Tan Dun breekt de kooi van de traditie open

Klassiek Kon. Concertgebouworkest o.l.v. Tan Dun, m.m.v. Lang Lang, piano. Werk van Tan Dun en Debussy. Gehoord: 15/10 Concertgebouw A’dam. Herh: 16/10. * * * *

Oost en west, yin en yang, filosofie en fantasie, techniek en vrijheid, zelfontwikkeling en tomeloze energie. Dat zijn de ingrediënten waaruit taoïst Tan Dun, de beroemdste componist van China, put om muzikaal met water en vuur te spelen in een zee van kosmische klanken waarin alles samenhangt zonder te stagneren.

Tijdens de Nederlandse première van zijn Four secret roads to Marco Polo veranderde het statige Concertgebouworkest gisteravond in een wat onwennige troep muzikale avonturiers, die in de voetsporen van Tan Dun de zijderoute aflegden in omgekeerde volgorde.

Opgesteld in een halve cirkel rondom de helder dirigerende componist imiteerden de twaalf cellisten met versnellende glissandi de karakteristieke klank van Chinese snaarinstrumenten, terwijl hun collega’s zich uitleefden in een gestroomlijnde mix van vertrouwde en nieuwe klanken uit alle windrichtingen. Beurtelingse improvisaties sloten de cellisten af met woeste kreten. De kooi van de traditie brak open en het publiek raakte in verrukking over Tan Duns rituele eredienst aan de globalisering van de cultuur.

Als een oase van rust en meditatie droomde Lang Lang, de beroemdste pianist van China, daarna weg in onorthodoxe maar poëtische impressies van enkele Preludes voor pianosolo van Debussy.

De onstuimige kanten van de virtuoze Lang, inspiratiebron van Tan Duns Pianoconcert ‘The Fire’, kwamen overtuigend naar voren in de Nederlandse première van dit werk, waarin schijnbare tegenstellingen uit de Oosterse vechtkunst – koelbloedig van buiten, gloeiend van binnen, of juist omgekeerd – worden uitgewerkt in fascinerende dialogen tussen solist en afwisselend op de voorgrond tredende strijkers, blazers en slagwerkers uit het orkest.