'Soms was mijn zielenleven als een opgedraaide wekker'

Frans Strijards maakt een comeback met zijn nieuwe groep De Voortzetting: „Ik wil geen geglazuurde bonbon maken.”

Frans Strijards in 2004 (Foto NRC Handelsblad, Vincent Mentzel) Frans STRIJARDS,regisseur. foto VINCENT MENTZEL/NRCH ==F/C==Den Haag, 19 februari 2004 Mentzel, Vincent

Achter de titel van het nieuwste toneelstuk van auteur en regisseur Frans Strijards staat een vraagteken. Dankwoord? heet het. Strijards (Rotterdam, 1952) schreef het voor acteur Helmert Woudenberg. De tekst zit vol humor. Strijards ideeën over toneelkunst en de noodzaak van maskerade zijn ingenieus. In Woudenbergs intense spel vervloeien fictie en werkelijkheid. Als dit al een feestrede is, dan zit die vol strijd en woede.

Strijards heeft een lange staat van dienst in het theater; hij is bejubeld om de fysieke kracht van zijn regies maar hij kende ook tegenslagen. Hij trachtte in 2001 zijn groep Art & Pro te redden door een fusie met De Trust, maar Strijards werd al snel aan de kant gezet. Pogingen tot een nieuw begin, eerst bij het Nationale Toneel, daarna bij Het Zuidelijk Toneel, mislukten. Zijn stuk Breekbaar verdween in 2006 vroegtijdig van het repertoire. Een jaar of drie was hij helemaal van het toneel verdwenen. Nu tracht hij terug te komen met een nieuw, eigen gezelschap: De Voortzetting.

Waar vond u inspiratie voor ‘Dankwoord?’

„Ik herkende me in de scherpzinnige redes van de Oostenrijkse toneelschrijver Thomas Bernhard bij prijsuitreikingen. En in het schitterende pamflet Sisyphus’ bakens van Jeroen Brouwers. De schrijver die aan het woord is in Dankwoord? noemt zichzelf een ‘fulminant polemist’. Het is het eerste deel van een vierluik over wat de samenleving met iemand kan doen.”

Uw nieuwe gezelschap heet ‘De Voortzetting’. Waarom een nieuw begin?

„Een nieuwe start, daar heb ik behoefte aan. Eigenlijk heet mijn initiatief ‘De Voortzetting van Art & Pro’. Art & Pro was de groep die ik in 1985 oprichtte en waarvan ik tot 2001 artistiek leider was. Wat mij voor ogen staat is de creatieve vreugde hervinden in het maken van toneel. Ik ben gegrepen door het maken van toneel. Ik lever me eraan uit. Dat heeft een keerzijde: ik raak erdoor verwoest. Soms was mijn zielenleven als een opgedraaide wekker.”

Uw ‘Dankwoord?’ gaat over maskerade, het ingewikkelde onderscheid tussen fictie en werkelijkheid. Is dat autobiografisch?

„Helmert Woudenberg zegt in deze monoloog: ‘Er bestaat geen demasqué zonder maskerade.’ Maskerade is onmisbaar, zowel voor een toneelspeler als een regisseur. Er kwam in het verleden vaak zoveel op me af, dat ik bang was te versplinteren. Bovendien wilde ik naast het toneel een boek schrijven. Die twee verlangens – het regisseren en het schrijven – kon ik niet tot harmonie brengen, hoe graag ik dat wilde. Daar werd ik ongelukkig van. Trok me terug. Gordijnen dicht. Er deden over mij geruchten de ronde waarin ik mezelf niet herkende. Als je jarenlang in de etalage staat, wordt er veel negatieve energie in je richting geblazen.”

Uit ‘Dankwoord?’ blijkt liefde voor het theater. Maar u noemt de theaterwereld ook een mijnenveld.

„Misschien is het hele leven wel levensgevaarlijk terrein, niet alleen theater. Een dichter zei: ‘Oorlog is niet gevaarlijk. De ene mens die zegt de ander te begrijpen, dat is gevaarlijk.’ Het theater oefent aantrekkingskracht op me uit. Acteurs inspireren me. Ik geef al jaren toneelles en heb een serie die Meer dan kale planken en wat hartstocht heet. Dat zijn openbare repetities, waarin belangstellenden in contact kunnen komen met de dramaliteratuur.”

In 1982 flambeerde u twee in jenever gedrenkte toneelpoppen als protest tegen het repertoire. U had de naam een ‘toneelschrik’ te zijn. Waarom?

„Het Nederlands toneel vind ik meestal te burgerlijk. Ik wil niet seizoen na seizoen een geglazuurde bonbon presenteren. Op zijn minst moet die stekelig zijn. Terwijl de poppen Jan Klaassen en Katrein in de pan lagen te smoren, las ik het programma van het gevestigde gezelschap Het Publiekstheater voor. Wat me destijds frappeerde was dat iemand me toeriep: ‘Had jezelf maar in brand gestoken.’ De strijd in de toneelwereld gaat hard tegen hard. Tot op heden weet ik niet wie dat zei.”

Heeft u uiteindelijk uw boek kunnen schrijven?

„Ja, het gedroomde boek, Nadere instructies volgen, komt volgende maand uit. Het gaat over een verzekeringsagent die op gespannen voet staat met de werkelijkheid. Dat is een geestesgesteldheid die me zeer vertrouwd is. ”

‘Dankwoord?’ 23-25 okt Bellevue, Amsterdam Tournee t/m 15/12. Inl.: www.devoortzetting.nl