Ranzig leven te midden van de Zweedse high society

Jens Lapidus: Snel geld. Vertaald door Jasper Popma. Bruna, 429 blz. € 19,95.

Jens Lapidus: Snel geld. Vertaald door Jasper Popma. Bruna, 429 blz. € 19,95.

Stieg Larssons Millennium-trilogie doet publiek en boekverkopers smachten naar meer. De meest ostentatieve troonpretendent is Snel geld, het overal hoog opgetaste eerste deel van Jens Lapidus’ Stockholm-trilogie. Die is inderdaad Zweeds en driedelig, maar dat zijn dan ook de enige overeenkomsten.

Niettemin is het een prima thriller, die eerder schatplichtig is aan het rauwe werk van Amerikaanse collega’s als James Ellroy dan aan dat van de bevlogen Larsson, wiens moraal en good guys hier ver te zoeken zijn. Wel een snuifje Bret Easton Ellis, want in deze net vertaalde versie van Stockholm heerst de ondiepe moraal van het streven naar merkkleding, BMW-cabrio’s en lekkere wijven op met coke bestoven dansvloeren. Mensen boven de dertig bestaan niet in deze stad, die bevolkt wordt door enerzijds Zweedse kakkers die pappa’s oude geld verbrassen en hun privileges botvieren, en door outsiders die er nooit bij horen, hoeveel nieuw geld ze ook bijeen parasiteren, en hoe hard ze ook streven.

Lapidus laat deze door geld beheerste klassenstrijd uitvechten door een cast van drie: Mrado, de jonge en van oorsprong Joegoslavische sportschoolliefhebber, is een afperser en geweldpleger voor maffiabaas Radovan, een van de nieuwe godfathers in het minutieus beschreven geglobaliseerde Zweedse misdaadmilieu. Mrado, die de lezer probeert te behagen door veel van zijn dochtertje te houden, hoort onder de grond thuis.

De Chileen Jorge is een sympathieker, ambivalenter figuur, zwalkend tussen schuldgevoel over de repercussies van zijn criminele loopbaan en zijn wraakgevoelens jegens Mrado en Radovan. De provinciaalse oer-Zweedse economiestudent JW ten slotte, is de aardigste maar ook sneuste van het drietal. Stiekem terugverlangend naar het ouderlijk huis en zijn in Stockholm verdwenen zus, streeft ook deze wannabe naar toetreding tot het nihilisme van de Zweedse high society, met steeds ranziger methoden.

Lapidus schuift deze drie levens langzaam over elkaar heen, tot de gaten erin samenvallen; het verlies van de één blijkt ook het verlies van de anderen. Niet onverwacht, wel kundig gecomponeerd. Ook de sociale couleur locale lijkt raak; van de eeuwig corrupte Zweedse elite en de ingenieuze zakelijke methoden van de drugshandel, tot de wrede levens van de stadspaupers, die in vertaling Creools Bijlmer-slang bezigen. Luchtig, bruut, af en toe ontroerend en lekker snel: Lapidus kan op eigen benen staan.