Vreten gaat van Zjrrroet

Onlangs keek ik naar Andrej Tarkovski’s Stalker, de film waarop Lars von Trier zijn magistrale Antichrist baseerde. Antichrist is een bewerking van, of misschien nog eerder een vervolg op de film van de Opperregisseur, en wie zich door een van beide gegrepen wist (het tegendeel lijkt me onwaarschijnlijk) moet beslist ook de andere zien.

Een belangrijk personage in Tarkovski’s film is Schrijver, een cynische man die kort voor het einde van de film inziet dat het allemaal nog veel deprimerender is dan hij dacht. Wanhopig trekt hij de zin van zijn schrijverschap in twijfel: ‘De mensen willen immers niets weten! Ze vreten alleen maar!’

‘ZJRRROET’, zo klonk dat in het Russisch. Misschien betekent het ‘vreten’.

Als je in Stalker een aanklacht leest tegen het Sovjettijdperk, wordt de voedselinteresse van de mensen waarover Schrijver het heeft natuurlijk in een ander daglicht geplaatst. Toch moet zijn bedenking ook al menig hedendaagse schrijver door het hoofd zijn geschoten.

De aandacht die aan het bereiden van voedsel wordt geschonken, heeft obsessieve, haast fetisjistische vormen aangenomen. Kookboeken voeren al jaren de bestsellerlijsten aan. Het aantal televisieprogramma’s die met koken te maken hebben, blijft de hoogte in schieten. Acteurs en topkoks trekken de wereld rond om in gevarenzones en bij pas ontdekte stammen de potten en pannen over te nemen. Hobbykoks koken in wedstrijdverband en huilen in close-up als hun saus mislukt. Eveneens competitief wordt de gezelligheid in de huizen van mensen die voor het oog van de camera onbekenden aan tafel ontvangen. Dat een Nederlandse sterrenchef zopas een voedingslijn voor baby’s heeft gelanceerd, doet vermoeden dat het einde nog niet in zicht is. Er zijn nog ontelbare culinaire variaties denkbaar waaraan drukpers en zendtijd kunnen worden geofferd.

Ik eet ook graag lekker, heb bewondering voor goede koks en doe zelf geregeld mijn best in de keuken. Maar overdaad leidt tot indigestie. Enig verzet dient zich aan. In taal omgezet zou dat hulpeloze protest kunnen klinken als ‘Eten wordt kaka!’

Misschien moet ik dat maar eens roepen tijdens een signeersessie op de volgende boekenbeurs van Antwerpen, wanneer het rijtje van vijf mensen die aanschuiven bij mijn tafeltje, in tweeën wordt gesplitst door de meute die wacht op een krabbel in de laatste S.O.S. Piet.

En als dat niet werkt, schreeuw ik achter een gebalde vuist een verbolgen ZJRRROET!