Wijsheid

’s Ochtends in alle vroegte pleeg ik een fikse wandeling te maken. In de ochtendschemer komen fietsend twee mannen me achterop. Luid pratend over de grote zaken in deze wereld. „Het lijkt me goed om toch maar te stoppen op je 65ste. Dan wil het toch niet zo goed meer en weet je het ook

’s Ochtends in alle vroegte pleeg ik een fikse wandeling te maken.

In de ochtendschemer komen fietsend twee mannen me achterop. Luid pratend over de grote zaken in deze wereld.

„Het lijkt me goed om toch maar te stoppen op je 65ste. Dan wil het toch niet zo goed meer en weet je het ook niet zo goed meer.”

„Ja, voordat je het weet laten ze na hun 65ste banken omvallen.”

Vervuld van deze wijsheid van de straat vervolg ik mijn weg. Over een paar jaar, dan ben ik het ook.

Lieuwe Durksz