Mijn mobiel, mijn huissleutels en mijn relativeringsvermogen

Dit is mijn laatste column voor ik met zwangerschapsverlof ga. Dat is op zich een makkelijke zin om op te schrijven, maar ik heb er heel veel moeite mee.

Voordat ik zwanger werd, dacht ik dat ik moeiteloos zou kunnen doorwerken tot een kwartier voor mijn bevalling.

Nu weet ik dat dat idee niet klopte. Zoals ik gisteren schreef, verweek ik aan alle kanten. Ook in mijn hersenen. Zo kon ik gisteren tijdens het schrijven heel lang niet op het woord ‘vullen’ komen. Op zich niet zo’n moeilijk woord, maar ik was het kwijt. Net zoals ik de laatste tijd vaak mijn mobiel, mijn huissleutels en mijn relativeringsvermogen kwijt ben.

Het wordt dus tijd voor verlof: op de bank liggen en lang en intensief nadenken over zoiets als babybehang. Daar heb ik ook wel zin in.

Maar ik vind het moeilijk om te stoppen met mijn column. Toen ik zwanger wilde worden, dacht ik de hele dag: ‘Baby. Baby. Baby. Baby.’ Of eigenlijk dacht ik: ‘BABY. BABY. BABY. BABY!!!’ Ik maakte in de hoop op een baby allerlei hysterische deals met de Natuur: ‘Als ik een baby krijg, zal ik nooit meer zeuren over dingen als werk, geld, of erkenning. Als ik een baby krijg, ben ik compleet tevreden en trek ik me gerust terug in een klein rood houten huisje met een eenpitsgasstel, en loop ik ’s ochtends wel een krantenwijk. Echt, Natuur. Echt.’

Dat blijkt toch anders te liggen. Natuurlijk vind ik het wezen in mijn buik nu al de liefste en belangrijkste van de wereld. Natuurlijk springt mijn hart op als ik de baby, zoals afgelopen maandag, op een echo zie. (Hij zoog op zijn duim terwijl hij op zijn hoofd stond. Nu al zo getalenteerd!)

En toch. Als je het leuk vindt om elke dag in de krant te staan met een column en een driehoekige foto, en als je dat al drieënhalf jaar dagelijks doet, dan verdwijnt die behoefte niet ineens als je een kind krijgt. Ondanks alle baby-baby-gedachten die ik het afgelopen jaar heb gehad, blijk ik zowaar nog iets anders belangrijk te vinden: werk.

Maar goed. Als je niet meer op het woord ‘vullen’ kunt komen, is er iets aan de hand. Dus ik ga op de bank liggen. En ik ga jullie, lezers, missen, al ken ik jullie niet allemaal persoonlijk. Tot over een paar maanden.

Tijdens haar zwangerschapsverlof wordt Aaf vervangen door verschillende auteurs. Maandag begint Renske de Greef.