Vuur voor allen

De openhaard van nu is strak en simpel en heeft geen schoorsteen meer nodig.

Bij binnenkomst in de Rotterdamse vestiging van Marlies Dekkers wordt het oog niet naar de sexy lingeriesetjes, maar naar de langgerekte openhaard getrokken: een kaarsrechte rij vlammetjes in een grintbed. Verkoopster Esther de Vries heeft de kachel deze week vanwege de kou voor het eerst weer aangedaan. Ze vindt het loungegedeelte, waar de haard in een zwarte wand is weggewerkt, niet alleen een mooie maar ook een handige plek. „De mannen die meekomen met hun vrouw zet ik daar vaak neer. Anders lopen ze maar achter ons aan.” Terwijl de vrouwen lingerie passen, kunnen de mannen naast de haard koffie drinken.

Piet Hein Eek, Piet Boon, Jan des Bouvrie, zomaar een greep uit de ontwerpers die zich met sfeerhaarden bezighouden. Vergeet de schouwen met marmerlook en de haarden met ‘realistisch houteffect’. De nieuwste sfeerhaarden willen niet meer lijken op echte houthaarden. Ze zijn strak, simpel, en hebben alleen gemeen dat er vuur te zien is. Of wordt gesuggereerd.

Huiselijke uitstraling

Een haard heeft een warme, huiselijke uitstraling, zeggen fabrikanten. Daarom willen mensen graag een haard. ‘Openhaard’ is zelfs een van de zoekcriteria op huizensite Funda. Maar er zijn genoeg appartementen, hotels en restaurants waar geen haard geplaatst kan worden omdat een rookkanaal ontbreekt. De laatste tijd dienen zich steeds meer alternatieven aan.

Een jaar of tien geleden kwam als eerste schoorsteenloze haard de elektrische haard sterk in opkomst. Fabrikant Faber, in 2000 overgenomen door het Ierse Glen Dimplex, was een van de eerste bedrijven die deze haarden op grote schaal uit Groot-Brittannië en Ierland importeerden. Traditioneel is bij deze haarden achter een ruit een nagemaakt vlammenspel te zien. Bij het nieuwste model, de Opti-myst, is het alsof er echt vuur brandt.

Op afstand dan. Want dichtbij voel je geen warmte en zie je iets anders. Onder de haard met (keramische) houtblokken zit een la met daarin een waterreservoir en een vijftal lampen. Zet je de haard met de afstandsbediening aan, dan kleuren de houtblokken rood en stijgt er waterdamp op. De haard (prijs: 1.295 tot 1.895 euro) staat net in de showrooms maar de orders druppelen al binnen, zegt de fabrikant.

Een schoorsteenloos alternatief voor de elektrische haard is de gelhaard, of de haard op bio-ethanol. De gelhaard, die een kleine tien jaar geleden zijn intrede deed, is inmiddels vrijwel overal vervangen door de haard op bio-ethanol.

De gel geeft bij verbranding nogal wat roet af en ruikt sterk, vertelt Matthijs Lindeman, woordvoerder van de Stichting Nederlandse Haarden- en Kachelbranche. „Bio-ethanol heeft een schone verbranding, want het is een natuurlijk product. Het is het restproduct van suikerbieten en aardappelen.” Overigens is er ook kwaliteitsverschil in bio-ethanol, want bij de ene soort worden meer chemische stoffen toegevoegd dan bij de andere.

Meer nog dan een elektrische haard, is de haard op bio-ethanol makkelijk plaatsbaar. Er zijn modellen voor aan de muur, maar sommige kunnen ook vrij in de ruimte worden gezet. Interieurontwerper Michiel de Zeeuw vindt het slim dat makers van deze haarden niet pretenderen dat het een echte haard is. „De sfeerhaard is een gevoelig onderwerp, het wordt al snel kitsch. Je kunt de nieuwste sfeerhaarden, net als een kunstwerk, beter beschouwen als een centraal punt in de kamer.”

Jan des Bouvrie

De Curva die Jan des Bouvrie ontwierp voor Safretti is zo’n vrijstaand model: een rechthoekig of vierkant object met in het midden een gat voor de bio-ethanol. Safretti ontstond in 2004 toen Freddie Dieperink en Sander Winkelhuis voor zichzelf begonnen en objecten van metaal voor het interieur ontwierpen.

Op weg naar de woonbeurs in Milaan zat Dieperink toevallig naast Jan des Bouvrie. Hij legde zijn sfeerhaard voor aan de ontwerper, die daar wel potentie in zag. Naar eigen zeggen is Safretti het eerste bedrijf in Nederland dat bio-ethanolhaarden introduceerde. Inmiddels levert Safretti haarden in 22 landen. Jaarlijks stijgt de omzet met 30 à 35 procent, tot 4 miljoen euro nu.

Er is een markt voor bio-ethanolhaarden, weet ook Tulp Firemakers. Na in 2006 met elektrische haarden te zijn begonnen, maakt het Brabantse bedrijf sinds een paar maanden haarden op bio-ethanol. Tulp groeit snel. Dit jaar zal de omzet verdubbelen en momenteel zijn vijf van hun elektrische haarden ook te koop bij de Bijenkorf. Ze werken net als Safretti samen met bekende ontwerpers. „De klant kiest een model en bepaalt daarna het soort vuur: elektrisch of bio-ethanol”, zegt Raoul Bartholomeus, mede-eigenaar van Tulp. Het verschil is volgens hem dat elektrisch vuur nogal nep oogt. Bio-ethanol geeft echte vlammen, maar het ruikt. Ventileren is het devies.

Van die geur hadden ze last bij Marlies Dekkers. In de meeste winkels werd een gashaard geplaatst, maar in Keulen, Parijs en Amsterdam kon dat niet. Daar kwam een haard van Safretti. „We wilden een warme omgeving maken, waar je je als dame veilig voelt om uit de kleren te gaan”, legt interieurstylist Peter Fieret uit. „Een openhaard past bij ons winkelconcept.”

Na klachten van stankoverlast door personeel en klanten, zijn de bio-ethanolhaarden niet meer aan geweest. Wat rest is de stijlvolle ombouw.