Geen klik tussen tekst en beeld

Het toneelstuk van Elfriede Jelinek over slachtoffers van de kredietcrisis had zo mooi kunnen zijn.

Maar het is een grote teleurstelling.

Wat een verspilling: eerst drie ton verspeeld met speculaties, en nu de hele familie gedood met een bijltje, om ze de schande te besparen: tragische verliezen aan mensenlevens achter het tragische verlies van geld aan gesmeten. In Underground portretteert de Oostenrijkse schrijfster Elfriede Jelinek een van de slachtoffers van de kredietcrisis: een kleine belegger die uit schaamte zijn familie doodde. Met bebloed gelaat zit hij zwijgend ineengedoken op het toneel. Achter hem zijn kwelgeesten, in de vorm van de omgeving die hem honend ter verantwoording roept: waarom heeft hij zichzelf niet gedood?

Deze sterke scène, waarin eindelijk wat persoonlijk drama opdoemt, komt pas op het eind van Elfriede Jelineks toneelstuk De contracten van de koopman. Vrij snel na de Duitse première brengen de Vlaamse groepen NTGent en Antigone samen een Nederlandstalige versie, onder de onbegrijpelijke titel: Underground.

Het was zo veelbelovend. Johan Simons, die bijvoorbeeld van Michel Houellebecqs Platform indrukwekkend politiek toneel maakte, regisseert het stuk van Elfriede Jelinek, die vijf jaar geleden de Nobelprijs won. Maar het is een grote teleurstelling.

Jelinek schrijft lastig te doorgronden traktaten zonder verhaal. Simons kiest daarom voor een lekker vette aankleding. Op het toneel een glimmende lege bankkluis met de ronde deur wijd open. Daarnaast een rond bassin, waar de acteurs zo nu en dan in en uit springen . Ze dragen de bonte, goedkope vrijetijdskleding van de Amerikaanse onderklasse: cowboylaarzen, bling, franjes. Simon zet verder vijf jonge meisjes in, grotendeels stagiaires, sexy gekleed als nachtclubdanseressen. Zij moeten de boodschap leuk aankleden, maar tekst en beeld maken nergens een klik. Echt tenenkrommend is de Brechtiaanse symboliek: een lijst met de zeven werken van barmhartigheid worden in het water geworpen. Natte velletjes met de logo’s van Shell en Fortis worden eruit gevist.

De opening is geestig: acteur Servé Hermans doet een goocheltruc en laat een briefje van 100 euro verbranden. Daarna wordt het meteen taai. Het eerste bedrijf, een klaagzang van een koor van kleine beleggers, is een eindeloze, ingewikkelde woordenbrij vol herhalingen en algemene abstracte termen die slecht kan verhullen dat Jelineks mededeling teleurstellend eenvoudig is: de boeven van de bank hebben met zwendel het spaargeld van de kleine beleggers afgepakt.

Deel twee is iets beter: een koor van bankiers praat over het verdwenen geld alsof het een kind is dat wegkwijnde bij de mensen thuis. Zij hebben het geld lekker aan het werk gezet op een Kanaaleiland. Veel beter voor dat geld. Een geestige metafoor voor de denkwereld der bankiers – sparen is zonde, wij weten wat goed is voor uw geld – die helaas slecht wordt gebracht door Simons’ jonge spelersgroep. Fascistoïde schreeuwen is een stijlmiddel dat zelden effect heeft.

Als op het einde eindelijk een menselijke tragedie verschijnt, met de berooide belegger die zijn gezin doodt, is het al te laat. Jelinek vergelijkt de kleine belegger met de Griekse halfgod Herakles, die ook zijn gezin doodde. Maar de vergelijking gaat mank: Herakles komt thuis als held. Voeg daarbij dat het bankierskoor de nieuwe, alles overkoepelende Europese bank ‘Herakles’ noemt, en de Griekse held blijkt er met de lange haren bij gesleept. De erudiet en ‘diep’ lijkende verwijzing benadrukt alleen maar de irritante warrigheid van Jelineks simplistische aanklacht.

Theater

Underground door NTGent en Antigone. Tournee t/m 23/12. Inl: www.ntgent.nl