Tanken, plassen, bidden en verder

Vijftig jaar geleden werd de eerste ‘Autobahnkirche’ in Duitsland geopend.

Nu vinden automobilisten 33 kerken langs de Autobahn om tot bezinning te komen.

Ze liggen verscholen tussen bosjes en parkeerplaats of staan juist netjes in de rij van de gebruikelijke voorzieningen langs de oneindige Duitse snelwegen. Kilometers van tevoren worden ze aangekondigd op officiële blauwe borden met een duidelijk pictogram: een zwart kerkje op een wit vlak. Voor wie alleen tankt en het toilet bezoekt een onopvallend detail bij het tankstation. Toch zijn er jaarlijks een miljoen mensen die na het tanken en plassen ook nog even binnenlopen bij een snelwegkerkje of Autobahnkirche. Dit jaar viert deze uitvinding van de christelijke verzekeringsmaatschappij Die Akademie Bruderhilfe uit Kassel haar 50ste verjaardag.

Snel doorrijden naar de plaats van bestemming is gevaarlijk, zo beweert de organisatie al vijftig jaar. Niet alleen het lichaam moet om de twee uur even rusten, zoals verkeersveiligheidscampagnes benadrukken, maar ook de geest. Veel Duitsers weten inmiddels niet beter. Een bezoek aan de Rastplätze für die Seele hoort erbij.

„Wij lopen altijd het kerkje in. Even tanken, plassen en een kaarsje branden. We bidden voor een goede reis of een fijne vakantie”, vertelt Markus Meyer die met vrouw en kinderen de kapel langs de A31 bij Geeste inloopt. De familie en andere bezoekers van de zeer druk bezochte oecumenische kapel Jesus – Brot des Lebens zijn hoogstverbaasd te horen dat Nederland noch enig ander omringend land de geestelijke rustpunten langs de snelweg kent. Drieëndertig zijn het er inmiddels. Niet ver van de Nederlandse grens liggen er vier, onderweg naar het zuiden gaat de rit langs minstens nog eens drie. En het aantal blijft groeien, dit jaar werden twee nieuwe kerkjes ingewijd.

In 1959 werd langs de A2 bij Exter, tussen Osnabrück en Hannover, de eerste kerk omgetoverd tot snelwegkerk. Een gewone dorpskerk die na de aanleg van de snelweg vlak langs de route bleek te liggen. In de jaren daarna kregen meer dorpskerken de functie van snelwegkapel. Op plaatsen waar dit niet mogelijk was, werden kleine huisjes gebouwd in de meest aparte vormen. Rond, puntig, in de vorm van een wigwam of grotendeels van glas. „Het initiatief voor nieuwe kapellen komt meestal vanuit de lokale kerkgemeente. Zij regelen de financiering en melden zich aan bij ons”, aldus een woordvoerster van de Bruderhilfe.

Hoe verschillend van uiterlijk de kerkjes ook zijn, binnen is het er onverdeeld rustig. De dikke kerkmuren ontbreken meestal, maar toch is het er stil en koel. Glas-in-loodramen filteren het licht en de zware deur houdt het geluid van langsrazende auto’s tegen. Op een tafel liggen bijbels in het Duits en soms ook in het Nederlands. Bloemstukken en kaarsjes omringen een Jezusbeeld. Wie wil kan even zitten op een bankje of iets schrijven in het gastenboek.

In de moderne kapel langs de A31 in Emsland lopen de bezoekers in en uit. Het is een drukbezochte kerk aan een parkeerplaats, waar alleen via de snelweg te komen is. De heer Stronks uit het Gelderse Aalten ontdekte het kerkje een jaar geleden. Bij het vervoer van zijn kinderen naar zijn ex-vrouw in Emmen stopt hij altijd even op de parkeerplaats en gaat hij zitten op een houten stoel in het kapelletje. „Hier kom ik weer tot mezelf en kan ik mijn hoofd leegmaken. Het is elke keer heftig als je afscheid moet nemen van je kinderen”, vertelt hij.

Pastoor Michael Papsdorf herkent deze reactie. Hij bestiert het kapelletje Geismühle bij Krefeld vanuit de lokale evangelische kerkgemeente. „Ik lees regelmatig reacties van bezoekers die hier over hun zorgen nadenken en God danken voor het welzijn van familie, vrienden en partners”, zegt hij.

Voor de meeste pastoors is het kapelletje een bijzaak. Ook Papsdorf is er niet vaak te vinden. „Het is een extra service die we onderhouden, naast de reguliere kerkdiensten. Vrijwilligers houden de kapel schoon, zetten bloemen neer en laten kaarsjes branden.” Zo werkt het in Krefeld al sinds 1979. Destijds was het kerkje – met een doorkijk van glas naar het bos erachter – een modern bouwwerk naast een oude molen. Nu ligt het verstopt achter de plaatselijke Burger King en een klein speeltuintje. De meeste mensen lopen er met hun dienblad vol hamburgers en cola aan voorbij en verorberen hun lunch op een van de bankjes voor de kerk.

Niet iedereen zit te wachten op geestelijke rust tijdens een lange autorit. Duitser Markus Dohmann kan het prima af met een ijsje. „Ik ga regelmatig naar de kerk, maar ben nog nooit een snelwegkerkje ingestapt. Een snelweg associeer ik niet met een kapel, die hoort in een dorp of stad te staan. En voor een goede autorit heb ik een bezoek eraan ook niet nodig.”

Toch openen ruim een miljoen Duitsers en reizigers uit omringende landen jaarlijks de deur van een snelwegkapel. In de gastenboeken worden dagelijks reacties achtergelaten. Het is ook niet voor iedereen bedoeld, legt de Akademie-woordvoerder uit. „Het is een service voor gelovigen. Wij zijn ervan overtuigd dat hierdoor minder ongelukken gebeuren.”

En voor wie dit nog niet voldoende is, zijn er boekjes met gebeden en christelijke liedjes voor in de auto, allemaal met als thema ‘onderweg’. En er is een folder beschikbaar, met in zeven talen een zegen voor de reiziger.

Gebeuren hierdoor daadwerkelijk minder ongelukken? Dat is lastig aan te tonen. In Duitsland komen jaarlijks zo’n 4.500 mensen om in het verkeer. De verzekeringsmaatschappij onderzoekt regelmatig het effect van de kerkjes. Uit recent onderzoek naar de identiteit van de bezoeker blijkt, dat zeven procent zich na een bezoek veiliger voelt op de weg.

Ook het nut van een bezoek aan een snelwegkerk is blijkbaar een kwestie van geloven.