De stelling van Lucas van Eeghen: Verkoop gezonde onderdelen van DSB aan de gezamenlijke banken

Het is onverstandig aan te sturen op een faillissement van DSB Bank als geheel, zegt Lucas van Eeghen tegen Roel Janssen. Beter is het om de ongezonde delen af te stoten, en de gezonde delen te laten opgaan in een nieuwe bank.

Ervan uitgaand dat de rechter maandag het faillissement van DSB zal uitspreken. Wat gebeurt er dan?

„Dan gaan de curatoren de boedel liquideren. Ze moeten ervoor zorgen dat de schuldeisers zoveel mogelijk uitbetaald krijgen. Als ze moeten procederen met alle ontevreden klanten, kan het wel tien jaar duren.”

U heeft veel ervaring met faillissementen. Hoe verbaasd was u toen afgelopen weekeinde het doek voor DSB viel?

„Ik heb nooit eerder meegemaakt dat een bedrijf zo snel onderuitging. Het heeft ermee te maken dat DSB een bank is. Een bank is afhankelijk van de beschikbaarheid van de middelen van spaarders en zodra die hun vertrouwen in een instelling verliezen, is het afgelopen.”

Zo maakte Nederland kennis met een elektronische bankrun.

„Het begon met de publiciteit rond de hypotheken en de koopsompolissen. Aanvankelijk was er niet zoveel aan de hand, al was het wel duidelijk dat de koopsompolissen een echt hoofdpijndossier zijn. In de tophypotheken zit minder ellende. De klanten van DSB hebben dat geld geleend om een huis te kopen, en dat geld zal op de een of andere manier, al is het gedeeltelijk, terugkomen. Vervolgens heeft De Nederlandsche Bank aan de rechter gevraagd om onder toezichtstelling van DSB. Ik weet niet wíé er gelekt heeft, maar het is zeer opmerkelijk dát dit is uitgelekt. Al voordat de rechters uitspraak hadden gedaan. Dat is een grof schandaal. En het is de nekslag geweest.”

Denkt u dat anders DSB nu nog volop in bedrijf zou zijn geweest?

„DSB was niet verliesgevend en had de vertrouwenscrisis vermoedelijk kunnen overleven. Het was beter geweest als de bank was blijven bestaan, want dan had men tijd gehad om de problemen bij de provisies op de koopsompolissen op te lossen. Nu moeten de curatoren alles liquideren. Gewoonlijk betekent liquidatie dat de bezittingen van een bedrijf moeten worden afgewaardeerd tot een kwart van het bedrag waarvoor ze in de boeken staan. Bij banken is dat hoger dan een kwart, maar er is altijd een verlies. Bovendien raak je de infrastructuur en de kennis van de medewerkers kwijt. Dat geeft alleen maar ellende. Ook voor alle andere banken en de Nederlandse staat.”

Sommigen wilden DSB willens en wetens kapot krijgen.

„Het is irrationeel wat er is gebeurd. De Stichting Hypotheekleed (de stichting van Pieter Lakeman, red.) speelde het ongemeen hard. Wilde men niet onderhandelen met de persoon Scheringa? Dan gaat het heel ver om aan te sturen op een faillissement van de bank als geheel. Dat is een heel grof middel.”

Minister Bos zei deze week herhaaldelijk dat DSB niet levensvatbaar was.

„DSB bevond zich nog in het proces om een degelijke bank te worden. Zover was het niet. Zo zijn er grote bedragen aan Scheringa en zijn beheers-bv geleend. Aan de bv zo’n 70 miljoen euro. Nu DSB is omgevallen, is het de vraag of hij dat kan terugbetalen.”

Vier jaar geleden heeft De Nederlandsche Bank wél een bankvergunning afgegeven. Heeft men daar spijt van gekregen en daarom ingegrepen?

„De Nederlandsche Bank kan alleen achter de feiten aanlopen. Men had een probleem. De spaarders liepen weg, de liquiditeit (direct beschikbaar geld, red.) stond onder druk, maar bevond zich begin deze maand nog binnen de marges. De solvabiliteit (financiële draagkracht, red.) is moeilijker in te schatten. De claims van gedupeerden op de koopsompolissen zouden daar een aanslag op doen. Wat zijn die claims waard? Daar kun je nog geen zinnig woord over zeggen. Maar zodra een bank niet meer liquide is, houdt het op.”

Bos en Wellink hadden DSB kunnen nationaliseren, zoals ze met ABN Amro en Fortis hebben gedaan.

„DSB is geen systeembank.”

Of is het een vorm van klassejustitie? Ze redden de bank van de elite en laten die van een volksjongen omvallen.

„Het redden van een grote bank is geen kwestie van rechtvaardigheid. Je hebt als overheid geen keuze. Als een grote bank omvalt, sleept die de hele economie mee in zijn val. Dat hebben we gezien bij Lehman Brothers.”

Scheringa is Lehman Brothers in Wognum...

„DSB is een relatief kleine consumentenbank en maakte geen deel uit van het internationale netwerk van gecompliceerde financiële producten. Klanten koesterden wél de verwachting dat hun geld er veilig was. De val van DSB maakt de kwetsbaarheid zichtbaar van alle banken. Mensen kunnen zich gaan afvragen of ze nog wel geld op een bankrekening willen hebben. In die zin heeft wat er nu gebeurd is met DSB alles te maken met de financiële crisis. Zonder financiële crisis was het vertrouwen nooit zo snel en op zo grote schaal omgeslagen in paniek.”

Stel u was aangesteld als curator. Wat had u gedaan?

„Voor het spaargeld dat bij DSB staat, is de garantieregeling (tot 100.000 euro, red.) van kracht. Deze regeling wordt betaald door de gezamenlijke banken. Ik schat dat het bij DSB gaat om ruim 2 miljard euro. Dat bedrag moeten de banken hoe dan ook betalen. In plaats van die 2 miljard uit te keren aan de spaarders, kunnen de banken dat bedrag ook in een nieuwe vennootschap steken. Een ‘Gemeenschappelijke Bank NV’, waarin alle Nederlandse banken, de grote én de kleine, deelnemen. Ze storten dat bedrag in een nieuwe vennootschap. Die nieuwe bank neemt de spaarrekeningen over en koopt met het gestorte plus wat extra geleende geld de gezonde onderdelen van DSB op.”

Geen van de grote banken die afgelopen weekeinde werden gepolst en eergisternacht met Scheringa onderhandelden, wilde DSB kopen. Waarom zouden ze dit met z’n allen wel doen?

„Alle hoofdpijngevallen laat je achter in de failliete bank. Daar maak je een bad bank van die de ongezonde delen bevat: de slechte hypotheken, de claims op de koopsompolissen en de slechte vorderingen. De curatoren proberen die vervolgens zo goed mogelijk te verkopen of af te wikkelen. Maar de gezonde delen van DSB heb je er uitgehaald, plus de infrastructuur, het gebouw, de website en de kennis van de medewerkers. De nieuwe bank kan doorgaan. In Wognum zal men daar ook blij mee zijn.”

Voor de schuldeisers blijft er dan toch niets over?

„Nee, er hoeft niets te veranderen. De failliete bank is een hoop schuldeisers, namelijk de spaarders, kwijt. Daarvoor in de plaats krijgt men als schuldeiser de Gemeenschappelijke Bank die de spaarrekeningen overneemt. De Gemeenschappelijke Bank neemt in feite de vorderingen van de spaarders in het faillissement over. De curatoren incasseren een reële prijs voor de verkoop van de gezonde onderdelen aan de nieuwe bank, plus wat de curatoren nog voor alle slechte delen krijgen. Dat totaal moet verdeeld worden onder iedereen die dan nog een claim op DSB heeft, inclusief de gedupeerden en de nieuwe Gemeenschappelijke Bank.”

Als het zo makkelijk is, waarom is het dan niet gebeurd?

„Scheringa zelf had er natuurlijk geen belang bij. Want dan had hij onder ogen moeten zien dat zijn aandelen in DSB niets meer waard zijn. Maar de belangrijkste vraag is of het mogelijk is de goede en slechte onderdelen te ontvlechten. Het kan juridisch lastig zijn de koopsompolissen te scheiden van de hypotheken. Als de goede kredieten en hypotheken op grote schaal contractueel verknoopt zijn met de koopsompolissen, dan wordt het moeilijk. Bijvoorbeeld als een gedupeerde de schade van zijn koopsompolis kan verrekenen met een lening die hij moet terugbetalen.

„Dan hou je niets meer over. Maar men had geen tijd om dit allemaal uit te zoeken. In één weekeinde een bank overnemen, kan niet. Je kunt niet alles overzien, daar is een bank te complex voor.”

Hadden Bos en Wellink dit moeten proberen?

„Ja, en dat geldt ook voor de banken. Voorzover ik weet is men uitgegaan van de verkoop van de hele onderneming. Daarbij vroegen de banken aan de staat een garantie voor de risico’s tot 5 miljard. Dat was onhaalbaar. Bovendien verwachtte men dat de mededingingsautoriteiten er kritisch naar zouden kijken. Ik kan mij voorstellen dat de staat niet het afvalputje wilde worden en dat geen enkele bank de overname met alle rotzooi erbij wilde doen.”

Het is nu uitgelopen op een juridische en financiële soap in afleveringen.

„Men had moeten kiezen voor de verkoop van onderdelen van het bedrijf in plaats van het hele bedrijf. In vaktermen heet dat een ‘activa-passiva transactie na faillissement’, een beproefde methode. Je krijgt het snel van de grond. Ik ben ervan overtuigd dat de spaarders en rekeninghouders van DSB er direct mee akkoord gaan. Als De Nederlandsche Bank meewerkt, krijgen ze weer toegang tot hun rekeningen. Voor de gezamenlijke banken is het ook interessant. Ze moeten binnen drie maanden 2 miljard ophoesten voor het garantiedeposito van het spaargeld. Als je dat geld voorlopig tóch kwijt bent, kun je het beter gebruiken om daarmee een nieuwe, gezonde bank op te zetten.”

De gedupeerden zullen zich beklagen, want die blijven in de failliete boedel achter.

„Er zullen altijd ongelukkige klanten blijven. Met name als ze hoge hypotheken hebben die zijn gekoppeld aan dure koopsompolissen.”

Kun je die klanten voorrang geven bij de afwikkeling van de boedel?

„Je kunt bij een faillissement geen onderscheid maken waarbij de ene gedupeerde zieliger is dan de andere. Alle rechten op uitbetaling van claims zijn gelijk.”

Maar als alle goede onderdelen eruit zijn gehaald, blijft er rotzooi over.

„Voor de goede onderdelen wordt betaald. Daar kan de curator zelfs wat extra voor vragen, omdat er winstpotentie in een opgeschoonde bank zit. Je moet het wel snel doen. Een doorstart na een faillissement moet bij een bank in een paar dagen of hooguit een week rond zijn.

„Daarna ben je de klanten kwijt en is er geen bank meer. Ik ben bang dat het nu al te laat is.”