Voor God en wetenschap

Met het hele gezin deelnemen aan een realityshow, het was het hoogst haalbare (excuses voor de onbedoelde woordgrap) voor het echtpaar uit Colorado. Wil je in zo’n show komen dan moet je dat handig aanpakken: je zet je heliumballon klaar in de voortuin en laat die onbemand de lucht ingaan, je verstopt je kind en doet dan net alsof je kind in die ballon zit. Maar helaas, het jongetje heeft als een mini-NSB’ertje zijn eigen ouders verraden en nu hangt de familie Heene’s een aanklacht boven het hoofd: misleiding en samenzwering, luidt de aanklacht. Ondanks de indrukwekkende voorbereidingen, hebben de ouders alles heel erg onhandig aangepakt.

Ten eerste hebben ze een verkeerd imago opgebouwd. De vader die voor de camera heel hard gaat roepen dat hij nooit meer tegen zijn zoon zal schreeuwen, hoort vanaf nu eerder thuis in een reclamespotje over een kort lontje dan in een realityshow. En dan die moeder. Huilend met haar kind in de armen, zegt ze: dit is de mooiste dag uit mijn leven. Je durft je nauwelijks voor te stellen hoe haar andere dagen eruitzien.

Maar belangrijker, en zeker aan te voeren ter verdediging: het geval Edgar Allen Poe. Mocht het tot een proces komen, dan kunnen de Heene’s zich beroepen op diens ‘The Balloon-Hoax’. Hierin vertelt hij het verhaal van mannen die op 13 april 1844 de Atlantische Oceaan oversteken in een luchtballon – in werkelijkheid vond een dergelijke overtocht pas 75 jaar later plaats. The New York Sun pikte het verhaal echter op, en nam het over als krantenbericht. De ballonvaart vanuit Engeland naar de VS zou hebben plaatsgevonden, maar een bevestiging van de landing van de luchtballon bleef uit. ‘We hebben reden om aan te nemen dat de informatie onjuist was’, diende men terug te krabbelen.

Behalve de vele feitelijkheden die Poe beschreef, nam hij ook ‘rechtstreekse’ verslagen op van de mannen in de luchtballon. Ook daarin feitelijkheden over de harde wind (waardoor ze niet richting Parijs gingen, maar richting VS), de ballast die ze overboord gooien, maar ook emoties. Zo schrijft een passagier, nadat hij de negen angstigste uren uit zijn leven achter de rug heeft: ‘Dat God ervoor mag zorgen dat de onderneming slaagt. Ik vraag het niet alleen om succes vanwege de veiligheid van mijn eigen onbelangrijke persoon, maar ook voor de menselijke kennis – en de grootte van de triomf’. Dát is imagebuilding: niet de mooiste dag van je leven huilend voor de camera doorbrengen, maar doodsangsten uitstaan voor God en wetenschap.

Zulke hoge idealen had de Heene’s-familie weliswaar niet, maar ze kunnen wel zeggen dat misleiding niet iets is wat ze aangerekend kan worden: de wil tot misleiding was even groot als de misleiding zelf. Het enige wat de familie aangerekend kan worden, is dat ze de realityshow prefereren boven God en wetenschap.

Toef Jaeger