Rode worstelaar

‘De dreiging is sterker dan de uitvoering’, zegt een oude schaakwijsheid die onder allerlei omstandigheden toepasbaar was, bijvoorbeeld als Emanuel Lasker een sigaar naast zijn bord legde.

Magnus Carlsen varieerde laatst op het thema toen hij in een Zweedse televisie praatshow zei dat de aankondiging van zijn samenwerking met Kasparov bijna even effectief kon zijn als de samenwerking zelf.

Dat kan waar zijn. Veselin Topalov mopperde al dat hij niet meer wist wie hij voor zich had als hij tegen Carlsen speelde. Het ging hem natuurlijk om de openingsfase, maar die duurt tegenwoordig tot diep in het middenspel.

In een verhaal zou het inderdaad zo gaan. Nadat de jonge ster triomfantelijk wereldkampioen is geworden, onthult hij dat zijn gevreesde mentor in feite al jaren in een rusthuis verblijft en dat hun zogenaamde samenwerking alleen bleek uit een paar met de computer gemanipuleerde foto’s.

Waarom niet? Als in de kunstwereld de grote Salvador Dalí nog op zijn sterfbed duizenden handtekeningen kon zetten op lege papieren waarop zijn medewerkers later de meesterwerken moesten aanbrengen, dan moet er in de schaakwereld ook zoiets te verzinnen zijn voor oude genieën.

In die televisieshow stelde Carlsen het niet voor alsof hij met Kasparov een bovenaards supermens had ingehuurd. Kasparov had veel te bieden, maar kon ook wat leren van hem. En in de vluggertjes die ze af en toe speelden, was de score ongeveer gelijk. ,,We willen allebei niet graag verliezen, vooral hij niet’’, zei Carlsen.

Hij vertelde ook nog iets over zijn laatste toernooi in China, waar hij gespeeld had in een rood Chinees pak. De anderen hadden ook Chinese pakken, dat was verplicht geweest, maar veel minder uitbundig gekleurd.

Wat velen al dachten, bleek waar te zijn, Carlsen had inderdaad dat rode pak uitgezocht als wapen in de strijd. Niet alleen om het verhaaltje over de rode lap en de stier, maar op grond van wetenschappelijk onderzoek waaruit bleek dat rode worstelaars wonnen van blauwe worstelaars.

Mag je ook een wild shirt dragen, waar de tegenstander duizelig van wordt? Volgens Carlsen had Topalov wel eens iets in die trant geprobeerd.

Behalve dat ik hoop dat Kasparov zijn pupil nog eens tot het Konings-Indisch zal weten te verleiden, is er geen verband tussen het vorige en de partij die hier straks volgt.

Botwinnik schijnt eens gezegd te hebben dat we voor Jefim Geller niet wisten hoe het Konings-Indisch gespeeld moest worden, en in Israël wordt af en toe op die uitspraak gevarieerd door Jefim Geller te vervangen door Ilia Smirin.

De partijen van de Israëli Smirin tonen, nog meer dan die van Teimoer Radjabov, de grote verleidingskracht van het Konings-Indisch. Kortchnoi mag zeggen dat zwartspelers in die opening hem doen denken aan dronken soldaten aan het front die lukraak schieten en van dekking zoeken nog nooit gehoord hebben, Petrosian kon er over pochen dat de inrichting van zijn prachtige nieuwe flat in Moskou betaald was door de verdwaasden die tegen hem Konings-Indisch speelden, maar voor zo'n avontuurlijke partij als deze, en Smirin speelt zulke partijen vaak, heb je wel wat nederlagen over. Het Konings-Indisch is een Phoenix die vaak geplukt en geroosterd wordt, maar steeds herrijst.

Iveri Chighladze - Ilja Smirin, Bakoe Open, september 2009

1. d4 Pf6 2. c4 g6 3. Pc3 Lg7 4. e4 d6 5. f3 0-0 6. Le3 Pc6 7. Pge2 a6 8. Dd2 Ld7 9. Pc1 Wit speelt niet op koningsaanval, maar streeft naar rustiger spel. Hij zal weinig rust kennen in deze partij. 9...Ph5 10. Pb3 Na 10. g4 hoeft zwart niet meteen terug, want hij heeft 10...e5. 10...a5 11. g4 a4 12. Pxa4 Na 12. Pc1 heeft zwart weer 12...e5. 12...Txa4 13. gxh5 e5 14. d5 Dh4+ Een verrassend stukoffer. Het meer voor de hand liggende 14...Pd4, waarmee zwart slechts een pion investeert, was ook wel speelbaar. 15. Lf2 Dxh5 16. dxc6 Dxf3 17. cxd7 Dxh1

Een chaotische stelling waarover je misschien alleen kunt zeggen dat de beste speler zal winnen. 18. Pc5 Hij had beter zijn pion kunnen dekken met 18. Dd3, niet alleen omdat een pion altijd iets waard is, maar vooral om zwarts toren buiten de deur te houden. 18...Txc4 19. De2 b5 20. b3 Tc3 21. Lh4 Een voor de hand liggende zet - wit wil promoveren met zijn d-pion - die op ongewone manier weerlegd wordt.

21...Th3 Wit rekende waarschijnlijk op 21...Txc5, maar vast niet op deze plotselinge sprong naar de koningsvleugel. 22. d8D Txd8 23. Lxd8 Txh2 24. Dxb5 Hiermee laat wit have en goed in de steek, maar ook na andere zetten zou zwarts aanval overweldigend zijn. Mikhail Golubev geeft in Chess Today nog de aardige variant 24. De3 Lh6 25. Lg5 Lxg5 26. Dxg5 Df3 27. Pd3 Dxe4+ 28. Kd1 Df3+ 29. Ke1 f6, waarna wit, hoewel hij twee stukken voor vijf pionnen heeft, glad verloren staat. 24...Df3 Nu gaat het sneller. 25. Le2 Dc3+ Wit gaf op.

Schaakopgave

Oplossing: 1...Pf4 2. Lf8+ (Na 2. gxf4 Txh3+ was wit snel mat gegaan) Kh7 (Beter dan 2...Kxf8 )3. Kg1 Tc1+ (Nog veel sterker dan 3...Pxe2, wat zwart deed) 4. Te1 De4 en zwart wint.