Vriendjes & vriendinnetjes

Vrouwen van in de twintig (of zijn dat meisjes?) noemen hun vriendinnen vaak hun vriendinnetjes: „Ik ga vanavond tapas eten met mijn vriendinnetjes.” Laatst vertelde zo’n vrouw van in de twintig dat ze jarenlang had gewalgd van dat ‘vriendinnetjes’ (te kinderachtig, te gemaakt-schattig), maar nu helaas toch gezwicht was. Ze had het te vaak gehoord om het zelf niet ook te gebruiken. Mannen die het over hun vriendjes hebben, dat zijn doorgaans VVD’ers van boven de zestig („Een vriendje van mij zit op de ambassade in Dubai...”)

Niet alleen doet je leeftijd en je geslacht ertoe bij het aanduiden van de vriendenschare, ook de plek waar je woont is belangrijk. Wat is namelijk het geval? Er is een joekel van een verschil tussen de grote stad en alles daarbuiten. Als een stadse vrouw met een vriendin naar de film gaat, en ze vertelt daarover, dan zegt ze: „Ik ga met een vriendin van mij naar de film.” Buiten de grote stad wordt in dezelfde situatie eerder gezegd: „Ik ben met mijn vriendin naar de film geweest.” Zou de stadse vrouw nooit doen. Tenzij die vriendin haar geliefde is.

Maar om verwarring daaromtrent te voorkomen, moet de heteroseksuele, stadse vrouw haar toevlucht nemen tot ‘een vriendin van mij’, of anders eventueel ‘een vriendin’.

Laatst was ik in een provincieplaats waar ik als test de zin „Een vriendin van mij weet alles van avocadorassen” uitprobeerde. Vonden ze belachelijk, nog los van die avocadorassen. Want je kon het net zo goed over ‘mijn vriendin’ hebben. Voor de mannen lag het allemaal anders, die zouden onder geen beding zeggen: „Mijn vriend weet alles van avocadorassen.”

Wat kunnen we hieruit concluderen? In de stad behoort ‘lesbisch’ meer standaard tot de mogelijkheden. En mannen zijn, ook buiten de stad, bang om voor homo te worden aangezien.

Het onderscheid is ook weer niet zo heel zwart-wit. Er zijn namelijk ook lesbische vrouwen in de grote stad, die het maar liever over ‘mijn vrouw’ hebben, omdat ‘mijn vriendin’ ook daar nog te vaak platonisch wordt opgevat.

Paulien Cornelisse