Experimenteren

‘Jouw moeder kan toch heel goed koken”, hoorde ik laatst een vriendje van mijn zoon fluisteren. De jongens deden een spelletje aan de keukentafel en ik stond wat te rommelen bij het aanrecht. Tijn: „Nou, dat valt wel mee. Gisteren liet ze de pizza nog aanbranden.”

Daar ging mijn schoolpleinreputatie. Maar mijn zoon sprak wel de waarheid. In la cuisine Vreugdenhil gaat regelmatig iets fout. De melk kookt over (dagelijks), de broccoli is ongaar (vorige week nog), de aardappels koken tot pap (een op de drie keer), de eiwitten willen niet stijf worden (zo af en toe, en ik weet nog steeds niet waaraan dat ligt), er zit zand in de sla (gebeurde me laatst; mijn gasten deden of ze niks merkten, maar ik schaamde me dood).

En dan heb ik het nog niet gehad over mijn mislukte experimenten. Gecremeerde koekjes, ingezakte puddingen, jam zo dun als water, apert vieze soep, zielige kroketten, deeg dat al kruimelt als je er naar kijkt. Nou ja, zo kan ik nog wel even doorgaan. Want hoe vaak er ook iets mislukt, het blijft leuk om zomaar wat aan te klooien in de keuken. En zolang je het een experiment noemt, mág het ook mislukken.

Deze week is het herfstvakantie, althans in een goed deel van Nederland. Vroeger vond ik niets fijner dan de hele herfstvakantie met mijn broer en zusje te monopolyen. In pyjama. Terwijl mijn moeder appeltaart stond te bakken, of brooddeeg kneedde, of draadjesvlees sudderde. En daarom lijken dit me een mooie dagen om weer eens alles uit de keukenkast te trekken. Een beetje freestyle koken, wat nieuwe dingen uitproberen.

Zo ontdekte ik onlangs een alternatieve manier om ovenaardappels maken. Door ze eerst beetgaar te koken, en niet braaf in plakjes of partjes te snijden maar te pletten met de onderkant van een pan, en daarna de oven in te schuiven, ontstonden heerlijke gebakken aardappeltjes met lekker veel rommelige, krokante stukjes. Wie wil voegt wat verse rozemarijn of tijm toe, of bestrooit de aardappels direct uit de oven met fijngehakte bladpeterselie.

Voor 2 personen:

500 – 600 gram niet al te grote, vastkokende (biologische) aardappels

extra vergine olijfolie

zeezoutvlokken

Boen de aardappels schoon onder stromend water. Zet ze half onder water in een pan, voeg zout toe en kook ze in 15 - 20 minuten bijna gaar. Verwarm de oven voor op 220 graden. Stort de aardappels op het werkvlak en plet ze met de bodem van de pan. Het moet geen puree worden, maar een slordig geheel van grote en kleinere brokken. Doe de aardappels over in een ovenschaal, besprenkel royaal met olijfolie en strooi er wat zout over. Bak de aardappels nog 15 - 20 minuten in de oven, tot ze goudbruin en krokant zijn.

Janneke Vreugdenhil

Vertel over jouw keukenexperimenten op www.nrcnext.nl/koken. Op nrc.tv maakt Janneke Vietnamese loempia’s.