Nieuw plan voor ingang Rijksmuseum

Het Rijksmuseum Amsterdam, dat sedert eind 2003 in verbouwing is, wil alsnog één centrale ingang in de onderdoorgang, met behoud van een fietspad en voetpad.

Centraal in de fietstunnel onder het gebouw komen twee trappen die naar een lager gelegen binnenplein leiden. De tunnel blijft ook open als het museum sluit. Onder aan de trappen komen deuren of rolluiken. De kosten van het nieuwe ontwerp blijven binnen het totale budget van 360 miljoen euro, en binnen de geplande bouwtijd van tien jaar.

Over de nieuwe ingang is de afgelopen jaren veel heisa geweest: het oorspronkelijke idee van architecten Antonio Cruz en Antonio Ortiz werd getorpedeerd door onder meer het stadsdeel Oud-Zuid. Uiteindelijk werd besloten tot een compromis: vier verschillende ingangen met draaideuren. Directeur Wim Pijbes, die vorig jaar juli aantrad, was hier niet gelukkig mee omdat hij het zonde vond om na een verbouwing voor een ‘ongelooflijk bedrag’ uit te komen op „vier onzinnige zielige ingangen.”

Volgens Pijbes is het grote voordeel van het nieuwe plan, dat de bezoekers nu rechtstreeks aan het begin van de eregalerij uitkomen, die eindigt in de zaal met De Nachtwacht van Rembrandt. Bovendien wil hij één entrée die je midden in het museum brengt: „Dat is ideaal voor de oriëntatie.”

Pijbes hoopt op niet teveel weerstand tegen zijn plan omdat hij het afgelopen jaar alle partijen erin heeft betrokken: „Ik heb gezocht naar een oplossing met een breed draagvlak.” Volgens hem zijn de gemeenteraad, de stadsdeelraad en verschillende belangengroepen voor zijn nieuwe plan: „Overigens is het geen ‘onderdoorgang’ want het loopt niet onder het museum door: het maakt onderdeel uit van het museum. Ik spreek liever over de passage, de nieuwe passage.”