Licht in de kwikkwestie (7)

Ir. Jappe Zijlstra dringt erop aan de discussie over het spaarlampverbod te baseren op feiten. Het is spijtig dat Zijlstra zich daar zelf niet aan houdt: hij presenteert weliswaar feiten, maar met weglating van gegevens die nodig zijn om de relevante berekeningen te kunnen uitvoeren (zie Karel Knips Alledaagse Wetenschap in dezelfde krant) en dus conclusies te kunnen trekken. Zo heb je niets aan het feit dat er spaarlampen zijn die wel 20.000 keer aan- en uitgezet kunnen worden, als niet vermeld wordt hoeveel zo`n lamp kost. Maar omdat zo`n verbeterde lampprestatie extra productiestappen vereist, kun je er zeker van zijn dat die lamp duurder is dan de doorsnee spaarlampen die nu bij de supermarkt in de schappen liggen. Dat die niet veel meer dan zo`n 2500 keer aan- en uitzetten halen is geen aanname, zoals Zijlstra denkt, maar kun je afleiden door terug te rekenen vanuit de gegevens op de verpakking. Dat 2500 keer een tamelijk goede schatting is, blijkt op de website van de lichtdivisie van Philips. Immers, uit de mededeling De huidige norm ... vereist 3000 keer in- en uitschakelen ...” in combinatie met ... als lampen zeer vaak worden in- en uitgeschakeld en gemiddeld minder dan een uur branden, raden wij een spaarlamp voor `intensief gebruik` aan ....” kun je niet anders concluderen dan dat een gewone Philips spaarlamp 3000 keer haalt, maar ook niet veel meer: anders zou deze website dat zeker vermelden en zou je er ook geen speciaal type lamp voor nodig hebben. Pikant detail is nog de toevoeging En in toiletten, waar het licht na enkele minuten weer wordt uitgeschakeld, is het gebruik van een spaarlamp evenmin aan te raden”. Hoe dat dan straks moet als gloeilampen niet meer verkrijgbaar zijn, daarover zwijgt de website trouwens in alle talen.In elk geval lijdt het geen twijfel dat een spaarlamp niet altijd kostenbesparend is en dat het gloeilampverbod ons dwingt om spaarlampen niet alleen te gebruiken waar dat zowel energie als kosten bespaart, maar ook waar dat kostenverhogend is.

Wetenschapsbijlage 10-10-09