Kleine banken vallen als dominostenen, de grote profiteren

Life is unfair, zo constateerde John F. Kennedy in 1962 al. Hoe vaak zal Dirk Scheringa dat deze week wel niet verzucht hebben? Precies een jaar geleden werden de grote banken en verzekeraars met miljarden van de Nederlandse belastingbetaler overeind gehouden. Die werden door minister Bos (Financiën) te groot, te complex, onderling te zeer verbonden, te internationaal of te zeer met de politiek verbonden geacht om failliet te laten gaan. Hoewel Scheringa met name aan dat laatste aspect veel aandacht had besteed – alle VVD-coryfeeën zaten in zijn stal – viel toch het doek voor zijn bank.

Ook in de Verenigde Staten vallen kleine banken als dominostenen om. Dit jaar alleen heeft de Federal Deposit Insurance Corporation (FDIC) al honderd banken onder curatele geplaatst en beslag gelegd op hun bezittingen. De reeks faillissementen onderstreept de groeiende kloof tussen de kleine en grote banken en financiële instellingen in de Verenigde Staten, zoals Goldman Sachs en Citigroup, die volop profiteren van de lage kortetermijnrente en de expliciete garantie van de Amerikaanse overheid. Maar volgens de kersverse Nobelprijswinnaar Oliver Williamson is er geen eenvoudige uitweg uit het too-big-to-fail-dillema.

Dat is des te problematischer in Europa, waar, anders dan in de VS, geen sprake is van een centrale begroting. Banken zijn internationaal bij leven, maar lokaal in de dood. En de zakken van sommige overheden zijn gewoonweg niet diep genoeg om een bank overeind te houden. Daar weet IJsland alles van. Een bank die te groot is om failliet te gaan kan ook te groot zijn om gered te worden.

Maar niet alleen de kloof tussen kleine en grote banken groeit. Ook de kloof tussen financiële instellingen die met overheidssteun overeind worden gehouden en ondernemingen die het zelf weten te rooien, groeit. Afgelopen maandag luidde de bestuursvoorzitter van verzekeraar Delta Lloyd, Niek Hoek, de noodklok in de Financial Times. De Nederlandse verzekeraar, die in handen is van de Britse verzekeraar Aviva, waarschuwde dat de Nederlandse overheid een strategie moet hebben om de financiële steun aan de grote financiële instellingen terug te trekken zodat weer een level playing field ontstaat.

„De vrees is dat de Nederlandse overheid nog geruime tijd haar hand in de financiële sector houdt”, aldus Hoek. „Wanneer worden de normale concurrentievoorwaarden hersteld?” vraagt de CEO van Delta Lloyd zich af in de Britse zakenkrant. Delta Lloyd is de enige verzekeraar die de crisis doorstaan heeft zonder vorm van overheidssteun. Financiële instellingen die geen staatssteun ontvangen, zoals de Rabobank, moeten nu concurreren met rivalen als ABN Amro en ING, die dankzij de overheidssteun aantrekkelijke spaarproducten kunnen aanbieden.

Voor de Rabobank zijn de druiven extra zuur. De staat garandeert via de depositogarantieregeling dat spaarders maximaal 100.000 euro terugkrijgen als hun bank failliet gaat. Naar verwachting gaat het bij DSB Bank om een slordige 1,2 miljard euro. De andere banken draaien voor deze kosten op. De bijdrage van iedere bank hangt af van het marktaandeel op de spaarmarkt. Rabobank is met 43 procent marktleider. Concurrenten ING en ABN Amro hebben een geschat marktaandeel van respectievelijk 28 procent en 25 procent.

Volgens Kenneth Rogoff, hoogleraar economie aan Harvard en voormalig chief economist bij het IMF, is het de hoogste tijd om maatregelen tegen de banken te nemen. Die kunnen nu vrijwel kosteloos geld lenen en gemakkelijk winst maken door te investeren in risicovolle activa. Immers, iedereen weet nu zeker dat als de zaken fout gaan, er een bail-out zal volgen. Er is een moral hazard van jewelste ontstaan.

Dat vertaalt zich in hogere bonussen in de financiële sector. Grote Amerikaanse banken zijn op weg om hun werknemers dit jaar 140 miljard dollar te betalen, een recordbedrag. Het laat zien hoe halfwassen de maatregelen van de regering-Obama zijn om de bonussencultuur van Wall Street in te perken. Werknemers in de top-23 banken, hedgefondsen en vermogensbeheerders zullen dit jaar meer verdienen dan in het recordjaar 2007, aldus The Wall Street Journal.

Ondanks het strijdvaardige communiqué dat de G20 vorige maand in Pittsburgh uitvaardigde, is het twijfelachtig of er daadwerkelijk op korte termijn een internationaal akkoord zal worden bereikt over de herziening van het financiële stelsel. Bloomberg News berichtte woensdag dat de directe adviseurs van de Amerikaanse minister van Financiën, Timothy Geithner, vorig jaar miljoenen dollars hebben verdiend op Wall Street. Dezelfde mensen die erop moeten toezien dat de bonussen voor de Wall Street bankiers worden beteugeld, hebben eerst zelf jarenlang miljoenen geïncasseerd.

Als de VS niet meewerken aan een hervorming van het internationale financiële stelsel, waaronder een beperking van de bonussen, dan zal ook het Verenigd Koninkrijk onwillig zijn om in Europees verband afspraken te maken. Er zal dan weinig veranderen ten opzichte van de situatie van voor de financiële crisis. Alleen is de kans op een nieuwe crisis wel toegenomen.

Begin dit jaar droomde Dirk Scheringa van een toekomst als minister van Financiën, zo bleek uit een interview in de Volkskrant. De Partij Van Verongelijkten (PVV) zal hem ongetwijfeld met open armen ontvangen.

Reageren kan op nrc.nl/mees (Reacties worden openbaar na beoordeling door de redactie.)