Zij zijn hun spaargeld echt kwijt

Sommige gedupeerden lezen nu in de polis van hun achtergestelde deposito dat ze hun spaargeld kwijt zijn.

De Nederlandsche Bank zei dat het goed zat.

Ze had aandelen kunnen kopen van het geld dat ze met haar man had gespaard. Maar dat vond Gerda ten Hoonte (48) uit Heemskerk te risicovol. En dus stalde ze vijf jaar geleden 35.000 euro bij de DSB Bank.

De afspraak was dat ze er tien jaar niet aan kon komen. In ruil daarvoor kreeg ze wel 7,5 procent rente per jaar. Zo zou ze een mooi spaarpotje opbouwen zodat ze tegelijk met haar man van 54 met pensioen zou kunnen.

Een achtergesteld deposito, heette deze spaarvorm. Dat betekende dat als de DSB Bank failliet zou gaan, ze haar spaargeld kwijt zou zijn. En dat ze achteraan in de rij van schuldeisers zou staan. Dat wist Ten Hoonte. „Daar hebben we ook over nagedacht. We hebben toen een weloverwogen beslissing genomen.”

Ze had bij De Nederlandsche Bank nagevraagd of het goed zat met de bank uit Wognum. Ja, ze hadden daar gewoon een bankvergunning en ze stonden onder toezicht. Van problemen was geen sprake. En dat een bank failliet ging? „Dat gebeurde vijf jaar geleden niet.”

Nu is ze haar geld kwijt en ze is kwaad. Op Dirk Scheringa, op Nout Wellink, op Wouter Bos, maar vooral op Pieter Lakeman. Die riep twee weken geleden spaarders op om hun geld weg te halen bij de DSB Bank. Dan zou de bank failliet gaan. Massaal haalden spaarders hun geld weg. In anderhalve week tijd verdween ruim 664 miljoen euro. Afgelopen maandag stelde de rechter op verzoek van De Nederlandsche Bank de zogeheten noodregeling in, wat neerkomt op uitstel van betaling – het voorportaal voor een faillissement.

De spaartegoeden van DSB-klanten zijn inmiddels bevroren. Ze kunnen niet meer bij hun geld. Maar gelukkig voor spaarders is er het zogeheten depositogarantiestelsel van De Nederlandsche Bank. Klanten krijgen hun spaargeld terug, met een maximum van 100.000 euro.

Maar niet al het spaargeld is daarmee veilig. Ruim vierduizend mensen hebben meer dan een ton aan spaargeld bij de DSB Bank gestald. Het bedrag boven de ton zijn ze kwijt. Daarnaast is er een groep van ongeveer 4.500 klanten die een achtergesteld deposito hadden, zoals Gerda ten Hoonte. Hun spaargeld valt niet onder de garantieregeling.

Bert Beuning (57) kwam er eigenlijk dinsdag pas achter wat dat betekende, achtergesteld deposito. Hij had twee jaar geleden 20.000 euro spaargeld over. Hij kon het wel een tijdje missen en besloot het naar een bank te brengen. Door de hoge rente kwam hij bij de DSB Bank terecht.

Ook Beuning vroeg informatie bij De Nederlandsche Bank op over de bank van Dirk Scheringa. Het zat goed, kreeg hij te horen. Beuning had er alle vertrouwen in. Hij kon vijf jaar zijn spaargeld niet opnemen en kreeg daarvoor in ruil 7 procent rente, bijna het dubbele van de gemiddelde marktrente op spaarrekeningen.

En achtergesteld betekende dat het spaargeld vaststond en dat hij aan het einde van ieder jaar rente zou krijgen. Tenminste, dat dacht Beuning. „Ik had er verder eigenlijk niet over nagedacht.” Maar hij heeft de polis nog eens nagelezen. Nu begrijpt hij dat hij zijn spaargeld waarschijnlijk kwijt is.

Veel gedupeerden van de DSB Bank kennen de kritiek. Dat ze zelf stom zijn geweest om hun spaargeld bij de DSB Bank neer te zetten. Verblind door de hoge rentes waarmee de DSB Bank ze lokte.

De hoge rente trok ook Richard Poolman (42). Maar hij had er ook goed over nagedacht, zegt hij. „Ik koos juist voor een deposito omdat ik geen risico wilde lopen met rare beleggingen.”

Eind 2006 opende hij voor zijn twee kinderen twee depositorekeningen van 5000 euro per stuk. In 2007 besloot hij ook om zijn eigen spaargeld bij de DSB Bank te stallen. „Ik vond het wel een mooie bank, van een eigenzinnige ondernemer. En een bank die een licentie van De Nederlandsche Bank heeft, die vertrouw ik wel tien jaar mijn geld toe.” Dus zette hij in totaal 100.000 euro bij de DSB op een achtergestelde rekening. De afgelopen twee weken zag hij hoe de DSB Bank langzaam in elkaar stortte. En hij zag langzaam zijn geld verdwijnen. „En ik kon helemaal niets doen.”

Alle drie de gedupeerden hebben zich aangesloten bij de Stichting Meldpunt Collectief Onrecht. Bert Beuning hoopt dat iemand Lakeman en Scheringa persoonlijk aansprakelijk stelt. „Die Scheringa heeft toch een vermogen van 285 miljoen euro?” Hij heeft zich aangesloten bij de Stichting Meldpunt Collectief Onrecht, die onder andere Lakeman wil aanklagen. „Ik weet niet wat ze precies gaan doen. Dat wacht ik wel af.”

Ook Gerda ten Hoonte wil dat de stichting Scheringa en Lakeman financieel gaat „uitkleden”. Dat Scheringa bijvoorbeeld zijn mooie woonboerderij uit moet. „Dat zou rechtvaardig zijn. Laat hem ook maar eens op een flatje drie hoog wonen.” En Richard Poolman wil dat ook De Nederlandsche Bank schuldig wordt verklaard. „Die hebben ook gefaald. Zij hadden veel eerder moeten ingrijpen als er dingen niet goed zaten.”