werden gisteren in één klap ongedaan gemaakt door de raad van commissarissen van General Motors. Belangrijkste reden, zo klinkt het vanuit Detroit, „is de verbetering van het zakelijke klimaat in Europa en de financiële kracht en stabiliteit van GM”.

Het is onduidelijk of bondskanselier Merkel en de Amerikaanse president Obama gisteren tijdens hun overleg in Washington over Opel hebben gesproken. In Berlijn wordt gezegd dat het besluit op dat moment nog niet bekend was. Vast staat wel dat een aantal bestuurders en commissarissen van GM op aanwijzing van Washington is benoemd, nadat het concern bij de Amerikaanse overheid had aangeklopt voor staatshulp. Hoe het ook zij, de mededeling van het GM-bestuur is in Berlijn en in de Duitse autowereld ingeslagen als een bom.

Merkels woordvoerder Ulrich Wilhelm laat in een eerste reactie spijt en verontwaardiging over het Amerikaanse voornemen doorklinken. De Duitse regering verwacht dat GM een overbruggingskrediet voor Opel van 1,5 miljard euro snel terugbetaalt. Het is onwaarschijnlijk dat de aan Magna toegezegde kredietgaranties van 4,5 miljard euro ook voor GM zullen gelden. De circa 25.000 Duitse Opel-werknemers moeten zich instellen op een fors hardere sanering dan onder Magna de bedoeling was. Nu al wordt rekening gehouden met mogelijke sluiting van de Opel-fabrieken in Bochum en Kaiserslautern. Buiten Duitsland loopt de fabriek in Antwerpen gevaar. GM heeft al 3 miljard euro gereserveerd voor het doorvoeren van saneringen bij Opel.

Vervolg Opel: pagina 15

Herwonnen zelfvertrouwen bij GM

Auto-industrie GM denkt Opel veel goedkoper te kunnen saneren dan Magna

De voorzitter van de ondernemingsraad van Opel, Klaus Franz, zegt dat het personeel afziet van het juist gisteren beklonken plan om salaris in te leveren. „Dat hadden we alleen gedaan als Magna eigenaar was geworden. Maar nu ligt alles weer open. Nu komt het oude saneringsplan van General Motors weer op tafel”. Franz dreigt met stakingen „in heel Europa” tegen reorganisaties door General Motors.

Met het in Amerikaanse handen blijven van Opel ontstaat ook voor Brussel „een geheel nieuwe situatie”, zo viel vanmorgen in Berlijn te beluisteren. Hoewel Eurocommissaris Kroes (Mededinging) de toegezegde hulp aan Opel fel had bekritiseerd, heeft ze de staatssubsidie toch goedgekeurd met als doel de Opel-fabrieken open te houden. Wel maakte ze duidelijk dat de Duitse staatssteun niet automatisch gekoppeld mocht zijn aan de overname door Magna. „Nu hangt het ervan af wat GM gaat doen, en vooral of de Amerikanen ook steun van de Duitse regering krijgen”, aldus een ingewijde.

Het gevecht om Opel is de afgelopen zes maanden uitgegroeid tot een industrieel-politiek drama in vele akten. Uitgerekend in het Duitse verkiezingsjaar besloot het bijna failliete General Motors tot verkoop van zijn Europese tak, waarvan het Duitse Opel de hoofdmoot vormt. Opel mag niet worden meegezogen in een bankroet van het moederbedrijf, vond de Duitse politiek. Met de stembus in zicht werd steun beloofd en begon een gevecht om de overname van Opel door buitenlandse gegadigden. De Duitse staat heeft daarin steeds een hoofdrol gespeeld.

Uiteindelijk trokken de Canadese autotoeleverancier Magna en de Russische Sberbank op 10 september aan het langste eind. General Motors zou aan dit gelegenheidsconsortium 55 procent van zijn aandelen verkopen. Het concern zou 35 procent zelf houden en 10 procent had bij het Opel-personeel terecht moeten komen. GM-topmanager John Smith was persoonlijk naar Berlijn gereisd om dit nieuws, mede namens zijn baas Fritz Henderson, wereldkundig te maken.

Maar al snel daarna klonken twijfels vanuit Detroit door. De deal met Magna lag niet lekker. Vooral het feit dat duurbetaalde en deels geheime Opel-technologie mede in Russische handen komt – achter de Sberbank schuilt de noodlijdende Russische autofabrikant GAZ – zat de Amerikaanse bestuurders dwars. Dit in combinatie met de intussen verbeterde marktomstandigheden en de grotere financiële slagkracht van GM sinds het concern een doorstart maakte, heeft nu tot de verbluffende conclusie geleid dat Opel toch bij General Motors blijft. Het zegt iets over het herwonnen zelfvertrouwen van de Amerikanen en de kennelijk geslaagde wedergeboorte van GM. Het bestuur vindt zijn eigen plannen beter dan de Duitse en die van Magna en Sberbank.

De gevoeligheid van de Duitse politiek over Opel werd gisteravond nog eens duidelijk door de verbeten reactie van Roland Koch, de premier van de deelstaat Hessen. In het Hessense Rüsselsheim is het Duitse hoofdkantoor van Opel gevestigd. Koch is er woedend over dat „de onderhandelingen en de best mogelijke oplossing voor Opel door toedoen van GM zijn mislukt”. Met het oog op de „negatieve ervaringen met de ondernemingspolitiek van GM in de laatste jaren” vreest Koch voor de toekomst van Opel en de werkgelegenheid van het concern.

De gang van zaken bij Opel was vandaag het belangrijkste onderwerp van gesprek in het beraad van het nieuwe kabinet-Merkel. De kwestie is een vuurproef voor de nieuwe minister van Economische Zaken Rainer Brüderle van de liberale FDP. Hij is tegenstander van staatssteun. Maar Opel is Chefsache. Bondskanselier Merkel heeft het laatste woord. De Duitse regering kan zich, zo luidt een veelgehoorde opvatting, ook ná de verkiezingen niet permitteren om duizenden Opel-werknemers in de kou te laten staan.

General Motors belooft zijn herstructureringsplan „spoedig” aan Duitsland en andere regeringen voor te leggen, „en hoopt daarbij op welwillende toetsing”, aldus bestuursvoorzitter Henderson in een schriftelijke verklaring. „We begrijpen dat de complexiteit en duur van dit onderwerp voor alle deelnemers uitputtend is geweest. Ons doel was steeds een oplossing voor de lange termijn te vinden, voor onze klanten, werknemers, toeleveranciers en dealers. De huidige beslissing weerspiegelt dat.” De GM-topman noemt het besluit waarmee de toekomst van Opel moet worden veiliggesteld „stabiel en uit kostenoverwegingen gunstig”.

General Motors schat de saneringskosten bij Opel in Europa beduidend lager in dan Magna en andere marktpartijen. Die kwamen allemaal op rond de 4 á 5 miljard euro uit, terwijl GM het voor 3 miljard euro denkt te kunnen.

Duitse auto-experts zijn sceptisch over het besluit van GM. Professor Ferdinand Dudenhöffer zei tegen het Duitse persbureau DPA: „GM begint aan z’n zoveelste sanering bij Opel. Maar nu met gedemotiveerde werknemers, een aangeslagen management en enorme verliezen die gefinancierd moeten worden.”

Lees eerdere artikelen over Opel via nrc.nl/economie