Gecookt breakfast met oeufs

Het ontbijt is altijd een beetje een verwaarloosde afdeling, op kookgebied, al zijn er de laatste jaren wel weer kookboeken die daar aandacht aan besteden. ‘Uitgebreid ontbijten’ betekent meestal vooral heel veel kant en klare dingen op tafel: broodsoorten en jam en vleeswaren en verder een gekookt ei. In Amerikaanse boeken lees je wel dat iemand bezig is ‘to cook breakfast’ maar ik heb daar nooit veel aan te cooken. En gelukkig ook maar, meestal.

Toch is het soms heel fijn als iemand breakfast voor je cookt. Een vriendin bakt wel eens pannekoeken ’s ochtends, soms met spek – heerlijk. Je moet daarna wel een flinke wandeling gaan maken.

Waarom begin ik over ontbijten? Dat is natuurlijk wel duidelijk. Omdat ik met die omeletten in de weer was van de week: hoe bak ik een omelet zodanig dat die de naam ‘omelette’ verdient en aan een Fransman, of erger nog, aan Julia Child voorgezet zou kunnen worden.

En omdat ik laatst beweerde dat mijn eerste met de nieuwe techniek gebakken omelet meer op een roerei leek. Een volstrekte onzinbewering. Want misschien had ik een wat slordige omelette gemaakt, maar het was wel echt een omelet (en heerlijk ook nog) en geen roerei.
Roerei is namelijk iets totáál anders.

Het is vreselijk. Als je eenmaal denkt dat je de dingen precies moet weten en doen, kun je bijna niets meer zeggen.
Waar omelet op een hoog vuur snel wordt bereid, gaan roereieren langzaam. Je begint met een koude pan. (Jawel!) En je voegt niet meer dan „een halve theelepel vloeistof per ei” toe en beslist niet meer. Meer vloeistof is, schrijft Julia Child „uit den boze omdat de eieren dan waterig worden”. Dat we het maar weten.

Boter of room – we hebben het nu over Frans roerei, oeufs brouillés, Fransen hebben geen cholesterolproblemen – komt er pas bij als het ei op dikte is, dan wordt het namelijk ook meteen niet dikker meer. Slim!

Om er een feestelijk ontbijt van te maken bakken we er champignons bij, en als we een heel goede bui hebben schudden we ook wat doperwtjes om met een klontje eh, nu ja. Of artisjokbodems, mm, heerlijk, als uit blik dan wel even goed afspoelen en afdrogen, en dan ook even met een klontje b in een pannetje.

Zit iedereen aan de ontbijttafel? Dan gaan we beginnen.

Oeufs brouillés garnis (voor 4 à 5 personen)

  • 8 eieren en 2 dooiers
  • 4 tl water of melk
  • 2 el zachte boter voor de pan
  • peterselie
  • 2 el slagroom
  • evt. champignons, doperwtjes, artisjokbodems

Zet borden in de oven of even in een bak warm water.
Zorg eerst voor het garnituur, wat het ook is, dus bak de champignons en stoof de erwtjes (of de artisjokbodems). Hak wat peterselie voor de garnering.

Zet de boter of de room die tot slot over de eieren moet vast klaar.

Klop de eieren en de dooiers met peper en zout kort door elkaar, net genoeg om dooiers en eiwitten te mengen.
Zet de warme borden klaar.

Beboter een koekenpan, ook de binnenzijkanten. Giet de eieren in de pan en zet de pan op matig vuur. Roer langzaam en zonder ophouden. Eerst gebeurt er niets (wel twee of drie minuten niet) dan beginnen de eieren razendsnel dik te worden. Roer nu ook razendsnel tot ze iets minder vast zijn dan je wilt, dan de pan van het vuur en de room of de boter erdoor en direct op een warm bord laten glijden. Schepje garnituur erbij, wat peterselie eroverheen.

Zó hoort het.