Door zijn verlies te nemen, wint Abdullah ook wat

Gisteren zei presidents-kandidaat Abdullah Abdullah met tranen in de ogen dat hij zaterdag niet meedoet aan de tweede verkiezingsronde.

Zo wint hij meer invloed.

Met zijn aankondiging, gisteren, dat hij aanstaande zaterdag niet deelneemt aan de tweede en beslissende verkiezingsronde om het presidentschap van Afghanistan, lijkt Abdullah Abdullah de grote verliezer te zijn geworden van de omstreden verkiezingen. Maar schijn bedriegt. In werkelijkheid is Abdullah er op behendige wijze in geslaagd een waarschijnlijke nederlaag in de eindronde om te zetten in een groot politiek succes voor hemzelf. Weinigen gaven de belangrijkste tegenstander van de zittende president Hamid Karzai enige kans; nu is zijn politieke prestige groter dan ooit tevoren in zijn carrière.

In de aanloop naar de verkiezingen werd er algemeen vanuit gegaan dat Karzai president van Afghanistan zou blijven – als niet na de eerste ronde in augustus, dan toch in tweede instantie in de eindronde. Maar Karzai zal, ook al staat zijn overwinning nu bij voorbaat vast, niet kunnen bogen op een succesrijke herverkiezing. Steeds vaker werd hij de laatste tijd afgeschilderd als een zwakke president, ook door de Verenigde Staten die hem na de verdrijving van de Talibaan in het zadel hebben geholpen. Zijn imago is verder aangetast door de grootschalige verkiezingsfraude die in augustus aan het licht kwam bij de eerste ronde en die na hertelling een tweede ronde noodzakelijk maakte. Abdullah daarentegen stond politiek vrijwel buitenspel, nadat hij in 2006 werd vervangen als minister van Buitenlandse Zaken in de regering van Karzai. Dankzij de huidige verkiezingsperikelen staat hij weer in het middelpunt van de belangstelling.

In het buitenland stond Abdullah (49) vooral bekend als het diplomatieke gezicht van de zogeheten Noordelijke Alliantie, het door Tadzjieken gedomineerde verbond tegen het Talibaan-bewind in Afghanistan. Nu heeft Abdullah zich ingewerkt in de rol van binnenlands politiek strateeg. Hij was een vertrouweling van Ahmed Shah Masood, de legendarische commandant van de Noordelijke Alliantie die enkele dagen voor de aanslagen van 9/11 in de VS werd vermoord door Al-Qaida. Namens Masood trok Abdullah de wereld door om in de westerse hoofdsteden steun te verwerven voor de Noordelijke Alliantie. Maar een eigen machtsbasis binnen die Alliantie had Abdullah niet. Daarom kon hij geen leidende rol gaan vervullen na de gewelddadige dood van Masood, en na verdrijving eind 2001 van de Talibaan uit Kabul.

Nu ziet Abdullah plotseling mogelijkheden om wel zo’n leidende rol te spelen, al is het vooralsnog in de oppositie. Door de verkiezingen is Abdullah er in geslaagd zich het profiel aan te meten van een geloofwaardige politicus met wie rekening moet worden gehouden, zegt Haroun Mir, directeur van het Afghaanse Center for Research and Policy Studies in Kabul. „Als minister van Buitenlandse Zaken was hij het contact met de gewone man een beetje kwijt geraakt. Nu is hij naar voren gekomen als een nationale leider, aldus Mir. „Hij wordt nu gezien als hoeder van het eerlijk verloop van het politieke proces in Afghanistan.”

Formeel blijft de nummer twee in de presidentiële verkiezingsstrijd met lege handen achter. Maar door de gepleegde fraude in het voordeel van Karzai heeft Abdullah veel meer invloed verworven dan dat hij had overgehouden aan vrije en eerlijke verkiezingen. Met verwijzing naar die fraude dwong Abdullah een tweede ronde af, zeer tegen de zin van Karzai. De meeste waarnemers in Kabul geloven dat Abdullahs inzet vooral het verwerven van politiek muntgeld was. Abdullah, zo werd de afgelopen weken gespeculeerd, zou politieke concessies willen afdwingen, in ruil voor het afzien van een tweede ronde.

John Dempsey, hoofd van het Amerikaanse Institute of Peace in Kabul, gelooft dat Abdullah zelf niet had verwacht dat hij zover zou komen als uiteindelijk is gebeurd. „Hij heeft er nooit op gerekend president te worden en ik betwijfel of hij het echt wil. Hij gebruikt zijn kandidatuur om concessies af te dwingen van de regering en om zijn imago op te vijzelen.”

Vooralsnog heeft Abdullah niet laten merken welke tegemoetkomingen hij wil. Hij heeft steeds volgehouden zelf geen zitting te willen nemen in de nieuwe regering. Het kan best zijn dat hij dat meent. Per slot van rekening is hij al eens minister geweest, en ziet hij voor zichzelf nu een grotere rol weggelegd. Bijvoorbeeld als premier. Probleem is evenwel dat volgens de huidige grondwet voor die functie geen plaats is, juist om te voorkomen dat er een concurrerend machtscentrum naast de president. Maar er zijn andere mogelijkheden voor genoegdoening, bijvoorbeeld door politieke bondgenoten van hem op interessante plekken te installeren. Of door een deel van de miljardenhulp die uit het buitenland komt naar zijn politieke kamp te sluizen.

Wali Masood, een broer van de vermoorde commandant van de Noordelijke Alliantie, maakte gisteren een opgetogen indruk, nadat Abdullah zijn terugtrekking had bekendgemaakt. „Voor het eerst zijn we er in geslaagd de oppositie te verenigen en voor het eerst hebben we een gezamenlijke agenda. We zijn nu een macht waarmee elke regering in dit land voortaan rekening moet houden. Ze kunnen niet langer doorgaan zonder onze positie in overweging te nemen.”

Hoever Abdullah zal komen, ligt voor een belangrijk deel in handen van de internationale gemeenschap, de VS voorop. De buitenlandse donoren en militaire hulpverleners hebben genoeg van het eindeloos voortslepen van het verkiezingsproces. Tegelijkertijd zien zij graag een sterke regering met grote legitimiteit in Kabul. Daarom hangt het van hen af of Karzai de komende tijd alsnog zal worden gedwongen tot een vorm van machtsdeling met Abdullah. Naar verluidt heeft Abdullah vorige week achter de schermen overlegd met de entourage van Karzai over een vorm van machtsdeling, maar zijn die onderhandelingen op niets uitgelopen.