Bezoedelde Karzai

Behalve door de Talibaan, die hem een „marionet van het Westen” noemen, is president Karzai van Afghanistan her en der gefeliciteerd met zijn herverkiezing. Ook de Amerikaanse president Obama en secretaris-generaal Ban van de VN lieten zich positief uit over de beslissing van de Afghaanse kiescommissie om zaterdag geen tweede ronde te houden, nadat tegenkandidaat Abdullah zich zondag had teruggetrokken omdat hij niet gelooft in een eerlijk verloop.

Die beslissing lag voor de hand. Bij verkiezingen moet er wat te kiezen zijn. Bovendien is een stembusgang in het toch al verscheurde Afghanistan bij voorbaat al een logistieke nachtmerrie. Dus waarom zou de bevolking weer met gevaar voor eigen leven moeten gaan stemmen?

Maar een nederlaag is het wel. Ook voor het Westen dat aan een „stabiel en democratisch Afghanistan” wil werken, zoals de Nederlandse regering vier jaar geleden schreef om de noodzaak van de missie in Uruzgan te onderstrepen. Bijna alle landen van de International Security Assistance Force (ISAF) hebben zich in de luren laten leggen door hun eigen wensdenken dat de verkiezingen een stap voorwaarts waren.

President Obama oefende, via senator Kerry, vorige maand daarom maximale druk uit op Karzai om hem te bewegen tot een tweede ronde. Nu dat door de terugtrekkende beweging van Abdullah vergeefse moeite blijkt te zijn geweest, is hij maar begonnen aan een tweede ronde pressie. Karzai moet zijn goede wil tonen met de vorming van een brede coalitieregering en een doortastend hervormingsbeleid. Karzai heeft daar vandaag verbaal gehoor aan gegeven. In een overwinningsrede nodigde hij alle etnische groepen uit voor een nationale regering. Met Abdullah, die zelf geen post als premier zegt te ambiëren, onderhandelt hij daar ook over. Karzai riep de Talibaan als „broeders” op zich bij hem te voegen. En hij beloofde zelfs de corruptie uit te roeien.

Het is goed om de president aan deze beloftes te houden. Maar al te veel illusies moeten niet worden gekoesterd. De Talibaan bejubelen de afgelasting van de verkiezingen als een overwinning. Hoe pijnlijk het ook is dat toe te geven, deze claim is niet helemaal onzinnig.

Het maximaal haalbare is een zo breed mogelijke regering, die geen fraai democratisch mandaat maar tenminste wel verwantschap met de verschillende etnische groepen heeft.

Maar belangrijker is een realistischer idee over de positie van de smoezelig herkozen president. Karzai laat telkens weer blijken dat hij een eigen positie heeft. Die is verweven met allerlei etnische en commerciële belangen waar de ISAF geen greep op heeft. Hij is geen „marionet van het Westen”. Karzai domineert de agenda van het Westen meer dan andersom. Telkens weet hij voldongen feiten te creëren, waarop de VS en bondgenoten dan een antwoord moeten zoeken.

Nederland moet dat al heel snel: als regering en parlement zich buigen over de toekomst van de missie in Uruzgan.

Nu de ideële doelen van vier jaar geleden door Karzai zijn gelogenstraft, is een nuchterdere beoordeling geboden.