Personeel van DSB staat met lege handen

1.300 werknemers van DSB zijn per direct werkloos, 700 over een paar maanden. Hoeveel er mee kunnen met onderdelen van DSB die doorverkocht worden, is nog onduidelijk.

„In één klap is alles weg”, zegt Monique Koffeman (48). „Ik heb geen werk meer. Ik moet waarschijnlijk deze week al mijn leaseauto en mijn telefoon inleveren en we hebben ook nog een spaarrekening bij DSB.”

Koffeman is een van de 1.300 werknemers van DSB die door het faillissement van de bank per direct op straat staan. Zonder ontslagvergoeding, zonder opzegtermijn. Bijna 700 DSB’ers mogen nog een paar weken of hooguit maanden blijven, om lopende zaken af te handelen. Maar ook zij zijn waarschijnlijk nog voor het nieuwe jaar hun baan kwijt.

Sinds het faillissement van Fokker in 1996, waarbij ruim 5.000 werknemers hun baan verloren, is het in Nederland niet meer voorgekomen dat zoveel mensen in één klap werkloos raakten.

Voor de werknemers van DSB is de boodschap op de dag dat het faillissement werd uitgesproken nog moeilijk te bevatten. „Als je me twee weken geleden had gezegd dat ik nu zonder werk zou zitten, had ik je uitgelachen”, zegt Koffeman. Ze werkte 14 jaar bij DSB. Ze begon als telemarketeer, maakte gestaag carrière binnen de bank en werkte er de laatste jaren als trainer. Gistermiddag, na het officiële ontslaggesprek, nam ze afscheid van haar collega’s. „Dat was een emotioneel moment. Er zijn heel wat tranen gevloeid. Eén van mijn collega’s werkte al dertig jaar voor Dirk. Al die kennis, alles wat we hebben opgebouwd, gaat nu zomaar de container in.”

Chris van der Blonk (38) hoorde gistermiddag dat hij nog even in dienst mag blijven. Al heeft hij „geen flauw idee” hoe lang. „Een maand, vier maanden? We tasten compleet in het duister.” Hij is teamleider Data Center Services bij DSB, de ICT-afdeling van de bank. Zijn team moet voorlopig doorwerken om te zorgen „dat de ICT-systemen blijven draaien”.

Hij is opgelucht, vanwege het uitstel, maar beseft tegelijkertijd dat ook hij zijn baan straks gewoon kwijt is. „Mijn hoofd loopt over. De afgelopen weken hebben we kei- en keihard gewerkt om de bank te redden. Iedereen liep op zijn laatste benen en nu is het ineens afgelopen. Dat is zuur.”

Van der Blonk werkt nog maar een jaar bij DSB, maar was er graag langer gebleven. „Het is een leuke club. Ik had er een aardige toekomst voorspeld voor mezelf.” In plaats daarvan moet hij binnenkort weer solliciteren. Lastig, maar niet onmogelijk, denkt hij. „Als ICT’er maak ik misschien iets meer kans op een nieuwe baan dan de meeste medewerkers.”

Maar een nieuwe baan ligt in Wognum en omgeving niet binnen handbereik, waarschuwen de vakbonden. „DSB bank is in deze regio de grootste werkgever”, zegt bestuurder Carla Kiburg van FNV Bondgenoten. „In West-Friesland is weinig vervangend werk.”

Ook Joop Hofland van vakbond de Unie ziet de toekomst van de ontslagen DSB’ers somber in. Over het deel van het personeel dat bij de callcenters in bijvoorbeeld Arnhem en Nijmegen werkt, maakt de vakbondsbestuurder zich minder zorgen. „Dat zijn vooral studenten met een bijbaantje, die vinden wel weer een nieuwe baan bij een ander callcenter. Maar de mensen van het hoofdkantoor in Wognum, waar bijna 800 van de 2.000 DSB’ers werken, zitten in een ellendige situatie: ze hebben een gezin en vaak een hypotheek met korting via de DSB. Zij zijn nu niet alleen hun baan kwijt, maar ook de korting op hun hypotheek.”

Van der Blonk heeft zo’n hypotheek van DSB, „overgesloten met personeelskorting”. Hij heeft geen idee hoe dat verder moet. Berustend: „Het is een van de vele vraagtekens op dit moment. Gelukkig heeft mijn vrouw nog een baan.”

De man van Monique Koffeman raakte twee maanden geleden zijn werk kwijt vanwege boventalligheid. „Hij heeft net weer een nieuwe baan, maar wel een halve. Financieel gaan we hard achteruit. Geen pretje met nog twee studerende kinderen thuis.”

Intussen slijpen de vakbonden de messen om er voor de werknemers „uit te halen wat erin zit”. Hofland van de Unie: „We hebben vorige week een digitaal platform opgericht om mensen te helpen bij het zoeken naar ander werk. Daar hebben zich nu al bijna 800 DSB’ers aangemeld.”

Het bedrijf zal waarschijnlijk in losse onderdelen worden opgeknipt en doorverkocht. Voor Hofland komt dan het „echte vakbondswerk” om de hoek kijken. „Ik kan me voorstellen dat het hypotheekdeel wordt doorverkocht aan bijvoorbeeld de Rabobank. Dan zit ik daar wel aan tafel om te zorgen dat ze een deel van onze mensen overnemen. Daar ga ik voor vechten de komende tijd."

Ook uitkeringsinstantie UWV staat klaar om de ontslagen DSB’ers te begeleiden naar ander werk. „We gaan op korte termijn in groepen van vijftig een collectieve intake doen”, zegt Wessel Agterhof van het UWV. „Daarna kan iedereen meedraaien met de sollicitatiecursussen en loopbaantrainingen van de bestaande mobiliteitscentra in Alkmaar, Hoorn of Den Helder.”

Maar eerst moeten de DSB’ers de klap van hun ontslag verwerken, denkt Agterhof. „Deze mensen hebben het ongelooflijk zwaar voor de kiezen gekregen. Er is tijd nodig om daar overheen te komen en weer zelfverzekerd de arbeidsmarkt op te gaan.”

Vandaag is Koffeman vrij. Raar, vindt ze. Veertien jaar lang stond ze bijna elke dag vroeg op. Dat hoeft nu niet meer. Ze heeft zich voorgenomen om meteen „de markt op te gaan”. „Vorige week vrijdag konden we al niet meer gewoon ons werk doen. Toen hebben we met z’n allen cv’s gemaakt en sollicitatiebrieven geschreven. Daarmee stap ik morgen naar uitzendbureaus. Ik laat me niet kisten.”

Hoofdrolspelers, gedupeerden, chronologie, opinie en video op nrc.nl/dsb