De muziek is eh, nogal modern

Hoe krijg je jongeren naar een klassiek concert?

Zowel het Concertgebouw als De Nederlandse Opera experimenteert succesvol met nieuwe formules.

Ken je die mop van die twintigers die naar een klassiek concert gingen? Even raden. Ze gingen niet? Mis. Ze gingen wel. Simpelweg door dat klassieke concert goedkoop en hip te maken, met een borrel na afloop waar óók de (jonge) musici nog even een glas komen drinken.

Het is een surrealistisch gezicht. De Kleine Zaal zit bijna helemaal vol voor dit eerste concert in de serie ‘Tracks’, door het Concertgebouw speciaal georganiseerd voor ‘young professionals’. Vervreemding overvalt je vooral als je door je oogharen kijkt. Geen gebruikelijke grijstinten, alleen bruine en blonde hoofden. Overal lopen, staan, kletsen en borrelen de twintigers die je normaal met een lampje moet zoeken.

„Serieus een goed idee dit”, zegt ambtenaar Bastiaan (29), die met Willemien (29) op een blind date is. „De drempel tot concerten wordt zo echt verlaagd; een uur luisteren is net mooi.” Lachend: „Als we elkaar niet leuk vinden, zijn we zo weer weg. En als wel, is er straks nog gelegenheid voor een borrel.” Beiden zijn wel al in het Concertgebouw geweest. Maar: sporadisch. En altijd op het abonnement van vader en moeder.

„Veel jongeren vinden een traditioneel concert te duur en te lang”, zegt Marleen Bijleveld, zelf tekstschrijver en zangeres. Nee, ze is geen argeloze bezoeker, ze maakte destijds deel uit van de ‘ontwikkelingsdenktank’ van jongeren die de formule voor Tracks mede ontwikkelde. „Daar komt bij dat een gewoon klassiek concert best saai is. Er is veel grijs publiek en ín het Concertgebouw een biertje drinken na afloop, hoort er normaal ook niet bij.”

Vandaag brengt contrabassist Wilmar de Visser met vier medemusici een programma rondom het thema Romeo en Julia. Er klinkt zonder pauze een spervuur van afwisselend repertoire – van barok tot eigentijds. Voor projectie op grootscherm bewerkte dichter Ilja Leonard Pfeijffer de archetypische liefdesgeschiedenis tot een even hilarische als nihilistische eigentijdse chattragedie. Was dit een uur muziek? De opzet, met tekst om ze te volgen en véél verschillende korte muziekstukken achter elkaar, is uitputtender dan een regulier concert. „Maar ook: bijzonder”, vindt men na afloop, al was de inderdaad wel erg compromisloze muziekkeuze ook „zwaar”.

Voor concertzalen en operahuizen is het een vraag die regelmatig opspeelt: hoe stel je het publiek van de toekomst veilig, en spreek je óók luisteraars onder de 40 aan? De twintigers die in principe best geïnteresseerd zijn in klassieke muziek, maar vrezen voor hoge drempels en grijze kapsels? De drukke dertigers die om half negen blij zijn dat ze – werk af, eten klaar, kinderen in bed – überhaupt een uurtje zitten?

Bij De Nederlandse Opera schommelt de gemiddelde leeftijd van bezoekers rond de vijftig jaar. Als remedie begon dit jaar ‘OperaFlirt’: óók bedoeld voor jongere bezoekers, maar anders dan bij Tracks tot dertig jaar.

De formule is simpel: voor 15 euro naar de opera, facultatief een rondleiding achter de schermen vooraf, borrel tijdens de pauze en afterparty na. „Wij waren helaas uitgeloot voor de flirt rond de opera Carmen, afgelopen juni”, vertelt een studente bij de volgende ‘flirt’ rondom Michel van der Aa’s opera After Life. Ze bezoekt weleens vaker voorstellingen met een ‘sprintplaats’: een lastminutekaart voor een tientje. Ballet, concert, noem maar op. „Ook De Nederlandse Opera heeft altijd kaarten beschikbaar voor studententarief”, zegt pr-medewerker Michiel Jongejan. „Maar daarmee trekken we nooit 120 jongeren op één avond, zoals met de Flirt nu opeens wél lukt.”

„Ge-wel-dig!”, vinden twee studentes na afloop van hun allereerste opera ooit. In een afgeschermd deel van de foyer van het Muziektheater wordt door de operaflirt-bezoekers geanimeerd nageborreld met roze bubbels. Het sociale aspect is een wezenlijk onderdeel van de formule, zoals het dat bij Tracks óók is. Samen luisteren, samen napraten – het liefst ook nog met een van de musici, de dirigent of de componist, die allen óók voor de afterparty zijn uitgenodigd.

Dat de muziek van Michel van der Aa „toch wel, eh, nogal modern” was – soit. Het was interessant om vooraf een kijkje te nemen achter de schermen. En de thematiek van de opera (wat was het mooiste moment van je leven?) biedt gespreksstof te over.

„Of we nog een keer komen? Wat mij betreft: nog tweehonderd keer. Ik vond het echt super.”