Voorbarige ophef over extremisme

De herdenking van de moord op Theo van Gogh en een conceptrapport over radicalisering zorgden voor ophef. Maar wat is er echt aan de hand?

Uit behoefte om hem beter te kunnen plaatsen en politiek te bestrijden worden op Geert Wilders veel etiketten geplakt. Wilders en zijn PVV zijn conservatief-liberaal, sociaal-economisch links, cultureel rechts, populistisch. En xenofoob of extreem-rechts. Er ontstaat geregeld ophef over, niet in de laatste plaats doordat Wilders fel protesteert tegen deze kwalificaties.

Dat was de afgelopen dagen opnieuw het geval. Gisteren werd de moord op Theo van Gogh, vijf jaar geleden, in praatprogramma’s en in kranten herdacht. Het ging deze dag extra over vrijheid van meningsuiting en over islamisering. Het waren de gebruikelijke politici die op elkaar reageerden: minister Van der Laan (Integratie, PvdA) probeert qualitate qua een antwoord op Geert Wilders te vinden, D66-leider Alexander Pechtold lijkt groot te worden dankzij zijn strijd tegen de PVV. En Wilders zelf natuurlijk, die zich graag afzet tegen de elite en de spartelende PvdA. Hij noemde Pechtold en Van der Laan „politieke handlangers” van Van Goghs moordenaar Mohammed B.

Maar hoe concreet was eigenlijk de aanleiding voor de ophef? Zaterdag berichtte de Volkskrant dat er een rapport in de maak is dat Geert Wilders omschrijft als extreem-rechts, als een gevaar voor de staatsveiligheid en als een politicus die de democratie ondermijnt. Het rapport wordt in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken vervaardigd, en er zou, aldus de Volkskrant, onenigheid met de drie onderzoekers zijn. Het ministerie zou wegens politieke gevoeligheid conclusies willen afzwakken.

Wilders reageerde meteen op de bekende wijze. Hij stelde dat hij een democraat in hart en nieren is. „Dit is de zoveelste schandelijke en ziekelijke poging van de elite ons te demoniseren en PVV en al onze kiezers proberen de mond te snoeren!”

Maar is er wel een rapport met dergelijke inhoud? Radicaliseringsdeskundige Hans Moors, een van de drie onderzoekers, zegt dat er een concept is, vooralsnog zonder conclusies. De eindversie moet over circa drie weken klaar zijn. Er staat volgens hem niet in dat Wilders de democratie ondermijnt of staatsgevaarlijk is.

Moors noemt het rapport een „invuloefening”, en een „geactualiseerde versie” van de in december 2008 door de Anne Frank Stichting uitgebrachte monitor over extremisme en radicalisering. Daarin werd de PVV al extreemrechts genoemd.

Vervolg Wilders: pagina 3

Onderzoeker weerspreekt onenigheid met ministerie

Die kwalificatie kreeg de PVV omdat de partij een positieve oriëntatie op het eigene heeft en een afkeer van ‘het vreemde’ en van de gevestigde politiek. Wilders distantieert zich altijd van extreemrechts. Hij wil een brede volkspartij vormen, en wil voorkomen dat personen van organisaties als Voorpost of de Nederlandse Volksunie bij de PVV betrokken raken. Zijn reactie in december was volgens de vaste lijn: „Ze zijn helemaal van de pot gerukt.”

Volgens onderzoeker Hans Moors wordt in het concept opnieuw gesteld dat Wilders onder de noemer ‘extreemrechts’ valt. En dat hij bijdraagt aan de polarisatie. Moors ontkent dat er onenigheid is met het ministerie. Er is alleen discussie geweest over sommige definities. „Wij wetenschappers hanteren soms andere definities dan de overheid. Maar dat is een wetenschappelijke, onderzoeksmatige discussie, geen politieke.”

Hoewel het rapport nog slechts in de conceptfase verkeert en er niets nieuws in gesteld lijkt te worden, reageerde Alexander Pechtold er op. Hij zei in de Volkskrant van maandag dat hij al drie jaar beweert dat Geert Wilders een racist en extreemrechts is. „Maar nu eindelijk is er een wetenschappelijke onderbouwing.”

Van der Laan gaf een interview aan De Pers, ook in het kader van de Van Gogh-herdenking. „Grote aanhang PVV bedreigt de rechtsstaat” was de kop, hoewel Van der Laan letterlijk iets anders zegt: „Als één iemand iets geks roept moet je niet meteen denken: is dat gevaarlijk voor de rechtsstaat? Maar als veel mensen dat roepen. Dan is dat iets waar je rekening mee moet houden.” De interviewer vraagt dan of hij de grote aanhang van de PVV bedoelt. Van der Laan zegt dan: „Ja, al denk ik niet dat dat realiteit zal worden. Daar ben ik heel optimistisch over.”

Voor Wilders waren de uitlatingen van Pechtold en Van der Laan aanleiding om te stellen: „Als er ooit wat gewelddadigs gebeurt tegen mij of de PVV en haar aanhangers dan weet iedereen vanaf nu dat Van der Laan en Pechtold aan een klimaat hebben bijgedragen waarin dat voor sommige gekken mede op grond van hun demoniserende opmerkingen gerechtvaardigd leek.”

Moors krijgt intussen hatemails, want hij zou Wilders demoniseren. „En dat terwijl wij het in ons rapport over allerlei soorten extremisme hebben, ook over islamitische radicalisering, dierenactivisme en links extremisme.”