Heracles staat zesde en is ook nog eens gezond

Heracles Almelo3FC Utrecht1

Ruststand 2-1. 15. Silberbauer 0-1, 23. Overtoom 1-1, 31. Everton 2-1, 47. Douglas 3-1. Scheidsrechter: Luinge. Toeschouwers: 8.450.

Jan Smit loopt na de 3-1 overwinning van Heracles op FC Utrecht met een grote grijns de businessclub van de voetbalclub uit Almelo binnen. Als de voorzitter de vader van trainer Gertjan Verbeek tegen het lijf loopt, begroet hij hem enthousiast. „Je zoon komt hier weer helemaal tot leven, hè? Dit was de beste wedstrijd ooit van Heracles. Waar we nu staan is een droom.”

Heracles staat na de twaalfde speelronde verrassend op de zesde plaats in de eredivisie. Aan het begin van het seizoen was directe handhaving de doelstelling van de club die met 8,4 miljoen euro na RKC Waalwijk over de laagste begroting beschikt. Heracles heeft niet alleen zeventien punten meer dan de nummer achttien uit Noord-Brabant, maar is daarnaast ook nog eens helemaal gezond. „Ik ben er trots op dat het hier nu zowel sportief als financieel voor de wind gaat”, stelt Smit. „Wij bewaren op alle fronten rust. Dat is onze lijn.”

Heracles is een van de tien clubs uit het betaald voetbal die door de licentiecommissie van de KNVB is ingedeeld in de zogenoemde categorie 3. De voetbalbond ziet de club als een rolmodel voor anderen. Smit, die dertig jaar gerechtsdeurwaarder is geweest, heeft het altijd als zijn plicht gezien Heracles te behoeden voor financiële problemen. „Ik kom bij de mensen aan de deur om geld te halen, dan kan ik het me natuurlijk niet permitteren zelf schulden te maken”, zegt Smit lachend. „Maar je moet gewoon nooit meer geld uitgeven dan er binnenkomt. Dat andere clubs zoals RKC dat wel doen, zie ik als oneerlijke concurrentie. Ik zou het persoonlijk heel vervelend vinden als we bij de gemeente Almelo zouden moeten aankloppen voor geld. Maar dat wil niet zeggen dat ook wij niet steeds de eindjes aan elkaar moeten knopen.”

Heracles heeft volgens voorzitter Smit dit seizoen bewust geïnvesteerd in een nieuwe trainer. „Verbeek is voor onze club een dure coach, maar hij is wel iemand die spelers tien tot vijftien procent beter kan maken. Zo betaalt hij zichzelf terug”, legt Smit uit. Daarnaast is de inbreng van oud-speler Nico-Jan Hoogma volgens Smit heel belangrijk. „Hij zit als algemeen directeur nu al drie jaar op kantoor. Ik kan met een gerust gevoel van alles aan hem overlaten.”

Hoogma staat een paar meter verderop in de businessclub op ingetogen wijze de zesde zege van het seizoen te vieren. „Het is mooi te zien dat de club nu een sportieve groei doormaakt. Ik ben zeventien jaar profvoetballer geweest en ik ben blij dat ik in een andere functie nu mee kan werken aan de toekomst van deze club”, zegt Hoogma.

Als het aan de clubleiding ligt, speelt de formatie van Verbeek over anderhalf jaar in een nieuw stadion, dat plaats moet bieden aan vijftienduizend toeschouwers. De begroting zou dan naar circa vijftien miljoen euro moeten. „Als we een stabiele club in de eredivisie willen worden dan is een nieuw stadion een must”, stelt Hoogma. „Alleen dan kunnen we echt doorgroeien. Maar we zullen het op onze eigen wijze blijven doen. We wijken niet van onze lijn af.”

Hard werken en nuchter blijven is het credo in Almelo. Voorzitter Smit verklapt dat hij voor het duel met FC Utrecht trainer Verbeek te verstaan heeft gegeven dat hij de spelers nu extra scherp moet houden. Smit: „Juist nu het goed gaat, moet de beleving bij iedereen groot zijn. Gelukkig heb ik dat teruggezien.”

Na een matig begin van de eerste helft waarin FC Utrecht na een kwartier spelen via Michael Silberbauer op een voorsprong komt, tonen de spelers van Heracles een enorme vechtlust. Met doelpunten van Willie Overtoom, Everton en Darl Douglas wordt FC Utrecht vooral op karakter verslagen. „Niemand is de baas in Almelo!”, scandeert het publiek massaal als scheidsrechter Roelof Luinge affluit.

„Als een geboren Almeloër voelde ik precies wat de ploeg losmaakte bij het publiek”, legt Smit uit. „Dat heeft met het verleden van Almelo te maken. Het was een textielstad – de mensen hebben altijd een calimerogevoel gehad. Maar de trots is groot. Iedereen wil weer bij de club horen. Niemand is de baas in Almelo! Prachtig toch?”

In de businessclub is de stemming onder de Heraclieden euforisch, maar trainer Verbeek blijft ondertussen naar buiten toe de nuchterheid zelve. „Ik denk dat het logisch is dat we staan waar we nu staan”, stelt de trainer die vorig jaar na een half seizoen bij Feyenoord vertrok. „Maar we moeten gewoon met beide benen op de grond blijven. We zijn nog niet eens halverwege. Ik ben hier op mijn manier aan het werk gegaan. Ik heb eerst eens rustig gezocht naar de beste formatie en de daarbij passende tactiek. En daar houden we keurig aan vast.”