Nederland stijgt op lijst persvrijheid

Nederland is gestegen op de persvrijheidsindex die Reporters Sans Frontières (RSF) elk jaar opstelt. Vorig jaar stond Nederland op de achttiende plaats, nu op de zevende.

Dat blijkt uit de ranglijst die gisteren is gepubliceerd door de internationale journalistenorganisatie RSF. Boven Nederland staan landen als Denemarken, Finland en Ierland. Onderaan de lijst staan Iran, Turkmenistan, Noord-Korea en Eritrea. In totaal zijn 175 landen beoordeeld op de vrijheid die journalisten er hebben.

Nederland wordt gezien als een land waar de persvrijheid groot is en mensenrechten gerespecteerd worden, maar de stijging op de ranglijst wordt vooral veroorzaakt doordat ándere landen het minder goed doen, zei een woordvoerder van RSF tegen persbureau ANP.

Nederland krijgt ook kritiek. Bijvoorbeeld op de rechterlijke uitspraak in een kort geding dat prins Willem-Alexander en prinses Máxima aanspanden tegen persbureau AP. AP mocht, oordeelde de rechter, niet langer foto’s van de skivakantie van het stel en hun dochters verspreiden op straffe van een dwangsom. De rechter baseerde zich daarbij op Europese jurisprudentie waarin wordt gesteld dat ook publieke personen recht hebben op een privéleven.

In de top-20 van de index staan, zoals elk jaar, vooral Europese landen. Maar de organisatie ziet wel een verslechtering voor journalisten in Europa. Vooral in Italië, waar journalisten te vrezen hebben van de georganiseerde criminaliteit.

RSF baseert zijn ranglijst op enquêtes onder journalisten, vakbondsbestuurders en (media)wetenschappers. In die enquêtes wordt gevraagd naar onder meer de juridische positie van journalisten, fysieke aanvallen op journalisten en de eigendomsverhoudingen in media – monopolies beïnvloeden de score negatief. RSF heeft ook onderzoekers in dienst die rapporteren over incidenten.

Bekijk de ranglijst via nrc.nl/binnenland