Welles-nietes over omkoping in Tilburg

Vroeg raadslid Smolders om smeergeld of niet? Een reconstructie van een zaak, aangezwengeld door de in het nauw gebrachte burgemeester Vreeman.

In De Postelse Hoeve is verwennen volgens de internetsite van de uitbater nog een vak. Ruim een jaar geleden ontmoet het Tilburgse raadslid Hans Smolders in dit lokale café-restaurant projectontwikkelaar Andrew Roud.

Het Amerikaanse bedrijf Mahon Development Group (MDG), waarvoor de Canadees Roud (1964) als managing director Europe werkt, wil in Tilburg een groot winkelcentrum bouwen, een shopping mall. Een omstreden plan. Daarom lobbyt Roud bij fractievoorzitters uit de gemeenteraad.

De gesprekken zijn in het Engels, hoewel Roud Nederlandse les volgde aan de Universiteit van Californië en Berkeley. Hij kent Nederland. Voordat Roud bij MDG gaat werken, zet hij voor het bedrijf McArthurGlen in Lelystad en Roermond Factory Outlet Centers op, waar fabrikanten zonder tussenhandel rechtstreeks merkkleding kunnen verkopen. Om dat mogelijk te maken moet hij ook lobbyen bij overheden.

Die dag, 3 september 2008, is Hans Smolders aan de beurt in De Postelse Hoeve. Hij is voorzitter van de fractie van Lijst Smolders Tilburg.

Smolders: „We aten en praatten wat. In het Engels. Dat betekent voor mij in handen en voeten Engels. Ik vroeg Roud hoe hij de PvdA-fractie in godsnaam enthousiast had gekregen voor het bouwen van een koopgoot in een natuurgebied. Roud zei: ‘Money can buy everything’ en ‘Ruud [Vreeman, de burgemeester, red] is taking care of things’. Ik vroeg hem of andere partijen ook een gunst konden krijgen, zoals Vreeman blijkbaar had ontvangen. Dat kon, zei Roud. We maakten een tweede afspraak in het restaurant, want Roud wilde niet door de telefoon praten.”

Berichten dat hij een bandopname van dit gesprek heeft, ontkent Smolders. „Dat had ik willen doen, maar het is er niet van gekomen.”

Drie weken na het eerste gesprek, en vier dagen voor het tweede gesprek, belt Andrew Roud met Ruud Vreeman. De burgemeester in zijn verklaring die hij woensdagavond voorleest in de raadsvergadering: „Roud belde mij op 26 september 2008 vanuit de VS met de mededeling dat de heer Smolders 75.000 euro aan hem gevraagd had om vóór de shopping mall te stemmen.”

Op 30 september zitten Roud en Smolders weer in De Postelse Hoeve. Smolders: „Roud was helemaal omgedraaid. Hij zei: ‘Een gunst geven kan niet. Dat doen we niet’. Vreeman heeft natuurlijk tegen hem gezegd: ‘Met Smolders moet je nooit zaken doen’. Maar dat kan ik niet bewijzen.”

Vreeman zegt dat hij, na het telefoontje van Andrew Roud op 26 september, „meteen” contact zoekt met hoofdofficier Hugo Hillenaar van het parket Breda. Wettelijk is hij hiertoe verplicht.

Vreeman informeert Hillenaar echter niet meteen. Dat doet hij een week later, nadat Roud en Smolders voor de tweede keer met elkaar gesproken hebben. De burgemeester spreekt Hillenaar op 3 oktober tijdens het reguliere overleg van de ‘driehoek’, waarbij de politiechef aanwezig is.

Het parket: „Vreeman vertelde dat hij van Roud gehoord had dat Smolders om geld gevraagd had. Omdat Roud geen verklaring wilde afleggen, heeft de hoofdofficier Vreeman uitgelegd dat vanwege gebrek aan bewijs geen onderzoek mogelijk was.”

Vreeman: „Roud was pas na de hele Mall-discussie bereid verdere informatie te geven.” Op 4 juni dit jaar wijst een krappe meerderheid van de Tilburgers in een referendum de winkelcentrumplannen van Andrew Roud af.

Een week later, 11 juni, belt Vreeman met hoofdofficier Hillenaar. Het parket: „Roud bleek alsnog bereid te verklaren. Daarom is eind juni de rijksrecherche een onderzoek begonnen. Roud en Vreeman zijn als getuigen gehoord.”

Hun belastende verklaringen zijn aanleiding voor de rijksrecherche Hans Smolders vorige week donderdag als verdachte te verhoren. Huiszoeking wordt niet gedaan bij het raadslid.

Volgens Smolders probeert Vreeman met de corruptieverdenkingen tegen hem, zijn eigen falen in de affaire rond het Midi-theater goed te praten. Vreeman zegt in diverse media dat het „voor de hand ligt” dat hij na de motie van afkeuring geen burgemeester kan blijven. „Ik ben realist.”

Smolders overweegt géén aangifte wegens smaad tegen de burgemeester: „Pim Fortuyn zei ooit tegen mij – hij had het over Melkert: ‘Op een lijk moet je niet dansen’. Dat ben ik nooit vergeten.”