Afghaanse oorlog wordt Obama's nachtmerrie

Er gaan al lang geruchten dat de broer van president Karzai in de drugshandel zit.

De onthulling is pijnlijk voor Obama. Komt CIA-geld bij de drugshandel terecht?

Even leek de verhouding van de Verenigde Staten met de Afghaanse president Hamid Karzai vorige week genormaliseerd. Maar de spectaculaire onthulling in The New York Times gisteren, dat de omstreden broer van de Afghaanse president Karzai, Ahmed Wali Karzai, al acht jaar betaalde opdrachten voor de CIA uitvoert, betekent dat de broze relaties opnieuw een zware terugslag te verduren krijgen.

President Obama, die serieus overweegt extra troepen naar Afghanistan te sturen, kan erop rekenen dat de schok in eigen land, zeker in zijn eigen partij, zal worden gebruikt om de wijsheid van een verhoogde militaire aanwezigheid in Afghanistan verhevigd ter discussie te stellen.

Volgens The New York Times krijgt de broer van de Afghaanse president, die al enige tijd in verband wordt gebracht met drugshandel, onder andere geld van de CIA voor rekrutering van paramilitairen in het zuiden van het land. Ook zou hij opereren als contactpersoon tussen de Talibaan en de CIA, en verhuurt hij een aantal huizen aan de dienst. „Hij is onze huisbaas”, aldus een Amerikaan. De broer werd er onlangs van beschuldigd dat hij hielp bij de vervalsing van stemmen, bij de in augustus gehouden verkiezingen.

Dat de CIA goede relaties met de familie Karzai onderhoudt, is niet onbekend. De operatie waarmee de Talibaan in 2001 uit de macht werden verdreven, was het werk van de CIA. De dienst leunde daarbij sterk op contacten met Afghaanse krijgsheren die vijandig stonden tegenover de Talibaan. De informant van de CIA in het zuiden was destijds Hamid Karzai, de huidige president.

„Karzai is (...) een prima bruggenhoofd [om een] CIA-team in het gebied te krijgen”, zegt toenmalig CIA-directeur George Tenet over de voorbereidingen van de Afghaanse invasie in het boek Bush at War (2002) ,van Bob Woodward. In hetzelfde boek wordt beschreven dat de CIA de regering-Bush destijds op het idee bracht Karzai president van het land te maken. Een keuze die nu zwaar wordt bekritiseerd in Washington. „Een enorme fout”, zegt Alex Thier van het United States Institute of Peace.

Thier staat in nauw contact met speciaal afgezant Richard Holbrooke en woonde in Afghanistan toen de Talibaan in de jaren negentig aan de macht kwamen. „We hesen in 2001 de mensen weer in het zadel die juist de reden waren geweest voor het succes van de Talibaan.”

De relatie van Karzai met de VS was al langer stroef, maar onder Obama groeide het wantrouwen van weerskanten. Vorige week moesten er urenlange gesprekken met senator John Kerry aan te pas komen om Karzai te bewegen een tweede ronde van de Afghaanse verkiezingen te accepteren. In de eerste ronde werd volgens de officiële klachtencommissie massaal gefraudeerd in Karzais voordeel.

De regering-Obama stelde de tweede ronde, op 7 november, als voorwaarde voor het sturen van extra troepen naar het land. „Als we geen geloofwaardige regering in Afghanistan hebben, moet we nog eens goed nadenken over meer manschappen”, zei Kerry maandag na een toespraak bij de Council on Foreign Relations.

Hij vertelde ook dat hij „inlichtingenbronnen en justitiemensen” had gevraagd om bewijs dat Karzais broer bij drugshandel is betrokken. „Ze zeggen dat het er niet is”. Volgens Kerry „weet president Karzai dat hij veranderingen moet doorvoeren”.

Na gisteren is niet alleen de vraag of Karzai die toezeggingen zal nakomen. Het feit dat een Amerikaanse krant de bijzondere status van zijn broer bij de CIA naar buiten brengt, kan moeilijk worden uitgelegd als blijk van Amerikaans vertrouwen.

Het nieuws kwam in de VS dinsdagavond te laat naar buiten voor officiële reacties. Maar het ligt gezien de laatste weken voor de hand dat Congresleden eigen onderzoek zullen optuigen: Wist Obama van de relatie van Karzais broer met de CIA? Kan de Amerikaanse regering garanderen dat er via de CIA geen dollars in handen van de Afghaanse drugshandel terecht zijn gekomen?

Zo begint de Afghaanse oorlog voor Obama nu al veel te lijken op de nachtmerrie die de strijd in Irak voor Bush was. Officieel beraadt hij zich nog op het verzoek van generaal McChrystal voor 40.000 militairen extra. Bijna alle adviseurs willen dat de president ja zegt. Tegelijk vindt de helft van de bevolking dat de Amerikaanse troepen zich moeten terugtrekken, net als de overgrote meerderheid van Obama’s eigen achterban.

Intussen werd oktober 2009 dinsdag officieel de maand waarin, na acht jaar oorlog, de meeste Amerikaanse militaire slachtoffers te betreuren vielen.