Goede reclame voor ploeg zonder sponsor

Annette Gerritsen was bij de NK afstanden de beste op de 500, 1.000 en 1.500 meter. Met het oog op de Spelen in Vancouver heeft de schaatsster nu misschien een luxeprobleem.

Rob Schoof

Dat Annette Gerritsen in de vorm van haar leven verkeert, is een understatement. Drie gouden medailles bij de Nederlandse afstandskampioenschappen in Heerenveen: een betere start van een olympisch seizoen kan een schaatser zich niet wensen. Na haar zeges op de 500 en de 1.000 meter verzilverde de 24-jarige sprinter uit Ilpendam gistermiddag verrassend ook haar bonus, de 1.500 meter. „Ik had dit nooit verwacht”, zei ze na afloop beduusd.

Haar coach Jac Orie roept al veel langer dat de ranke sprinter ook een sterke schaatsmijl zou moeten kunnen rijden. Gerritsen zelf twijfelde daarover. Maar na twee gouden medailles kon ze gisteren in alle rust schaatsen. „Ik ben gewoon lekker gaan rijden. Toen ik mijn tijd zag, was ik echt verbaasd.”

De nationale titel op de 500 meter had ze al twee keer eerder gewonnen, de twee andere zeges waren een noviteit voor Gerritsen. Haar zegetocht over het ijs van Thialf zadelt de Noord-Hollandse op met een ongekend luxeprobleem. Moet zij zich, met het oog op de Olympische Spelen in Vancouver, specialiseren op haar favoriete afstanden, de 500 en de 1.000 meter? Of maakt zij misschien ook kans op de 1.500 meter nu de concurrentie, van Erfurt tot Calgary, wisselvallig presteert? „Ik zit in een ideale positie”, erkende Gerritsen. „Ik kan nu kiezen wat ik wil rijden.”

Ze bekroonde een zomer van hard werken dus al vroeg met een groot succes. Dat is des te opmerkelijker gezien haar ‘baalseizoen’ vorig seizoen. Bij de NK sprint werd ze in januari voor haar eerste 500 meter gediskwalificeerd na twee valse starts. Bij de WK sprint in Moskou kwam ze vervolgens ten val. „Na de WK afstanden heb ik een dikke streep onder het schaatsen gezet en ben ik op vakantie gegaan. Ik heb het achter me gelaten.”

Dat bleek in Thialf, waar zij afrekende met concurrenten uit haar eigen ploeg (Marianne Timmer, Margot Boer, Laurine van Riessen) en van buitenaf (Ireen Wüst, Diane Valkenburg, Paulien van Deutekom). „Dit is heel goed voor mijn zelfvertrouwen.”

In het nieuwe seizoen concentreert ze zich op haar bochtentechniek en is ze druk bezig een andere manier van schaatsen aan te leren. „Het nieuwe rijden: ik rijd energiezuiniger. Ik open meer behoudend, en probeer meer ontspannen te rijden op het rechte eind.”

Met Orie zal ze de komende tijd haar programma richting Olympische Spelen in Vancouver uitschrijven, maar als het aan Gerritsen ligt rijdt ze alles wat ze kan. Wel staat de 1.500 meter voor haar nog vooral in het teken van het verbeteren van haar 1.000 meter. „Het rijden van 1.500 meters is heel goed voor het laatste rondje van mijn 1.000 meter. Maar ik ga het allemaal eerst bespreken met Jac om te kijken wat het beste is voor mij.”

Gerritsen groeide uit tot de belangrijkste exponent van het opmerkelijke succesverhaal van de ploeg van Orie, die tot voor kort werd gesponsord door het inmiddels failliete DSB. De naamloze ploeg gaat met een tas vol medailles (veertien) het wereldbekerseizoen in. „Een betere reclame voor het team had ik niet kunnen maken”, zei Gerritsen over de situatie van de ploeg.

Alleen al om haar prestaties zouden de sponsors vandaag in de rij moeten staan.