Deze keer helemaal in balans

Bij de WK van 2007 en bij de Spelen in Peking (2008) greep hij mis, maar deze WK maakte Epke Zonderland geen fout.

De turner werd in Londen tweede op rek, achter Zou Kai.

Turner Epke Zonderland tijdens zijn rekfinale bij de WK in Londen, waar hij tweede werd. (Foto AP) Epke Zonderland of the Netherlands in action in the men's horizontal bar final during the World Gymnastics Championships at the O2 Arena in London, Sunday, Oct. 18, 2009. (AP Photo/Matt Dunham) AP

Medailles win je niet op bestelling, maar nooit was turner Epke Zonderland met zo’n goed gevoel aan een toestelfinale aan rek begonnen als gisteren. Hij voelde zich bij de wereldkampioenschappen in Londen zo sterk en was zo overtuigd van zijn kunnen, dat de zilveren medaille bijna vanzelfsprekend was.

Zonderland glom na afloop van oor tot oor en sprak vanuit de grond van zijn hart: „Ongelooflijk, echt ongelooflijk.” Waarmee de talentvolste van drie turnende broers uit Lemmer meer doelde op het gelukzalige gevoel dat hem bekroop, dan het feit dat hij tweede bij de WK was geworden.

Eindelijk wist hij wat er voor komt kijken om bij de WK het podium te bereiken en eindelijk wist hij welke emoties die prestatie teweegbrengen. Het was niet zomaar een zilveren medaille, nee, het was er één waarvoor hij hard had moeten werken. Want de rekfinale werd gisteren in Londen op een uitzonderlijk hoog niveau afgewerkt. Waar normaliter een aantal finalisten valt vanwege de grote risico’s, ontglipte op één na – de Amerikaan Jonathan Horton – niemand de rekstok. Toen Zonderland aantrad, wist hij dat voor een prijs een vrijwel vlekkeloze oefening vereist was.

De vraag of hij nog een vluchtelement uit zijn oefening zou halen, was op dat moment niet langer opportuun. Zonderland had geen keus: het was alles of niets. En waar hij zowel bij de WK van 2007 in Stuttgart als vorig jaar bij de Spelen in Peking mistastte, bleef hij gisteren in Londen keurig in balans. „Een kwestie van ervaring”, wist de turner. „In Stuttgart was mijn niveau nog niet goed genoeg voor een podiumplaats en in Peking waren het de zenuwen van mijn eerste Olympische Spelen, maar hier wist ik precies wat ik moest doen om een medaille te winnen. Die zelfverzekerdheid werd gevoed door mijn tevredenheid over de finale op brug (waar hij zesde werd, red.), die kort daarvoor was. Die oefening ging zo goed, dat ik vol zelfvertrouwen aan de rekfinale begon.”

Waar de WK in Londen op de meeste onderdelen zwak bezet werd, gold dat zeker niet voor de rekstok. Zowel de olympisch kampioen Zou Kai uit China, de zilverenmedaillewinnaar Jonathan Horton als de nummer vier van Peking, de Italiaan Igor Cassina, bereikte de finale. Uiteindelijk werd Zou wereldkampioen dankzij een voordeliger score van tweetiende punt ten opzichte van Zonderland. Dat verschil zat hem vooral in de combinatie van moeilijke grepen, want Zonderlands oefening oogt door de vele vluchtelementen spectaculairder. Maar volgens Zonderlands trainer Gerard Speerstra is de Chinees de terechte kampioen. Dat kon de turner niet beoordelen, omdat hij zich tijdens de oefening van Zou op zijn beurt voorbereidde.

Om meer dan één reden bracht de zilveren medaille veel emoties los bij Zonderland. Hij ervoer het ook als een hommage aan zijn oudere broer Herre, die in Londen afscheid nam als topturner. En de aanwezigheid van zijn familie gaf het feest voor hem een speciaal tintje. Weg waren de frustraties over de mislukte optredens bij voorgaande toernooien, de pijn van zijn regelmatig terugkerende schouderblessures en de tegenvaller dat hij niet werd toegelaten tot een universiteitsteam van de Penn University in het Amerikaanse Philadelphia. De medicijnenstudent Zonderland had zijn vleugels graag willen uitslaan in de Verenigde Staten, maar hij kwam niet door de ballotage, omdat hij sponsorinkomsten heeft terwijl de amateurstatus vereist is.

Als een kerel heeft hij de tegenvallers verwerkt. Zonderland pakte de draad weer op in het vertrouwde Heerenveen, waar hij zich toelegde op de WK in Londen. Want daar moest het maar eens gebeuren, vond de turner: na alle rimpelingen in zijn carrière was het nu oogsttijd.

Zonderland was in de Britse hoofdstad mentaal dusdanig sterk dat hij zich zelfs niet liet afleiden door een juryingreep naar aanleiding van de podiumtraining. Daar bleek dat een salto over de rekstok met een halve draai niet die tweetiende extra punt in zijn uitgangswaarde opleverde. Daardoor kon Zonderland zich bij de uitvoering minder fouten veroorloven dan Zou, die gisteren met een hogere uitgangswaarde van tweetiende punt turnde. Dat hij desondanks zilver won, stimuleerde zijn bravoure met het oog op de WK, die over een jaar in Rotterdam zijn. Zelfverzekerd: „Dan wordt het goud.”