Is Dracula teruggekomen om wraak te nemen?

Dacre Stoker en Ian Holt: Dracula. De ondode. Vertaling Gerard Grasman. Mynx, 460 blz. €19,95

De boekenwereld kent een nieuwe lucratieve trend: klassiekers krijgen na jaren een vervolg dat door een andere dan de oorspronkelijke schrijver is geschreven. Zo keerde Milne’s Winnie-the- Pooh terug naar het Honderd-Bunders- Bos en is onlangs Bram Stokers Dracula. De ondode passend, herrezen. Er zal weinig bezwaar zijn tegen een Dracula- vervolg. De hiaten in Stokers Dracula (1897), deels veroorzaakt door de epistolaire vorm met veel verschillende brief- en dagboekfragmenten en voortdurend wisselende vertelperspectieven, schreeuwen om een creatieve opvulling. Achterachterneef Dacre Stoker en scenarioschrijver/Dracula-kenner Ian Holt hebben dat goed doorzien en besloten daarom enkele jaren geleden de erven Stoker en de oer-Dracula recht te doen.

Als alwetende vertellers hebben zij zich verdienstelijk van hun taak gekweten en met Dracula. De ondode een veelzijdige roman geschreven. Door de verborgen softpornografische beschrijvingen uit het Victoriaanse origineel niet langer te verbergen en het bloed soms expliciet van de bladzijden te laten afspatten, wisten ze het boek ook goed te laten aansluiten op het huidige horror-fantasygenre.

Dat deze Dracula veel genietbaars oplevert ligt aan de vaart waarmee de spannende plot zich ontvouwt. En aan het effectieve spel met de suggestieve grens tussen werkelijkheid en fantasie, dat talloze onheilspellende filmische scènes oplevert met mist, jagende wolken boven ‘zielloze gebouwen’ en ‘bliksem die langs de hemel danst’. Maar het zijn toch vooral de personages, de gekwelde zielen, die het verhaal dragen.

De oude bekenden die Dracula destijds tot stof hebben zien vergaan, worden achtervolgd door hun gruwelijke verleden. Lijden ze aan waanvoorstellingen, versterkt door drank (Jonathan Harker) en morfine (psychiater Jack Seward), of zit de vampier ze werkelijk achterna? Arthur Holmwood heeft een nieuwe identiteit en het monster aldus verdrongen. Maar de Amsterdamse bijgelovige wetenschapper Van Helsing gelooft nog in Dracula en ook Mina, echtgenote van Jonathan, twijfelt geenszins. Het nachtelijke bezoek dat zij ooit aan haar ‘duistere prins’ bracht doet haar zó verlangen naar ‘toen’ dat paranoia zich van haar meester maakt. .Wanneer Seward vervolgens door een duister ongeluk omkomt en er vreemde moorden plaatshebben vraag je je af: ‘is hij teruggekomen om wraak te nemen?’ En zo ja, in welke hoedanigheid? Zijn Van Helsing en Dracula dezelfden? Is Dracula vermomd als de Hongaarse ‘bloedgravin’ Elizabeth Báthory (1560-1614) die in werkelijkheid honderden jonge vrouwen mishandelde? Of verschuilt hij zich achter de gevierde Roemeense acteur Basarab?

Regelmatig word je knap misleid en denk je samen met de morsige inspecteur Cotfold dat Dracula tot het waangebied der hersenen behoort en dat doodsangst, waanzin en bloeddorst logische gevolgen van elkaar zijn die mensen in monsters veranderen. Cotfolds obsessie met het onthullen van de identiteit van de roemruchte Jack the Ripper is een vernuftig uitgedachte subplot die helaas letterlijk in vlammen opgaat. Dat wordt goed gemaakt door de manier waarop Dracula – de plot is vrijpostig verplaatst van 1893 naar 1888 (het jaar dat Jack the Ripper in Londen toesloeg) – en Stoker (als businessmanager) historisch juist door het verhaal heen zijn geweven.

Jammer genoeg spitst de plot zich toe op de klassieke goed-kwaadstrijd en op de intrigerende vraag van wie Quincey Harker nu de zoon is. Een treffen tussen Dracula, die als maatschappelijke outcast niet langer lijkt op Stokers bloeddorstige vampiergraaf, en Mina kan niet uitblijven. Na de spectaculaire, maar ontnuchterende ontknoping staat vast dat Dacre en Holt een lezenswaardig Dracula-vervolg hebben geschreven.

‘Dracula’ van Bram Stoker (vert. Piet Verhagen) is verschenen bij Mynx, 432 blz. €17,95.