Slûchslimme Dirk

Dirk Scheringa ging er altijd prat op geitenwollen sokken te dragen in de bruine schoenen onder zijn bankierspak. Dat imago van eenvoud, degelijkheid en simpelheid ging er bij half Nederland in als een DSB-lening in een kredietverslaafde. Tientallen jaren lang. Zelfs dit voorjaar – al midden in de kredietcrisis – bracht de KRO een suikerzoete documentaire over de Wognumse bankdirecteur. De televisiecamera’s snorden kritiekloos terwijl Scheringa trots mocht verhalen van zijn hobbyboerderij met schapen, zijn loopbaan van twee jaar mulo tot bankdirecteur, zijn al dertig jaar trouwe kaartvrienden, het DSB-hoofdkantoor, tevreden werknemers, blije klanten, zijn eigen portret in het Dirk Scheringa Museum, en – keer op keer – zijn goudeerlijke Friese wortels.

De echte Friezen noemen dit gedrag slûchslim: je presenteert jezelf als een Joris Goedbloed met hooguit lager onderwijs en het hart op de goede plaats. Ondertussen broedt je brein op voordeel, winst en kansen op andermans kosten. Want laten we, zoals Dirk zelf graag glimlachend pareert, „eens even kijken naar de feiten”.

In 1975 startte Scheringa Buro Frisia. Hij breidde uit tot DSB Beheer, een imperium met een bank, talloze tussenpersonen, vastgoed-, sport- en kunstbedrijven. Is dat bewonderenswaardig? Nee. Het is sluw en gewetenloos. Scheringa bouwde zijn succes op de te coulante toezichtwetgeving en de goedgelovigheid van de consument.

Al vanaf 2001 waarschuwden consumentenorganisaties tegen de koppelverkoop en valse informatie van Scheringa’s leenbedrijven. Via televisiereclames met BN’ers als Peter R. de Vries, Rick Engelkes, Edvard Niessing en Frits Bom lokte Scheringa berooide klanten om leningen te laten oversluiten tegen ‘spotgoedkope’ rentes. De klant moest op kantoor komen, waar hij overgehaald werd zijn huis te verpanden en kostbare polissen af te sluiten. Hij verliet het pand verward en reddeloos verloren. Wie eenmaal tekende zat muurvast, want zelfs (snel) aflossen kostte kapitalen.

Dit kon allemaal in het financiële Wilde Westen van begin deze eeuw. De Autoriteit Financiële Markten had nog geen boetes in het wapenarsenaal, provisies waren geheim, en de consument naïef. De kredietcrisis heeft deze verdwazing razendsnel weggeblazen. Kon Scheringa zich afgelopen maart nog kritiekloos aanbieden als crisisminister die de Nederlandse economie in twaalf maanden zou vlottrekken, nu gelooft niemand meer in de ex-bankier op geitenwollen sokken. Zelfs de banken willen zich aan Scheringa’s zinkende piratenschip niet branden. Een breed scala gedupeerden zit, al dan niet verdiend, met de brokken.

1. DSB-klanten

140 miljoen euro, van 4.000 spaarders met meer dan 100.000 euro per persoon bij DSB, valt niet onder de Depositogarantieregeling. 4.500 ‘spaarders’ met een DSB Achtergesteld Deposito moeten voor 110 miljoen euro achteraan sluiten in de rij schuldeisers. Gedupeerden door hypotheken en verzekeringen zitten in onzekerheid over hun schadeclaims.

2. De bankensector

Spaargelden die onder het Depositogarantiestelsel vallen en die DSB niet kan terugbetalen, worden door de andere banken betaald.

3. Dirks hobby’s

Het is de vraag wat uit de DSB-boedel overschiet voor het Scheringa Museum voor Realisme, het DSB Stadion, voetbalclub AZ en de DSB-schaatsploeg.

4. Een stoet VVD’ers

De VVD-prominenten Gerrit Zalm, Robin Linschoten, Ed Nijpels en Frank de Grave verbonden zich aan DSB. Hun reputatie staat op het spel.

Lees meer van Erica Verdegaal via nrc.nl/nrcweekblad