Bijna zoals in het leven zelf

Rauwe schoonheid in Fish Tank, over een pubermeisje op de grens van volwassenheid.

Een zeldzaam mooie filmervaring.

Scene uit de film Fish Tank (2009) Foto: Cinéart

Fish Tank, de tweede film van regisseur Andrea Arnold, lijkt zich op het eerste gezicht naadloos te voegen in de rijke Britse traditie van sociaal-realisme van grote namen als Mike Leigh en Ken Loach. De vijftienjarige Mia (de zeer sterk debuterende Katie Jarvis) woont met haar alleenstaande moeder (Kierston Wareing) en haar jonge zusje Kylie in een buitenwijk van Essex. Ze gaat niet meer naar school en heeft steeds ruzie met haar moeder, die haar bij het minste of geringste de huid vol scheldt.

Mia is zelf ook een nogal hardhandig type dat meteen een kopstoot uitdeelt als iemand iets zegt wat haar niet zint. Vriendinnen heeft ze niet, en met haar boosheid weet ze de indruk te wekken dat ze die ook niet nodig heeft. Haar enige uitlaatklep zijn de danspassen die ze instudeert op hiphop en waarop ze oefent in een lege flat, waar niemand haar kan zien.

Het meisje heeft een muur van achterdocht en agressie rond zich opgetrokken, maar die begint te wankelen als haar moeder een nieuwe man mee naar huis neemt. Deze Connor (Michael Fassbender) ontfermt zich vaderlijk over de twee meisjes. „I like you. I’ll kill you last”, zegt Kylie tegen hem, een gevoelige ontboezeming in deze rauwe leefwereld. Tussen Connor en Mia ontstaat een broeierige sfeer. Zij verschijnt aan de ontbijttafel in haar slipje, hij gaat steeds net iets te ver in zijn lichamelijke toenadering.

Tot zover had Fish Tank misschien ook een film kunnen zijn van Leigh of Loach, al is de film consequent, met veel inlevingsvermogen verteld vanuit het perspectief van Mia. Dat verraadt wellicht de hand van een vrouwelijke regisseur. Maar wat Fish Tank echt bijzonder maakt is de volstrekt onsentimentele toon. De wereld van Fish Tank is wat het is; meestal lelijk, soms mooi, met uitzichtloze sociale misère, maar nu en dan ook met een glimp van pure vreugde.

Bij Arnold is geen spoor te vinden van het theatrale dat de films van Leigh aankleeft, en ook niet van de politieke boodschappen van Loach. Ze vertelt haar verhaal zonder de druk of dwang van enige agenda. Haar observerende stijl staat zo dichter bij het werk van de Waalse broers Dardennes dan bij haar beroemde landgenoten. Fish Tank is een film die zich afspeelt in een fase voordat meningen en ideeën vorm krijgen en vaststaan – bijna zoals in het leven zelf. Zulke films zijn zeldzaam, maar ze behoren tot de mooiste filmervaringen die er zijn.

Kierston Wareing schitterde eerder in de hoofdrol van It’s a Free World, maar heeft hier een wat ondankbare rol als de moeder, het minst complexe personage in de film. Fassbender, bekend uit Hunger van Steve McQueen, bewijst opnieuw dat hij een van de beste acteurs is van dit moment.

Arnolds schets van Connor, en zijn ongepaste toenadering tot Mia, is bijzonder subtiel. Het is heel moeilijk om te bepalen of zijn vriendelijkheid en charme oprecht zijn of onderdeel van een seksueel veroveringsplan. Weet hij wat hij doet, of laat hij zich meeslepen door gevoelens die hij zelf ook niet in de hand heeft? Voor beide lezingen valt wel iets te zeggen.

Iets vergelijkbaars geldt voor Mia, een personage dat zeer precies getroffen is op de precaire overgangsleeftijd tussen kind en volwassene. Ze doorziet het egoïsme en de hypocrisie van de volwassen wereld scherp, wat onverlet laat dat ze er ook diep door wordt geschokt en getekend.

Van een imposante schoonheid, met de nodige erotische symboliek, is een scène waarin Connor en Mia in het water van een riviertje staan, en hij haar leert hoe ze met haar blote handen een vis kan vangen. Krachtig en ontroerend is ook de dansscène tegen het einde, op de virtuoze hiphop van rapper Nas: „Life’s a bitch and then you die.” Dat kan best zijn, maar er wordt soms toch nog gedanst.

Fish Tank

Regie: Andrea Arnold. Met: Katie Jarvis, Michael Fassbender. In: 7 bioscopen.