Sport in beeld

Roep uw partner, dit gaan we even oefenen. Imiteert u eens wat vaker gefotografeerde sporters, alleen of met z’n tweeën. Dat is goed voor uw lichaamsbewustzijn en daarmee uw zelfvertrouwen. Krant tegen de rand van de spiegel, want die is onontbeerlijk. Uw gevoel – ‘Zo doe ik het goed’ – is bedrieglijk. U doet het vrijwel nooit goed.

Vooruit nu, niet bang zijn voor enige theatraliteit, liever dat dan aardappelzakkerigheid, kromme ruggen en schouders ter hoogte van oren. Dames goed kijken naar het hang- en steunwerk. Heren, geen bankschroefklem onder die oksel, een beetje elegant graag.

Lukt het?

Hoe dacht u dat sporters het voor elkaar kregen? Die zijn ook ooit zo begonnen. Controleren, corrigeren, gecorrigeerd worden vooral. Schouders laag! Borst op! Nek lang! Kin op de borst! Billen aanspannen. Voeten goed afrollen. En in ’s hemelsnaam, denk om de buikspieren. Bron van alle kracht!

De hele riedel, telkens weer.

De beloning voor al dat afzien is dit moment. En daarvoor ook al, de keuze voor roze, en voor lagen als van rozenblaadjes. Vederlicht. Een bijpassend strikje voor hem – niet gestrikt. Dat geeft alles die sfeer van nonchalance, van luxe, van gewicht- en moeiteloosheid. Hij, danseur noble, met lokken die meedeinen met zijn jaspanden, zij verrukkelijk, en verrukt om de viriele betrouwbaarheid waar ze van op aan kan. Enig minpuntje is de mouw van zijn jas die krampachtigheid verraadt.

En thuis? Doorzetten hoor! Nog even en het lukt ook op het ijs, met schaatsen aan.