De vrouwen zijn onverslaanbaar

Mari Ndiaye is de Toni Morrison van Frankrijk. Haar nieuwe roman gaat over onverwoestbare vrouwen. Hopelijk krijgt zij dé literaire prijs van Frankrijk.

Mari Ndiaye, samen met Jean-Phil. Toussaint en Laurent Mauvignier genomineerd Foto AFP L'écrivain Marie Ndiaye pose le 21 février 2003, à la Comédie française de Paris. L'auteure, née en 1967, à Pithiviers, voit son livre "Papa doit manger" adapté à la Comédie-Française à partir du 22 février 2003. La Comédie Française n'avait pas créé de texte d'auteur vivant salle Richelieu depuis vingt ans : on peut donc parler d'événement pour l'entrée au répertoire et la mise en scène de "Papa doit manger". AFP

Weinig rumoer, dit jaar, in de aanloop naar de Prix Goncourt, die aanstaande maandag, 2 november, om 12.45 uur, in het bekende restaurant Drouot in Parijs zal worden toegekend. Vorig jaar vielen er al veranderingen waar te nemen: er schoven nieuwe juryleden aan tafel, er werd onder het energieke voorzitterschap van Françoise Chandernagor een einde gemaakt aan het jurylidmaatschap voor het leven; handjeklap, ruilhandel en dwingende telefoontjes van machtige uitgevers waren minder evident. De prijs ging – teken aan de wand – naar een kleine, nooit eerder bekroonde uitgeverij (P.O.L.), en bovendien naar een complete outsider in het Parijse literaire wereldje, de Frans-Afghaanse auteur en cineast Atiq Rahimi.

Wie het lijstje van de laatste nominaties voor dit jaar doorneemt ziet dat er maar een van de machtigste uitgeverijen vertegenwoordigd is (Gallimard); een middelgrote uitgeverij die zelden in de prijzen valt (J.C.Lattès); en een kleine, onafhankelijke uitgeverij met een eigenzinnig signatuur (Les editions de Minuit). De laatstgenoemde gooit kwalitatief gezien hoge ogen. Bij deze uitgeverij verscheen het derde deel van Jean-Philippe Toussaints trilogie over liefde, reizen en de interactie van tijd en plaats. Ook diens La verité sur Marie refereert aan Japan, China en Parijs, en zit vol ondoorgrondelijke ontmoetingen en verhalen met mysterieuze en onverwachte wendingen. Toussaints wereld en zijn mensbeeld zijn, sinds zijn debuutroman De badkamer uit 1985, vreemd, onlogisch en ongrijpbaar gebleven en toch – of juist daarom – intrigeren ze. Geen psychologie maar geografie, geen analyse maar feitelijke beschrijving. Geen tastbare vrouw, geen Marie van vlees en bloed, maar een grillige, aanbeden fee, icoon in de modewereld.

De tweede Minuit-auteur die goede kansen heeft de Goncourt in de wacht te slepen is Laurent Mauvignier, van wie eerder bijvoorbeeld In de menigte in het Nederlands is verschenen, een roman over het drama in het Brusselse Heizelstadion in 1985. Zijn zevende roman Des hommes gaat over de Algerijnse onafhankelijkheidsoorlog en de gevolgen daarvan voor het leven van ooit veelbelovende jongemannen – tot op de dag van vandaag een gevoelig literair onderwerp. In de roman is een verjaardagscadeau de inleiding tot een crisis waarbij eindelijk een decennialange stilte wordt doorbroken. Wat hebben die mannen nu eigenlijk meegemaakt in die oorlog waar ze als jongens heen werden gestuurd? Waarom die stilte na hun terugkeer? Hoe komt het dat ze tot armoede vervielen, agressief en eenzaam werden, verschoppelingen in de maatschappij?

Eenzaamheid en stilte zijn ook pijlers van Trois femmes puissantes, de schitterende roman van de Frans-Senegalese schrijfster Marie Ndiaye (42), een voorlopig hoogtepunt in haar omvangrijke oeuvre van romans, essays en toneelstukken. Ndiaye bevindt zich te midden van de genomineerden op eenzame hoogte. Haar taal is onnavolgbaar, ritmisch en klankrijk, haar zinnen melodieus, lang en doorwrocht. In haar scherpe dialogen blijft het wezenlijke vaak ongezegd, zodat je actief aan het werk wordt gezet. Ndiaye speelt met de lezer, ze weet precies wat hij wil, maar zet hem op het verkeerde been, en is in staat subtiel het proces van identificatie te verstoren. Hoe kan een schrijver wreedheid en onrecht in woorden vangen zonder journalistieke middelen, lijkt steeds de vraag te zijn die Marie Ndiaye zich stelt.

In Lieve Familie beschreef ze hoe genadeloos een zwart schaap van de familie buitengesloten kan worden. Rosie Carpe (Prix Femina 2001) was het relaas van een zwarte vrouw die terugkeert naar haar geboorteland Guadeloupe zonder daar veel gelukkiger te worden; Hilda een toneelstuk over een dienstmeisje dat door haar werkgeefster wordt uitgebuit. Bij Ndiaye blijft veel onderhuids, duister, onbenoemd. Vaak introduceert zij magische elementen – gedaantewisselingen, verdwijningen – waardoor het ongrijpbare in haar werk wordt benadrukt.

Trois femmes puissantes verenigt drie verhalen over het leven van drie Senegalese vrouwen, die allen te maken krijgen met het kwaad, met leugens, bedrog en vernedering. De eerste is een advocate in Parijs die door haar vader naar Dakar wordt geroepen en ontdekt dat deze man, die zijn kinderen terroriseerde, het leven van haar broer heeft verwoest. De tweede vrouw is met haar man van Dakar naar Frankrijk verhuisd zonder dat ze weet heeft van zijn geschonden verleden en hun tot mislukken gedoemde huwelijk. De derde Senegalese vrouw, na de dood van haar man verstoten door diens familie, behoort tot de kansloze vluchtelingen. Machtig zijn deze vrouwen in de letterlijke zin des woords dus niet. Integendeel. Hun macht ligt in hun innerlijke kracht. Zij zijn sterk, onverwoestbaar, twijfelen niet aan wie zij zijn, ook al bevinden ze zich in de grootst mogelijke, uitzichtloze misère. Terwijl Toni Morrison slavernij, rechteloosheid, uitsluiting en racisme breed romanesk, ‘op zijn Amerikaans’ uitwerkt, zoekt Ndiaye het ‘op zijn Frans’ in de miniatuur, in de suggestie, in de registers van de taal. Hoewel hun stijl mijlenver uiteen ligt, is hun thematiek verwant. Zoals Morrison in bijvoorbeeld Een daad van barmhartigheid vrouwenlevens optekent, schetst Ndiaye ze in Trois femmes puissantes. Bij de eerste zijn die vrouwen onderling verbonden door het verhaal, bij de tweede is de rode draad van symbolische en magische aard, zoals in de verschijningen van diverse vogels, symbool van dreiging en onrecht. Morrisons vrouwen kunnen als individu niet overleven, zoals ze zei in een interview met deze krant (CS, 14.05.04). Ndiaye geeft haar vrouwen een harde kern, een onaantastbaar besef van uniek mens-zijn, dat hen overeind houdt, ook, bij verdriet, in mensonterende situaties.

Als de jury werkelijk de roman wil bekronen die ruimschoots boven de andere uitsteekt, dan geeft zij Marie Ndiaye maandag de Prix Goncourt.

Marie Ndiaye: Trois femmes puissantes. Gallimard, 316 blz. € 19,-