Twee stoelen zijn ook een bank

Kan niet, lukt niet. Dat is het geijkte antwoord van de banksector op het idee dat banken moeten worden opgesplitst in een bedrijf dat spaargeld, deposito’s en ander kort geld op de geldmarkt aantrekt en leningen uitschrijft, en een bedrijf dat voor eigen rekening actief is op de financiële markten. De eerste groep moet aan strikte voorwaarden voldoen, maar wordt wel gesteund worden als er iets fout gaat. De tweede groep gaat, binnen de grenzen van de kapitaalseisen en toezicht uiteraard, zijn gang maar, maar hoeft verder nergens op te rekenen.

Zo’n plan is niet nieuw. In 1933 voerde het Amerikaanse Congres de zogenoemde Glass-Steagall Act door, die een eind maakte aan de betrokkenheid van banken bij speculatie op de beurzen die ten grondslag lag aan de krach van 1929 en de instorting van het financiële stelsel daarna. Banken konden kiezen of zij voortaan een ‘retailbank’ of een ‘zakenbank’ wilden zijn.

In de jaren tachtig werd de wetgeving stilaan versoepeld, en in 1999 kwam er formeel een eind aan. Fuserende bankgiganten mochten weer van alles tegelijk. Na de kredietcrisis zijn er nog maar twee grote onafhankelijke zakenbanken over: Goldman Sachs en Morgan Stanley (een afsplitsing van het Morgan-imperium van destijds). De rest is of bankroet, of overgenomen. In Europa was het de opkomst van het Allfinanz-concept dat in de jaren negentig bankieren, verzekeren en speculeren voor eigen rekening in grote concerns samendreef. ING is er een schoolvoorbeeld van. Sindsdien zijn er door alle haastige overnames en reddingsoperaties tijdens de kredietcrisis alleen maar meer grotere, en veelomvattender, financiële reuzen ontstaan.

Mervyn King, de topman van de Britse centrale bank, gooide deze week de knuppel in het hoenderhok door te pleiten voor een nieuwe scheiding van bankactiviteiten. De reacties zijn voorspelbaar: kan niet, lukt niet, en als het wel zou kunnen en lukken zou het internationaal moeten worden ingevoerd.

Dat is jammer, want hoewel de banklobby zich inmiddels heeft hervonden en zich met veel geld verzet tegen elke vorm van wetgeving die haar oude vrijheden beknot, blijft Glass-Steagall het allerbeste idee om een herhaling van een ramp te voorkomen. Wie weet, komt het er in een verre toekomst nog wel van. China heeft last van zijn eigen zeepbellen, maar overleefde de kredietcrisis intussen vrijwel ongeschonden. Een van de redenen? De strikte scheiding tussen gewone banken en zakenbanken. Nóg een kredietcrisis en misschien is de bancaire wereld dan wel rijp voor het Chinese model.

Maarten Schinkel