AC Milan-Real slechts een helft aardig kijkspel

AC Milan1Real Madrid1

Ruststand 1-1. 29. Benzema 0-1, 35. Ronaldinho 1-1 (pen). Scheidsrechter: Brych (Dui). Toesch: 75.000

AC Milan-Real Madrid, het is zo’n affiche tussen de weinig tot de verbeelding sprekende wedstrijden in de Champions League waar je veel van verwacht. Een duel tussen twee voetbalgrootmachten uit Italië en Spanje. Een wedstrijd waarin gevestigde namen als Iker Casillas, Kaká, Ruud van Nistelrooy, Clarence Seedorf, Ronaldinho en Filippo Inzaghi samen met talenten als Karim Benzema, Gonzalo Higuain en Alexandre Pato het voetbalpubliek mogen vermaken.

De zo hooggespannen verwachtingen kwamen gisteravond in het San Siro in Milaan alleen in de eerste helft uit. Het voetbal was weliswaar niet altijd hoogstaand, maar wel amusant om naar te kijken. Na rust waren beide elftallen te moegestreden om na de 1-1 ruststand nog vol voor de zege te gaan. AC Milan en Real Madrid namen genoegen met een punt en houden daarmee beide uitzicht op de volgende ronde.

Vlak voor de dertiende onderlinge ontmoeting, op het moment dat de Braziliaanse ster Kaká in het wit van de Spaanse landskampioen het veld van zijn oude werkgever betrad, gaven de fans van de rossoneri hem een staande ovatie. Het publiek in Milaan was de middenvelder dankbaar voor de vele mooie momenten die hij hun de afgelopen jaren schonk. Dat Kaká voor 65 miljoen euro de overstap naar de ‘Koninklijke’ maakte, werd hem vergeven.

In Milaan houden ze nog altijd vele malen meer van Kaká dan van Klaas-Jan Huntelaar, die voor 15 miljoen euro overkwam van Real Madrid. De Nederlandse spits werd vreemd genoeg gepresenteerd als de opvolger van de Braziliaanse spelmaker. Maar de statische Huntelaar lijkt in niets op Kaká. Coach Leonardo gaf in de spits wederom de voorkeur aan de Italiaan Marco Borriello.

Kaká en Huntelaar waren gisteravond niet de enige twee voetballers die zowel in het zwart-rood van AC Milan als in het wit van Real Madrid speelden. Ook de Nederlander Seedorf, die zijn 143ste internationale clubwedstrijd onder de vlag van de UEFA afwerkte, kwam uit voor beide clubs. In het verleden schitterden Christian Panucci, Fernando Redondo, Pablo García, Ronaldo, Emerson en David Beckham zowel in het San Siro als in het Santiago Bernabéu.

Na de 3-2 overwinning van AC Milan twee weken geleden in Spanje, was Kaká er met Real Madrid alles aan gelegen om sportieve revanche te nemen. De sierlijke middenvelder nam vanaf het begin het heft in handen. Het was een tijdje wat stiller geweest rond de Braziliaanse international, maar sinds de blessure van wereldster Cristiano Ronaldo zijn de ogen weer op Kaká gericht.

Na een half uur was het Kaká die aan de basis stond van de openingstreffer. De nummer acht van Real Madrid ging eenvoudig langs Seedorf en haalde hard uit op het doel. De matig keepende Dida kon de bal ternauwernood keren, maar was kansloos op de rebound van Benzema: 0-1. Het doelpunt van de Fransman was het eerste doelpunt van Real Madrid in San Siro in 53 jaar.

Kaká, Benzema en de rest van de selectie van coach Manuel Pellegrini konden niet lang genieten van de voorsprong. In de enerverende eerste helft maakte Ronaldinho in de 35ste minuut via een strafschop gelijk. Kort daarop leek Milan zelfs via Pato op voorsprong te komen maar de treffer werd om onduidelijke redenen afgekeurd.

In de tweede helft vielen beide ploegen ver terug. De ‘oudjes’ Raúl, Van Nistelrooy en Inzaghi konden als invallers het verschil niet maken. Het had iets weg van vergane glorie. Het mooie affiche was snel vergeeld.