Verjaardag

Sergej Michajlovitsj DInsdag was ik bij mijn vriend Sergej Michajlovitsj op bezoek, een gepensioneerde hoofdingenieur van de eeuwenoude Stanislavski elektriciteitskabelfabriek in de Tagankawijk. Met zijn 86-jarige moeder woont hij op een tweekamerflatje van 30 vierkante meter aan het eind van mijn straat. En daar vierde hij die middag zijn 61-ste verjaardag.Tegen vijf uur kwam ik

Sergej Michajlovitsj
Sergej Michajlovitsj

DInsdag was ik bij mijn vriend Sergej Michajlovitsj op bezoek, een gepensioneerde hoofdingenieur van de eeuwenoude Stanislavski elektriciteitskabelfabriek in de Tagankawijk. Met zijn 86-jarige moeder woont hij op een tweekamerflatje van 30 vierkante meter aan het eind van mijn straat. En daar vierde hij die middag zijn 61-ste verjaardag.Tegen vijf uur kwam ik aanzetten. Ik had voor Sergej Michajlovitsj, die een kenner van de Russische en Moskouse geschiedenis is, een onlangs verschenen fotoboek gekocht over het Moskou van de jaren dertig en de biografie van Stalins beul Nikolaj Jezjov. Welkome cadeaus, zoals bleek. ,,Jezjov was een slecht mens”, zei de moeder van Sergej MIchajlovitsj, Aleksandra Ivanovna, een krachtige, diepgelovige vrouw. ,,Door dat soort lieden ben ik nooit lid van de Communistische Partij geworden. Dan maar geen carrière.”

Net als haar zoon, heeft ook zij tot aan haar pensionering in de Stanislavskifabriek gewerkt, als arbeidster. ,,En daarom ben ik ook zo oud geworden”, zei ze grappend. ,,De arbeidersklasse is het sterkst.”

Samen leven ze van een pensioen van 13.000 roebel, zeg maar 300 euro, per maand  (Sergej Michajlovitsj heeft 8.000 roebel, zijn moeder 5.000) en ze kunnen er van rondkomen, want ze leven zuinig. Maar omdat het feest was had Aleksandra Ivanovna een geweldig maal bereid. De eettafel in het met boeken volgestouwde woonkamertje stond vol Russische lekkernijen, zoals met suiker en azijn gemarineerde haring op een bedje van bietjes, vlees in gelei en heerlijke appeltaart van Antonovka-appels. Behalve mij en mijn vrouw, die wat later kwam, was er een neef van Sergej MIchajlovitsj op verjaarsbezoek, Kolja. Hij was ook een ingenieur, maar dan een die eigenlijk filmregisseur had willen worden en daardoor alles van films wist.

Sergej MIchajlovitsj leeft gescheiden van zijn vrouw Svetlana, die drie verdiepingen hoger in het flatgebouw woont. ,,Onze karakters zijn te verschillend”, zegt hij altijd. ,,Er is met haar niet samen te leven.” Maar ze houden wel van elkaar, wat te horen was toen Svetlana, een beeldschone lerares Engels, hem opbelde om hem te feliciteren met zijn verjaardag. ,,Jammer dat ze ze zo onmogelijk is”, zei hij glimlachend.

Zo’n Russische verjaarspartij is een van de leukste gebeurtenissen in dit hartelijke land. Zo ook bij Sergej Michajlovitsj en zijn moeder. Na de eerste felicitatietoespraak, die aan mij te beurt viel en waarin ik vertelde dat ik zo blij was dat ik de jarige en zijn moeder had leren kennen en dat het zo heerlijk was om bij hen te komen en dat ik hoopte dat dit nog vaak zou gebeuren, begonnen we te eten. Aleksandra Ivanovna heeft altijd iets dwingends wat dat eten betreft en zegt voortdurend tegen me: ,,Eet, Misja, eet, je moet eten mijn zoon.” Het had iets ontroerends, omdat het bevel met zoveel liefde gepaard ging en ik me even echt haar ondervoede kind voelde en dus stevig doorat. De Russische gastvrijheid is bijzonder, concludeerde ik voor de zoveelste keer.

Tijdens dat eten vertelden Aleksandra Ivanovna en Sergej Michajlovitsj over hun leven in de Taganka-wijk, die ze bij wijze van spreken gebouwd hebben zien worden.  Het was een verhaal waarin de hele tragiek van de Russische geschiedenis besloten lag. Aleksandra Ivanovna is een meisje van het platteland, uit de buurt van Smolensk. Toen de Duitsers in 1941 Rusland binnenvielen vluchtte ze met haar twee zusters naar Moskou, waar ze op het Tagankaplein in een kommunalka, een gemeenschappelijke woning, terechtkwamen. ,,Het water kwam uit de put, we kookten op een  houtvuurtje”, zei ze over die tijd.

In de oorlog groef ze loopgraven rond Moskou. Eten was er amper. ,,Het enige dat we hadden waren aardappels.” Ze vertelde het zonder een traan te laten, want ze is een dappere vrouw, zoals zoveel Russische vrouwen van haar generatie. ,,We hebben gebeden en dat heeft geholpen. Want we leven nog.”

Sergej Michajlovitsj vertelde daarna over zijn jeugd in de kommunalka, die in de jaren zestig is afgebroken. Er woonden in totaal  twintig families, sommige met elf kinderen. ,,De vroegere eigenaar van het gebouw woonde er ook nog. Ze was de vrouw van een man die voor de revolutie fortuin had gemaakt met trammaatschappijen en andere vervoersondernemingen. Na de revolutie werd zijn bezit hem afgenomen en hadden ze ineens niets meer, behalve een kamertje in hun vroegere huis, waar ze samen woonden tot de man overleed. ,,Het was een soort museum van de bourgeoisie”, zei Sergej Michajlovitsj. ,,Ze had van alles bewaard wat aan het Rusland van voor de revolutie herinnerde. Kleding, foto’s, meubels, juwelen. Maar het mooiste was nog het vat 100 jaar oude wodka, dat we na haar dood in haar kamer aantroffen.”

In 1965 kregen Aleksandra Ivanovna en haar al jaren geleden overleden man Michail de flat toegewezen, waar ze nu met Sergej woont. ,,We kregen de flat van de fabriek en hoefden er niets voor te betalen”, zei Aleksandra Ivanovna. ,,De fabriek was als een vader voor ons.”

Kolja herinnerde zich ook veel over de kommunalka, want ook hij groeide er op. ,,Er woonde ook een blinde jood, die schitterend viool speelde. Straatarm was ie, maar altijd gelukkig met zijn muziek. Het is zo’n cliché dat alle joden rijk zijn, zoals in ons land vaak wordt beweerd. De hele Taganka-wijk zat vol straatarme joden. In de jaren zeventig en tachtig zijn ze allemaal naar Israël geëmigreerd. Ook de goedopgeleide zijn toen vertrokken. De beste artsen, wiskundigen en fysici zijn we daardoor kwijtgeraakt. Een gemis voor ons land, maar we hebben het er naar gemaakt door ze zo te discrimineren.”

Het tafelgesprek ging ook over de in het weekend overleden maffiabaas Japontsjik. ,,Zijn dood was de opening van het televisiejournaal”, zei Kolja. ,,Begrijp je dat nu? Ik schaam me daar gewoon voor. Ik ben benieuwd hoeveel van onze politici naar die begrafenis gaan. En dan begraven ze zo’n boef op de begraafplaats waar onze grote artiesten liggen, gewoon naast Vyssotski.”

,,Laten we ons er maar niet mee bezig houden”, zei Aleksandra Ivanovna toen. ,,Politiek is een smerige zaak. Altijd geweest. Kom, Misja, je moet eten, mijn  jongen. De kip is zo gaar.”