Afkickkasteel

Met een plaksnor op liep ik door een eindeloos bos in Schotland. Uren al had ik geen wandelaars meer gezien. Mijn kompas gaf aan dat ik goed liep. Binnen afzienbare tijd zou ik stuiten op Castle Craig Hospital, op een landgoed zo’n 40 kilometer van Edinburgh.

Ik trok aan de bel van het kasteel. Langzaam ging de poort open.

„Ik kom voor mijn verloren zoon, Yuri”, zei ik en toonde mijn valse paspoort met de naam Wilfridus van Gelder erin. De man knikte en bood me een plek aan in de wachtkamer. „Yuri heeft nog drumtherapie”, zei hij. Ik moest even geduld hebben.

Ik deed een raam open. Aan de andere kant van de binnenplaats zag ik de schaduw van Yuri’s zwaaiende armen op een muur. Hij hield drumstokken beet. Ik hoorde een oud en bekend nummer van AC/DC.

Een kwartier later zaten Yuri en ik samen in een chique lounge, tussen andere familieleden die hun zoons en dochters opzochten in dit afkickcentrum. Het mastiek achter mijn snor plakte niet goed. Bij iedere knik van mijn hoofd moest ik het hele zaakje aandrukken.

Yuri trok de snor los: „Ik dacht het al: De Jong. Wat doe jij hier?”

Ik kroop dichter tegen hem aan, zodat niemand kon horen wat ik zei. „Jij zegt dat je in je vrije tijd cocaïne hebt genomen, voor de fun, toch?”

Yuri knikte.

„Ik heb de voorzitter van de Nederlandse turnbond op tv gezien. Meneer Geukens. Daar moet je het niet van hebben, denk ik. Meneer was in zijn nopjes toen hij – met zo’n zuinig lachje – zei dat dopingregels er niet voor niets waren. Hij ziet eruit als de bedenker van het rookverbod.”

Yuri knikte nog maar eens. „Ik zegt niks.”

In de lounge stond de televisie aan. In de arena in Londen was de laatste dag van de WK turnen aan de gang. De finale van de rekstok was in beeld. De Friese turner Epke Zonderland maakte schitterende vluchten en kwam steeds weer veilig met de handen terug aan de stang.

„Het vermoeden is dat de bond al jarenlang wist van je cocaïnegebruik, maar het stil hield. Zijn medailles belangrijker dan hulp?” vroeg ik Yuri. Hij draaide een figuurlijke sleutel rond tussen zijn lippen en gooide die weg.

„Ik ben stom geweest”, zei Yuri, terwijl Epke zich met reuzendraaien opmaakte voor de afsprong.

Yuri applaudisseerde voor Zonderland. „Geweldige oefening. Bijna perfecte landing. Epke heeft een medaille. Wedden?”

Even later keek Yuri vanuit Schotland glazig naar zijn collega in Londen, die met zilver om de hals het Wilhelmus aanhoorde.

„Time!” riep een veiligheidsman van het afkickcentrum. Iedereen stond op en omhelsde elkaar. Ik deed het ook maar, met de plaksnor in mijn vuist. Ik voelde de geblokte bovenarmen van Van Gelder om me heen. Zou hij ze ooit nog voor de ringen gebruiken? Over zijn schouder zag ik de spierballen van Zonderland glimmen op televisie.

Het schemerde toen ik de ophaalbrug afliep. Ik besloot nog een rondje om het afkickkasteel te maken. Daar was de muziek van AC/DC weer. Harder nu, en met een extra drummer die zoveel mogelijk lawaai leek te willen maken. Hij wilde gehoord worden, maar een dikke muur hield het meeste geluid tegen.

Na uren wandelen door het bos, nam ik de streekbus terug naar de bewoonde wereld.