ING zet het mes in zichzelf

ING heeft misschien geen ‘goede crisis’ beleefd, maar doet er in ieder geval zijn profijt mee. Het nieuwe managementteam van het Nederlandse financiële concern heeft snel gehandeld om nóg meer te vereenvoudigen en in te krimpen dan een paar maanden geleden de bedoeling was – zij het met een behulpzaam knikje van de lokale en Europese autoriteiten.

Het centrale onderdeel van de jongste herstructurering is het voorgoed afscheid nemen van het ‘bank-verzekeringsmodel.’ ING wil zijn verzekerings- en vermogensbeheeractiviteiten uiterlijk in 2013 hebben verkocht of naar de beurs hebben gebracht. Het concern is altijd trots geweest op de omvang en de winststabiliteit die werd geboden door het nu terzijde geschoven model, maar de voordelen zijn nooit verwezenlijkt op de manier die was beloofd, en de kosten van een conglomeraatskorting werden er niet door gecompenseerd. De crisis heeft de tekortkomingen aangescherpt: de marktwaarde van ING bedraagt op dit moment slechts 24 miljard euro, terwijl de boekwaarde van de verzekeringstak op 22 miljard euro staat.

Het concern had in april al een begin gemaakt met een ‘Back to Basics’-programma. Maar voor de toezichthouders ging dat niet ver genoeg. Hoewel ING al activiteiten op vier continenten heeft verkocht, in een poging om 8 miljard euro binnen te halen, wordt de firma nu gedwongen nóg meer te lozen. De Amerikaanse internetbank, ING Direct USA, en haar 80 miljard dollar aan deposito’s, zullen worden geofferd, eveneens uiterlijk in 2013. Delen van het Nederlandse kredietboek – inclusief 6 procent van de hypotheekmarkt van het land – zullen ook worden afgestoten. Daardoor zal ING een bank worden die is gericht op de Benelux, met aanzienlijk minder internationale uitstraling.

Intussen zal de opbrengst van een claimemissie van 7,5 miljard euro goed worden aangewend. Ongeveer 6 miljard euro zal worden gebruikt om de helft van de lening van de staat eerder af te lossen dan verwacht, waardoor de kosten omlaag kunnen. In plaats van een exitpremie van 50 procent zal ING een couponrente van 8,5 procent betalen, en een lagere premie, gebaseerd op zijn beurskoers. De overeenkomst zorgt ervoor dat de Nederlandse belastingbetalers hun geld eerder terugkrijgen.

Ze ontvangen ook een extra vergoeding voor het garanderen van 22 miljard euro aan hypotheekobligaties van ING. Het oorspronkelijke plan bleek te goedkoop, en ING zal nog eens 1,3 miljard euro betalen. Deze bepalingen lijken redelijk: de belastingbetalers worden gecompenseerd voor het stutten van ING, maar niet zo royaal dat het concern nodeloos wordt ondermijnd.

Wat ING in twintig jaar heeft opgebouwd, wordt in één klap ongedaan gemaakt. Maar zonder de crisis zou het concern er misschien langer over hebben gedaan het juiste pad te vinden.