Groenen zijn best aardig maar wel on-Grieks

Wie in Griekenland ook maar een beetje begrip toont voor Macedonië, krijgt de wind van voren. Dat ondervonden ook de Griekse ecologen.

De Griekse Groenen, die zich liever ecologen noemen omdat groen al de kleur is van de socialistische partij, scoorden aardig bij de Europese verkiezingen in juni. Voor het eerst kregen ze een zetel in het Europees parlement, ingenomen door hun voorzitter Michalis Tremopoulos.

Dat zag er dus prima uit voor de parlementsverkiezingen van 4 oktober jongstleden. De lijsttrekker, chemicus Nikos Chrysojelos (letterlijk: Gouden Lach) verwierf bekendheid toen hij mocht aanzitten bij het grote televisiedebat van de partijleiders. Een populaire acteur, Andonis Kafetsopoulos, leek eveneens in de wieg gelegd om stemmen te trekken. Hij speelde de hoofdrol in de onlangs op het Filmfestival van Locarno bekroonde film Academie van Plato over een racistische, op buitenlanders scheldende Griek die erachter komt dat hij zelf een Albanese moeder heeft.

En toch bleef de milieupartij bij de parlementsverkiezingen net onder de kiesdrempel van 3 procent. De laatste tijd was er behoorlijk (of onbehoorlijk) stemming tegen gemaakt van extreem-rechtse, nationalistische zijde. Het ging rechts niet om het ecologische element, maar omdat de leiders, en vooral Tremopoulos, on-Grieks gezind zouden zijn. „Ze zijn best aardig”, zei mij een zelf ook aardige kelner, „maar ze zeggen dat Macedonië niet Grieks is”.

Dit gaat terug op het feit – waar de partij zich juist op voorstaat – dat Tremopoulos al in de jaren negentig heeft gepleit voor een samengestelde naam voor de verwenste aangrenzende republiek, zoals bijvoorbeeld Noord-Macedonië. Een oplossing waar de twee grote partijen nu, vijftien jaar later, ook voor zijn, mits ze door alle landen wordt gebruikt.

Skopje wil zo’n naam alleen toepassen bij onderling bilateraal contact. Bij het nationaal televisiedebat, waar journalisten vragen mochten stellen, gingen maar liefst drie van de vijf vragen over de „Macedonische kwestie” en hoe zuiver op de nationale graat Chrysojelos wel was. Grieken zijn tegen het gebruik van de naam Macedonië en blokkeren daarom de toegang van de voormalige Joegoslavische republiek tot de NAVO en de Europese Unie.

Tremopoulos heeft het in de ogen van de ultra’s nog bonter gemaakt. Zelf afkomstig uit de ‘Macedonische hoofdstad’ Thessaloniki, heeft hij er in een grijs verleden aan herinnerd dat de stad, toen zij in 1912 door de Griekse legers op het Ottomaanse Rijk werd veroverd – wat nog elk jaar feestelijk als ‘bevrijding’ wordt herdacht – niet bepaald Grieks kon worden genoemd. Zij bestond voor hooguit 25 procent uit Grieken, de overigen waren Turken, Bulgaren en vooral joden. Maar wie daaraan herinnert, is niet vaderlandslievend.

Het is nog erger. Begin jaren dertig, toen er een Grieks-Turkse toenadering opbloeide en de Griekse premier Eleftherios Venizelos er zelfs toe overging Mustafa Kemal Atatürk voor te dragen voor de Nobelprijs voor de vrede, werd in Thessaloniki een straatje genoemd naar de stichter van de Turkse republiek. Dit straatje leidde naar zijn geboortehuis dat ook toen al dienst deed als Turks consulaat. Veel toeristen, vooral Turken, brengen er een bezoek.

Kort na de grote pogrom van 6 september 1955 op de Grieken van Istanbul en Izmir is besloten deze straatnaam te veranderen. Tremopoulos nu heeft zich verstout, ook alweer jaren geleden, te pleiten voor herstel van de oude situatie. Het sensatieblad Espresso herinnerde er met grote opmaak aan en toen de grijze dichter Nanos Valaoritis het hoorde zegde hij zijn lidmaatschap van de Ecologische Partij op. Het lijdt geen twijfel of de kiesdrempel zou zonder al deze aanvallen tijdens de verkiezingscampagne zijn overschreden.

De nieuwe socialistische premier Jorgos Papandreou, die misschien iets goed wilde maken, heeft bij zijn kabinetsvorming het kersverse ministerie van Milieu, Energie en Klimaatsverandering aangeboden aan Chrysojelos. Maar de partijleider heeft dit aanbod afgeslagen. Daarover is in de gelederen van de partij het laatste woord nog niet gezegd. Velen spreken van een „gemiste kans”, anderen van een voorstel waarvan de acceptatie grote risico’s zou hebben ingehouden.