Vast even voelen hoe het later ligt

Studentenpastor John Hacking heeft voor studenten een ‘louteringsgraf’ gegraven.

Laat hij daarmee studenten meer uit het leven halen of spot hij met de dood?

Exterieur (boven) en interieur van het 'louteringsgraf'. (Foto's John Hacking)
Exterieur (boven) en interieur van het 'louteringsgraf' (Foto's John Hacking)
hacking, john

Levend in een graf liggen. Getuigt dat van wansmaak? Is dit de goden verzoeken? Of is het een goede stap richting het doorbreken van het taboe dat de dood omgeeft? Als je recentelijk een familielid of een goede vriend hebt begraven, of vol doodsangst zit, zal je anders reageren dan iemand die de dood heeft leren kennen en haar niet langer vreest. En als je Paul de Leeuw of Theo Maassen bent, krijg je vermoedelijk de lachers op je hand als je in een graf gaat liggen. Maar als Andries Knevel of Jan Peter Balkende dit doen, roept dat weer hele andere reacties op. Grote kans dat onze premier dan zelfs het wereldnieuws haalt .

Ook de levensbeschouwing die je hebt, is van invloed op het al dan niet verafschuwen van het Nijmeegse louteringsgraf. Een orthodox-christen zal dit ronduit walgelijk vinden en noemt het spotten met de dood. In het boeddhisme is contempleren over de dood een belangrijke spirituele oefening. Boeddhistische monniken mediteren op verbrandingsplaatsen en begraafplaatsen. Ze contempleren zelfs bij lijken die in verschillende staten van ontbinding zijn. Dit doen zij met het doel tot gelijkmoedigheid te komen: de dingen te zien zoals ze zijn zonder dat het geestelijke evenwicht wordt verstoord.

Of het een acceptabele bezigheid is, levend in de koude grond liggen, zal iedereen voor zichzelf moeten uitmaken. Het roept in ieder geval veel tegenstrijdige reacties op. Bij mij activeert het vooral nieuwsgierigheid die bevredigd wil worden. Vanuit een vrije val met een parachute op mijn rug doodsangst in de ogen kijken, durf ik niet. In een graf liggen schat ik veiliger in. Hoe zal het zijn om in een graf te liggen? Slaat de paniek toe? Of kom ik tot nieuwe inzichten en briljante ideeën die de kwaliteit van mijn leven ten goede zullen komen?

Met een licht bonzend hart volg ik studentenpastor Hacking naar het graf in de tuin van de Nijmeegse studentenkerk. Voordat ik het louteringsgraf instap, duwt hij me nog snel een vaal rood tuinstoel en een gebloemd kussen in de handen: „Neem dit maar mee, dat ligt wat lekkerder.”

Op het moment dat ik een been in het graf zet, is het graf geen graf meer,maar een doodgewone zandkuil. En valt alle angst meteen van me af. Het blijkt dat de pastor mijn interpretatie deelt: „Als je het woord graf erop plakt, denken mensen meteen: dood, horror, akelig. Maar dit is een doodgewone kuil. Meer is het niet.”

Ik ga liggen met de handen op mijn buik en staar omhoog. De lucht is strakblauw. Boven me zwiepen de toppen van een beuk en een eik zachtjes op en neer. Een kraai vliegt voorbij, landt op een tak van de beuk en krast zijn lied. Naast me zie ik zand, grove stenen en plantenwortels. Ik ruik aarde, hoor merels fluiten, het verkeer voorbij razen en de geluiden van een nabijgelegen bouwput. Een diepe ontspanning trekt over mij. Wat een rust. De wereld holt even verder zonder mij. Heerlijk. Mijn lichaam tintelt van alle kanten en voelt zich springlevend. Na drie kwartier moet ik plassen en klauter uit de kuil.

Als ik later mijn artikel schrijf, keren mijn gedachten terug naar het graf. De rust trekt meteen in mijn lichaam en zorgt voor een bezinningsmoment. Waar ben ik eigenlijk mee bezig? Moet ik mijn kostbare tijd echt besteden aan het creëren van een verhaal rondom een zandkuil? Maakt dat mijn leven waardevol? De zon schijnt. De terrassen zitten vol. Het leven roept. Drie kwartier grafliggen werkt zeer relativerend.

Of de pastor de intentie heeft me te weerhouden van het schrijven van dit artikel, betwijfel ik. Vooral als ik verneem hoe verheugd hij is met de mediahype die zijn project tot stand bracht. Glunderend vertelt Hacking over de meer dan veertig verslaggevers uit Nederland, België en Duitsland die hij te woord heeft gestaan voordat zijn kunstproject half september van start ging. Om de journalistieke behoefte te bevredigen vroeg Hacking twee studenten een kwartiertje proef te liggen. De camera’s zoemden gretig in.

Sinds het graf officieel geopend is, ligt het er eenzaam bij. Niemand is tot nu toe uit eigen motivatie het louteringsgraf ingegaan. De pastor is er niet rouwig om: „Het is ook niet mijn bedoeling om studenten het graf in te jagen. Het gaat om het bespreekbaar maken van eindigheid. Het is een aansporing om een pas op de plaats te maken en na te gaan: wat doe ik met mijn kostbare tijd voordat het stopt? Mensen praten doorgaan nauwelijks over de dood. Dankzij de mediahype is het debat in gang gezet.”

De dood is nog altijd een groot taboe in Nederland. Onderzoek wijst uit dat tweederde van de Nederlanders nooit over de eigen dood spreekt met familieleden. „Dat vinden mensen te confronterend”, zegt Hacking. „Maar angst wordt juist hanteerbaar als je het in de ogen kijkt.” Met het verdwijnen van westerse rituelen rondom de dood, zoals het dragen van rouwbanden, is de dood uit ons leven verbannen, meent hij.

In veel andere culturen is de dood onlosmakelijk verbonden met het leven en vieren mensen de dood uitbundig. In Mexico is bijvoorbeeld ‘De dag van de doden’ een populaire feestdag, waarop families met versieringen en picknickmand richting kerkhof trekken.

„Bezinning op de dood, is bezinning op bevrijding”, schreef filosoof Michel de Montaigne. Dat meer bekendheid met de dood de angst vermindert en dat een vermindering van angst het leven makkelijker maakt, lijkt aannemelijk.

Maar waarom wil Hacking vergankelijkheid op deze controversiële manier ter sprake brengen? Waarom nodigt hij niet studenten uit op zijn met inspirerende teksten behangen werkkamer, met thee en tissues binnen handbereik? „Dat doe ik ook, maar dan blijft het toch vooral theoretisch gepraat. Nu is het een lichamelijke ervaring en komt het meer binnen. Alle zintuigen doen mee. Je ruikt en voelt de aarde, je hoort de wind, ziet kleine insecten.”

Of zijn project de beste manier is om het taboe van de dood te doorbreken en levensgeluk te verhogen, is de vraag. Daarentegen lijkt het ontkennen van de dood in ieder geval niet het juiste recept voor optimaal levensgeluk.