Peperduur asfalt vol scheuren, gaten en hobbels

Ruslands vervallen wegen geselen de automobilisten. Maar aan modernisering wordt niets gedaan. Door de corruptie kost asfalt vier keer zo veel als in China.

Op nog geen honderd kilometer buiten Moskou begint de asfaltjungle, waarin het ene gat in de weg het andere opvolgt. Auto’s bewegen zich er als wilde dieren voort en bonken op hun schokbrekers. Een vluchtstrook is er niet, een drukbezette onverharde inhaalstrook wel. Voor een automobilist is het hier een kwestie van overleven, ingehaald als hij aan alle kanten wordt door coureurs in oude Lada’s en de nieuwste, zwarte modellen van BMW, Lexus en Mercedes.

De vervallen weg naar Sint-Petersburg, de belangrijkste weg van Rusland, wordt slechts af en toe doorbroken door een paar kilometer vierbaanssnelweg, maar is voor het overgrote deel nog altijd een armoedig tweebaansmonument uit de tijd van de Sovjet-Unie. Met in de berm boerenvrouwtjes die in de beginnende herfstkou hun komkommers en verse Antonovka-appels verkopen. Alleen racen er nu dagelijks duizenden vrachtwagens overheen, die Moskou bevoorraden met westerse levensmiddelen en consumptiegoederen.

De Russische wegen zijn slecht en hoe verder je buiten Moskou komt, hoe slechter ze worden. Dat komt niet zozeer door sneeuw en ijs, die het land de helft van het jaar geselen, want slecht weer heb je in Finland en China ook en daar zijn de hoofdwegen prima. Boosdoener is wel de prijs van de aanleg van een kilometer asfalt, die in Rusland veel hoger ligt dan elders in opkomende economieën.

De modernisering van de Russische infrastructuur schiet dan ook niet op, met dramatische gevolgen voor de modernisering van het land die dagelijks door premier Poetin en president Medvedev wordt verkondigd. Volgens hen is Rusland in 2020, als het plan-Poetin moet zijn vervuld, een van de beste landen ter wereld om te leven.

Maar zonder goed wegennet, betrouwbare energieleveranties, goede communicatiesystemen en mogelijkheden om je gemakkelijk te verplaatsen, is van een snelle economische ontwikkeling geen sprake, schreef de directeur Vladislav Inozemtsev van het Centrum voor Post-Industriële Studies en Vrije Gedachte onlangs in kwaliteitskrant Vedomosti. Om zijn stelling kracht bij te zetten kwam hij met wat cijfers aanzetten. En die waren schokkend. Zo bleek dat Rusland in 2008, op het hoogtepunt van zijn olierijkdom, slechts 2.300 kilometer snelweg had aangelegd. China, een andere opkomende economie, had voor diezelfde afstand tien dagen nodig.

Ook presenteerde Inozemtsev het kostenplaatje: een kilometer vierbaanssnelweg bleek in China 2 miljoen euro te kosten. In Rusland was dat 8,85 miljoen, meer dan vier keer zoveel.

Dat prijsverschil beperkt zich alleen niet tot de wegenbouw, maar ook tot de bouw van bijvoorbeeld pakhuizen, een andere vereiste voor een moderne economie. Die bouw is in Rusland drie keer zo duur als in China en ook veel duurder dan in Duitsland.

De oorzaak van die hoge kosten komt voort uit de Russische traditie: de overheid betaalt bewust veel te veel, zodat zowel de uitvoerders als de betrokken ambtenaren er zelf ook wat extra’s aan overhouden, ongeveer het verschil met de werkelijke kosten.

Inozemtsev noemt degenen die met de staat samenwerken parasieten. Een boude uitspraak die hij echter met cijfers weet te onderbouwen. Tussen 2006 en 2008 is er voor ruim 157 miljard euro in Russische infrastructuurprojecten gestoken, zonder veel zichtbaar resultaat. Al dat geld is dus in de zakken van de betrokkenen verdwenen. Als genadeslag meldt Inozemtsev ook nog eens dat de kosten om aan deze winstgevende zaakjes te kunnen meedoen jaarlijks met 25 à 40 procent stijgen.

Voor Rusland voorlopig dus geen nieuwe wegen of goede communicatiesystemen, want het systeem dat de hele Russische economie in zijn greep heeft, laat zich niet makkelijk uitroeien. Wel blijft het land zitten met tal van verouderde energiecentrales die ieder moment kunnen ontploffen, zoals in augustus in Siberië de waterkrachtcentrale van Sajano--Sjoesjenskaja deed.

Inozemtsev legt in zijn artikel op eenvoudige manier het grootste obstakel bloot voor een voorspoedige modernisering van Rusland. De voornaamste conclusie die je uit zijn uitspraken kunt trekken is dat al het oliegeld dat Rusland de afgelopen tien jaar heeft overspoeld slechts een kleine groep mensen echt rijk heeft gemaakt: zakenmannen die over uitstekende banden met de staat beschikken. Zij voelen zich beschermd door Poetin en zullen zich blijven verzetten tegen een politieke liberalisering, omdat die eerlijke maar bedreigende concurrentie met zich meebrengt.

Eenmaal bij de afslag naar het datsjapark van vriendin Galina is de weg ineens zoals hij overal zou moeten zijn: van dik, mooi asfalt. „Ach ja”, zegt ze. „Mijn buurman is het hoofd van de gemeentelijke wegenbouw. Hij heeft wat asfalt voor eigen gebruik meegenomen. We profiteren er allemaal van, want als het vroeger regende was deze bosweg onbegaanbaar en waren onze datsja’s onbereikbaar.”